De man maakt kleren

0

OnderWeg publiceerde op 7 juli 2018 een themanummer over kleding onder de titel ‘Mooie kleding eert God’. Het haalde in Willem Molemaker sterke herinneringen naar boven.

Het is mijn favoriete plek in huis. In de winkel. In de werkplaats. In het hele pand met gangen en gangetjes, trapjes omhoog en trapjes naar beneden. Soms is het voor mij een doolhof en soms een verstopparadijs.

Mijn favoriete plek is in de werkplaats. Onder de brede en diepe werktafel staat een grote houten kist. In die kist liggen lapjes van allerlei soorten en maten en kleuren. Afkomstig van stoffen uit Engeland en Schotland.

Ik kruip in de kist met stalen en lapjes en flarden en zit in deze zachte wereld. Tussen de bovenrand van de kist en de onderrand van de tafel is voldoende ruimte om alles goed te zien. Vanuit deze luisterpost kan ik ook alles goed horen. Boven mij zit op de werktafel mijn vader. Naast hem zit ome Wim. Beiden zitten ze in kleermakerszit op de werktafel. Ze zitten altijd in de kleermakerszit, want mijn vader en ome Wim zijn kleermakers, net als hun vader Roelof.

Ik zie de naaimachines stil staan, een grote schaar om de stof te knippen ligt bij het draaiwiel. De kachel brandt, ernaast liggen briketten en blokken turf. Boven mij hoor ik de stemmen van mijn vader en ome Wim. Hun leven lang zijn zij al samen en nog lang niet uitgepraat over kerk, staat en maatschappij.

Ineens klinkt de bel, er komt iemand de winkel in. Nog even en dan gaat de deur naar de werkplaats open. Het is de Molukse predikant uit het kamp in Vaassen die binnenstapt. De dialoog van Piet en Wim wordt met deze derde een trialoog. Tussen het praten door wordt er gewerkt. Mijn vader springt van de tafel en loopt naar de paspop en pakt de eerste versie van het jasje. De predikant trekt het jasje aan. De witte rijgdraden zijn zichtbaar vanuit mijn luisterpost. Er wordt gesproken over innemen, over de kraag die goed of net niet goed valt, over afspelden, over de lengte van de mouwen.

Mijn vader heeft een plat stukje krijt in zijn handen om wellicht hier of daar nog een streepje te zetten. Onder handbereik staat de rokkenspuit, een vernuftig apparaatje. In de blaasbalg van de rokkenspuit zit markeerpoeder dat aangebracht kan worden op de stof door in de balg te knijpen. Zo kan mijn vader de juiste horizontale lijn weten. Tussen alle draden en lijntjes en markeringen en spelden gaat het gesprek verder. Het is pastoraat met naald en draad.

Nog één keer zal de man met de bus uit Vaassen komen. Dan zal zijn jasje klaar zijn. Op maat gemaakt. Misschien ben ik er dan ook bij, in mijn luisterpost.

Willem Molemaker is emeritus predikant in de NGK. Lees meer op zijn blog ‘Willem’s Wonderlijke Wandelingen‘.

Delen.

Over de auteur

Laat een reactie achter