Het hart op tafel
- Redactioneel
We moeten praten. Een gezond verband van kerken heeft kerkelijke pers nodig, waarin kerkelijke gesprekken gevoerd kunnen worden. Er moet ruimte zijn om te spreken over zaken die de kerken aangaan, in allerlei toonsoorten, soms vertrouwelijk en persoonlijk, soms ook argumentatief en delibererend. En soms mag het, net als in een goed huwelijk, ook scherp zijn. Is die ruimte voor gesprek en scherpte er niet, dan wordt het benauwend en lijden de kerken als geheel daar schade aan. We moeten dus praten.
We zijn kerk om te aanbidden en te bidden, te vieren en te belijden. Daar zouden we zeker niet op willen bezuinigen, maar daarnaast hebben we dus ook gesprek nodig, omdat het nuttig en zinnig is om gedachten te ontwikkelen, op een rijtje te zetten, te formuleren en uit te wisselen. Door een uitwisseling van gedachten en waar nodig het proeven van elkaars nieren, groeien we, leren we elkaar beter kennen, komt ons hart meer op tafel en ontstaat er meer ruimte.
In het geval van de Nederlandse Gereformeerde Kerken is er gesprek op meerdere niveaus nodig. Omdat het een recent ontstaan verband van kerken is, zijn basale vragen nog aan de orde: wie zijn wij, wat geloven wij? Natuurlijk zitten de belijdenissen in onze bagage, maar naar onze indruk ligt er nog een ruimte open om positie te bepalen, ook qua theologie. Wat is nu eigenlijk de theologische voedingsbodem die het belijden, het vieren, het denken en het leven in de NGK stempelt? Hoe spreken we over verzoening in Christus, zonde en Gods oordeel daarover, verkiezing, schepping en koninkrijk, kerk en wereld, hemel en hel? We hebben de ruimte nodig waarin we kunnen overwegen in welke richting we ons als kerkverband willen ontwikkelen.
Tegelijk speelt ook de vraag naar het hoe van het kerk-zijn een rol. Rond de fusie klonk de zinsnede ‘niet zonder elkaar’. Dat is gelukt. We zijn nu samen onderweg, maar hoe verhouden we ons tot elkaar? Critici hebben de NGK al getypeerd als ‘los zand’. Dat vinden wij te cynisch, omdat we nog veel gemeenschapszin zien en inzet om weerstand te bieden aan vrijblijvendheid. Daar ligt wat ons betreft ook een taak: we hebben ons tot elkaar te verhouden, we hebben met elkaar te spreken, ook over de vraag hoe we gezamenlijk optrekken en wat ervoor nodig is om dat ‘samen’ te continueren.
Omdat we moeten praten is het logisch dat Onderweg een doorstart maakt. Het blad speelde een belangrijke rol bij de fusie en is onder andere daardoor van niet te miskennen betekenis geweest voor de eenwording van de kerken. Het vernieuwde Onderweg zal als digitaal en fysiek medium zich inspannen voor de volwassenwording van het kerkverband, vanuit de aansporing van de apostel: Ik bid dat uw liefde steeds meer aan inzicht en fijnzinnigheid wint, zodat u kunt onderscheiden waar het op aankomt. Dan zult u op de dag van Christus zuiver en onberispelijk zijn, vol van de vruchten van de gerechtigheid, die u dankt aan Jezus Christus, tot lof en eer van God.
