Zwijgen en doorgaan: waarom slachtoffers zwijgen

Marianne Bronsveld | 14 oktober 2026
  • Wisselrubriek

Het duurt lang voordat slachtoffers van misbruik of structureel geweld voor het eerst gaan spreken. Waarom zwijgen zij zo lang? Welke angsten leven er bij slachtoffers en wat kun jij doen om iemand te helpen sneller te spreken?

Een man vertelt na jaren van verbaal geweld en geestelijk misbruik in zijn huwelijk voor het eerst aan een goede vriend wat er zich bij hem thuis afspeelt. Een vrouw vertelt jaren na het seksueel misbruik dat zij heeft meegemaakt voor de eerste keer dat dit een belangrijk en tekenend onderdeel van haar leven is. Een kind heeft al het hele leven te maken met fysiek geweld, maar spreekt er nooit over. Een predikant ging jaren gebukt onder machtsmisbruik door de voorzitter van de kerkenraad, maar spreekt er pas over als hij twee gemeenten verder is. 

Gemiddeld vertellen slachtoffers pas tien tot zestien jaar na misbruik of geweld aan iemand dat er iets aan de hand is of was.

Gemiddeld vertellen slachtoffers pas tien tot zestien jaar na misbruik of (ernstig, langdurig) geweld aan iemand dat er iets aan de hand is of was. Hoe ernstiger en intiemer de feiten, hoe langer het in de regel duurt. Hoe dichter de dader bij iemand staat, hoe langer het duurt voor iemand een ander met het geheim in vertrouwen neemt. We noemen dit ook wel het moment van disclosure (onthulling, red.).

Slachtoffers hebben de neiging om hun omgeving te scannen: is het hier veilig genoeg om mijn verhaal te vertellen? Wordt er op een goede manier omgegaan met mensen die nare dingen hebben meegemaakt? Spreken ze hier respectvol over slachtoffers van onrecht, misbruik en psychisch lijden? Dit is iets waar ieder gemeentelid aan meewerkt en waar dus iedereen invloed op kan uitoefenen. Wil je dat mensen sneller gaan spreken? Begin dan met een respectvolle houding, beproef jezelf en ook de mensen om je heen hierin. 

Als iemand pas na jaren voor het eerst naar buiten komt met het verhaal, is de reactie van de omstanders vaak een reactie vol ongeloof, maar ook vol verwijten. ‘Was dan eerder gekomen’ is een veelgehoorde respons op een ontboezeming van iemand die slachtoffer van geweld is. Het helpt om te begrijpen waarom mensen het moeilijk vinden om hun verhaal te vertellen. Een slachtoffer verlangt naar een begripvolle reactie op het moment dat er disclosure plaatsvindt.

Situaties van geweld moeten zo snel mogelijk worden doorbroken.

Drempels voor disclosure

In 2022 bracht het Centrum Seksueel Geweld in kaart welke drempels mensen ervaren om hun verhaal te vertellen. Slachtoffers van seksueel geweld lopen tegen zes zaken aan, waardoor zij het moment van disclosure uitstellen (ook slachtoffers van andere vormen van geweld ervaren deze drempels als een hindernis). 

  • Slachtoffers ervaren geen steun van hun omgeving of zijn bang om geen steun te ontvangen wanneer zij hun verhaal zullen vertellen. Zij kijken vaak naar hun omgeving en zien hoe er gereageerd wordt op anderen die met een verhaal komen (ook wanneer dit minder complex lijkt) en kunnen daaruit de conclusie trekken dat de omgeving niet adequaat zal helpen. 
  • Slachtoffers ervaren angst voor hun eigen welzijn. Mensen kunnen bijvoorbeeld bedreigd worden door de dader, maar ook bang zijn dat het vertellen van het verhaal zo zwaar zal zijn, dat zij het niet aankunnen. Er is vaak een afhankelijkheidsrelatie met de dader. 
  • Slachtoffers zijn bang voor de gevolgen voor anderen. In de kerk zijn mensen regelmatig bang dat zij de gemeente kapotmaken. Er is vaak een grote loyaliteit naar de dader en spreken kan gevolgen voor hem/haar hebben. 
  • Het is moeilijk om over te spreken en in veel kerkelijke omgevingen is spreken over geweld, seksualiteit en onrecht een taboe. Wanneer iemand spreekt over (seksueel) geweld dat hemzelf is overkomen, is dit heel kwetsbaar en het vraagt van je dat je jezelf klein maakt in de ogen van anderen (je was ergens slachtoffer van). 
  • Dit alles leidt tot schaamte. De schaamte is groot, omdat slachtoffers zich vaak heel kwetsbaar en klein gemaakt voelen. 
  • De meeste slachtoffers geven zichzelf de schuld van het geweld. 
  • Binnen de kerk wordt daarnaast vaak direct gesproken over vergeving, waardoor mensen zich niet durven uitspreken. 

Stel je voor…

Stel je voor dat je slachtoffer bent van huiselijk geweld en dat je partner je regelmatig kleineert en je controleert. Op sommige momenten raap je al je moed bij elkaar en confronteer je je partner met de situatie, maar je partner ontkent, legt alle schuld bij jou en maakt je onder (subtiele) dreigementen duidelijk dat het niet geaccepteerd is dat je de thuissituatie bespreekt met vrienden.

Langzaam ga je geloven dat je echt niets waard bent, dat het aan jou ligt dat de ander je nooit eens een gemeende knuffel geeft en je bent ervan overtuigd dat het bespreken met derden ervoor zal zorgen dat je relatie over is. Dat wil je niet en eigenlijk stelt het niet zoveel voor, toch? Je beeldt het je gewoon in. En als je het aan iemand zou vertellen, wie gaat je dan geloven? Wie gaat jou helpen? En wat gebeurt er met het beeld dat anderen van jouw partner hebben? Dan ligt het straks ook nog aan jou, dat je omgeving niets meer van je partner moet hebben. Of ze willen niets meer met jouzelf te maken hebben. Je zou willen dat iemand je pijn ziet, dat iemand even mee kan kijken en je kan vertellen dat je niet gek bent, maar wie gaat jou geloven? 

Als je zelf nog nooit met geweld te maken hebt gehad, zul je waarschijnlijk bij ten minste één van de bovenstaande gedachten denken: ‘Hè? Maar…’
En toch is dit (of iets heel vergelijkbaars) waar veel slachtoffers van verschillende vormen van geweld doorheen gaan. De mechanismen bij seksueel geweld, fysiek geweld, verbaal geweld, psychisch geweld et cetera zijn hetzelfde: het duurt vaak jaren voordat mensen al deze innerlijke worstelingen naast zich neerleggen of zichzelf er voldoende van kunnen overtuigen dat het wel goed is om te spreken. 

Statistisch gezien heeft in elke gemeente gemiddeld 33% seksueel geweld meegemaakt (bron: onderzoek WODC 2026) en zit in elke kerkbank een slachtoffer van huiselijk geweld (bron: CBS). De verhalen zijn er, maar kunnen ze ook verteld worden?

In het volgende artikel geven we praktische tips over hoe je kunt luisteren naar het verhaal van een slachtoffer.

Over de auteur
Marianne Bronsveld

Marianne Bronsveld is coördinator bij Meldpunt Misbruik in kerkelijke relaties.

Meest gelezen

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
Geen tijd

Geen tijd

Hans van Benthem
  • Column

‘Pa, vind je dat je vroeger genoeg tijd en aandacht voor ons had?’ Ik voel de bui meteen hangen maar reageer met een wedervraag: ‘waarom vraag je dat?’ ‘Nou, ik heb het zelf, geloof ik, best weleens gemist’ is zijn eerlijke antwoord.

Lees artikel
De kerk en radicaal-rechts

De kerk en radicaal-rechts

Redactie
  • Redactioneel

In Nederland likt de PVV haar wonden en leidt de groei van FvD voorlopig nog niet tot regeringsverantwoordelijkheid. Toch blijft extreemrechts in Europa aan de deur kloppen, met de verkiezingswinst voor de Alternative für Deutschland (AfD) in Saksen-Anhalt en andere deelstaten. Marine Le Pen is nog altijd een grote kanshebber voor het Franse presidentschap in 2027. Wat moet de kerk hiermee?

Lees artikel
Beweegredenen uitstroom onder NGK-gemeentepredikanten onderzocht

Beweegredenen uitstroom onder NGK-gemeentepredikanten onderzocht

Louren Blijdorp
  • Kerkelijk leven
  • Werkers in de kerk

In deze rubriek vragen we verschillende inhoudelijk betrokkenen naar de toekomst van betaalde krachten in de NGK, predikanten, kerkelijk werkers. Directe aanleiding hiervoor is het artikel van Bart Folkers over het predikantentekort. De verwachting is dat dit komend decennium zal toenemen. In dit verband onderzocht Folkers berichtgeving rondom het mentaal welbevinden en de soms daarmee gepaard gaande uitstroom van gemeentepredikanten in actieve dienst.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief