Kerk, blijf waar je bent

Jannet de Jong | 10 juni 2016
  • Opinie

Je kunt al bij voorbaat moe worden als je nadenkt over de toekomst van jouw gemeente. Veranderdrift en vernieuwingsdrang lijken onze overlegtafels te regeren. Maar is het niet beter om eerst in vreugde omhoog te kijken? Is het niet een regelrecht wonder dat deze kerk er hier en nu al is? Waar zo gedacht wordt, ontstaat een waarderende gemeente.

Op het symposium ‘Kansen bij krimp’ bemoedigde Henk de Roest, docent praktische theologie aan de Protestantse Theologische Universiteit, de aanwezigen met een nuchtere en tegelijk geestelijke kijk op kerk zijn. Zijn uitgangspunt: kerk, blijf waar je bent!

Een kerk die zich richt op wat haar tot kerk maakt, groeit voor alles kwalitatief. Ze hoeft haar energie niet allereerst te geven aan verandering, verbreding of vernieuwing. Wie let op bijvoorbeeld de brieven van Paulus, ziet dat de (meestal kleine) gemeenten eerst worden overladen met waardering: ze zijn geliefd, ze zijn heilig, ze zijn gerechtvaardigd. Alle op- en aanmerkingen in die nieuwtestamentische brieven staan in dit kader. En deze gemeenten krijgen soms zware kritiek te verstouwen!

In onze tijd is de situatie niet zoveel anders. Kerken krimpen, vergrijzen, kampen met linker- en rechtervleugels of worstelen met een pijnlijk conflict. Je kunt er dan naar verlangen om het helemaal anders te doen en je heil zoeken in een nieuwe structuur, een werkgroep of een activiteit. Maar begin met kijken naar wat je gekregen hebt! Een gemeente die start met waarderen, gaat anders naar zichzelf kijken. Wat hebben we al? Wat maakt ons kerk? Wie heeft ons het geloof gegeven?

Daarbij hoort dat je samen bedenkt en steeds opnieuw bespreekt waar in jouw omgeving je roeping ligt. Natuurlijk kun je je bezighouden met de succesvolle gemeenteopbouwmodellen van andere kerken of de verhalen van bekende pioniers, maar iedere gemeente staat in een eigen omgeving en is ook anders opgebouwd. Wat is de roeping van jouw specifieke gemeente voor jouw specifieke context? Het stellen van deze vraag kan heel vernieuwende antwoorden opleveren!

Geloofsgesprekken

Als je kijkt naar je roeping als gemeente, dan is het belangrijk om aandacht te geven aan de gewone, alledaagse geloofscommunicatie. Want geloofscommunicatie is in zichzelf missionair. We zien geloofscommunicatie in alle kerntaken van de gemeente terug, denk aan pastoraat, catechese, kerkdiensten, diaconaat en rouw- en trouwbegeleiding. Geloofscommunicatie krijgt vorm in het getuigen van de hoop die in je is en is betrokken op heel het geloofsleven. Binnen je kerntaken mag je als gemeente bedenken hoe je mensen bereikt die je nu nog niet bereikt hebt. Missionair gemeente zijn doe je er dus niet naast, maar ben je al: de vraag is steeds hoe en wat je communiceert in al je activiteiten.

Een volgende belangrijke taak voor de gemeente hangt hiermee samen: verhelder wat het voor je samenleven betekent om bij Jezus Christus te horen. Met andere woorden: wat betekent het geloof voor ons? Creëer in de gemeente tijd en ruimte voor geloofsgesprekken tussen jong en oud, binnen gezinnen en in allerlei kleine groepen. En laat de verkondiging gaan over het concrete leven van mensen: relaties, werk, de stad, geld, ziekte en gezondheid, conflicten. Waar zijn gemeenteleden mee bezig in het dagelijkse leven? Waar zouden ze mee bezig willen of moeten zijn? En hoe verbinden ze dat aan hun relatie met God?

Leren en investeren

Wees als waarderende gemeente een lerende gemeenschap: bied toerusting aan de gemeenteleden. Leer ze hun geloof en enthousiasme om te zetten in ambassadeurschap voor de gemeente. Zo wordt de kerk een wervende gemeenschap: mensen nemen andere mensen mee.

Daarvoor is het ook nodig dat de leden van de gemeente zich hechten aan mensen en plaatsen; dat zij bijwoners zijn en niet alleen maar vreemdelingen. De gemeente leert zo (letterlijk!) haar plaats kennen en weet wat er speelt in de wijk of in het dorp. De roeping van de gemeente en de betekenis van het geloof voor het leven van alledag krijgen stem in de concrete relaties van de gemeente(leden) met de mensen uit hun omgeving.

Een gemeente die zich richt op wat haar gemeente maakt, durft daarin ook te investeren. En dan niet alleen in de professionals (een predikant of catecheet, een koster of pastoraal werker), maar bijvoorbeeld ook in een gebouw. Maak mogelijk dat mensen elkaar ontmoeten en samen eten en koffiedrinken. Uiteindelijk investeer je daarmee in een hechte en open gemeenschap van gelovige mensen. In dit kader stelt De Roest dat finance follows vocation: als er een roeping is en een kwalitatief goed antwoord op die roeping, dan volgt het geld vanzelf.

Zichtbaar

Het lijkt tegen de trend in te gaan, maar De Roest hamert erop dat kleine kerken moeten proberen om het zo lang mogelijk alleen te redden. Krachtige lokale gemeenschappen zijn van grotere betekenis voor elkaar en hun omgeving dan bovenlokale fusiegroepen. De Roest wijst ons op het belang van een zichtbare kerk in de omgeving. Een zichtbare kerk heeft een eigen adres en een eigen stem. Dat betekent dat mensen weten waar ze moeten zijn en wat ze er kunnen verwachten, omdat ze iets van de kerk zien en horen in hun wijk of dorp.

Dit laat onverlet dat kerken, groot en klein, op verschillende manieren met elkaar kunnen samenwerken. Gemeenten kunnen samen optrekken, van elkaar leren en elkaar bijvoorbeeld financieel of bestuurlijk verder helpen. Daarbij wordt in een wederzijds versterkende samenwerking rekening gehouden met het eigen profiel van iedere gemeente en de vrijheid om daarnaar te handelen.

Kerk, blijf waar je bent. Het is een loffelijk streven. Niet alleen voor de kleine kerk die zich bezighoudt met haar toekomst, maar voor iedere gemeente die zich bezint op haar roeping.

Zeven kernen van ‘Kerk, blijf waar je bent’:

1. Waardering uiten.
2. Roeping omschrijven.
3. Geloofscommunicatie scherpen.
4. Relevantie voor het leven.
5. Toerusten tot getuigen.
6. Investeren in ontmoeting.
7. Samenwerking als versterking.

Over de auteur
Jannet de Jong

Jannet de Jong werkt voor het Praktijkcentrum.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief