Kees Zondag, schilder met een boodschap

Wilfred Hermans | 17 oktober 2020
  • Interview
  • Ontmoeting

Kees Zondag had een gouden rechterhand. Hij schilderde, en tekende als creative services manager bij Douwe Egberts oplossingen voor problemen vaak letterlijk uit. En hij ontwierp het logo van NGK De Lichtboog in Houten. Totdat hij in 2011 bijna volledig verlamd raakte. ‘Mijn leven is veel meer in het teken van dankbaarheid komen te staan.’

Kees Zondag werd in 1949 geboren in Culemborg. Hij volgde de Kunstacademie in Utrecht en was in zijn werkzame leven ontwerper bij Douwe Egberts. Kees is sinds 1976 getrouwd met Tine, samen hebben ze vijf kinderen en veertien kleinkinderen. Hij woont in Houten waar hij lid is van NGK De Lichtboog. Jarenlang droeg hij bij aan de opbouw van deze gemeente, onder andere door het organiseren van kunstexposities. Momenteel doet hij vrijwilligerswerk bij een zorginstelling.

In zijn woonkamer in Houten kijkt Kees Zondag (71) naar een schilderij aan de muur, geschilderd door een oud-kunstacademiedocent van hem. ‘Je ziet een dorpje in de Betuwe – waar ik ben opgegroeid, in Culemborg – en het heet ‘Zondagsrust’. Die twee feitjes hoorde ik pas achteraf, toen het hier al hing. Helemaal bingo. Het schilderij is kleurrijk en dat kenmerkt ook mijn leven. Ik schilder het liefst met symboliek, met een boodschap. Dat lukt nog steeds, sinds mijn ziekte schilder ik zelfs zowel links als rechts. Het eerste schilderij maakte ik een jaar nadat ik ziek werd, in 2012, door mijn vingers in de verf te dopen, liggend op bed. Een donkere achtergrond, witte vlekken, rood, bloed, maar: licht aan het eind van de tunnel.’

Shampoodopje

(beeld Sahil Aamir Fotografie)

(beeld Sahil Aamir Fotografie)

‘In december 2011 werd ik ernstig ziek. Binnen vijf dagen lag ik aan de beademing. Ik was totaal verlamd door het syndroom van Guillain-Barré, een auto-immuunreactie na een infectie. Bij dit syndroom valt het eigen afweersysteem de werking van de zenuwbanen acuut aan. Ik kon nog maar met één oog knipperen, mijn zoon had een letterkaart gemaakt waarmee ik al knipperend met mijn oog iets duidelijk kon maken. En mijn hart deed het nog.’

Wijzend omhoog: ‘Dat heeft Hij mooi bedacht, ons hart is autonoom. Het begon met spierslapte in mijn rechtervingers, dat herinner ik me als de dag van gisteren. Ik zat in bad en voelde me grieperig. Ik had net m’n pleegzoon verhuisd, maar het lukte toen al niet meer om de trap op te komen. In bad kreeg ik het shampoodopje niet van de fles. Mijn vrouw hielp me de trap af, meteen naar de huisarts. Daarna acuut naar het ziekenhuis. Ik dacht nog: straks mag ik weer weg – ik ben een positief mens – maar uiteindelijk moest ik drie maanden blijven. Doodmoe was ik. Mijn bloeddruk schoot alle kanten op, ik droomde eng en begon te hallucineren. Dat ik onderin een ton lag waar opeens een hoofd bovenuit stak dat zei: “Je hoeft niet bang te zijn.” De eerste weken was ik wel degelijk bang, ik wist niet wat me overkwam. Ik was totaal afhankelijk geworden.’

Verlatenheid

‘Vanwege een bacteriële infectie van een medepatiënt moest ik geïsoleerd verpleegd worden. Vre-se-lijk, het gevoel dat je totaal afhankelijk bent van een monitor. Ik heb toen wel geschreeuwd ja, daar kon ik niet tegen, die totale verlatenheid. God voelde toen even heel ver weg. Toch heb ik nooit gedacht dat ik het niet zou redden, omdat ik de prognose kende: in de meeste gevallen word je langzaam beter. Als ik niet kon bidden, was er altijd nog een gebedsgroep van vrienden om mij heen met wie we ook daarvoor al tweewekelijks samenkwamen om te bidden. Daardoor heb ik me erg gesterkt gevoeld. Het verhaal van die vier mannen die hun verlamde vriend, heel creatief, door een gat in het dak bij Jezus brachten – dat kwam opeens bij me binnen. Verder heb ik God vooral ervaren in de liefdevolle en goede zorg van mijn vrouw Tine, de kinderen en kleinkinderen. Familie en gemeenteleden stonden biddend om mij heen. Ook heb ik God ervaren door muziek. Hij manifesteerde zich, ‘Ik ben er’. Dat gaf me moed om door te zetten.’

‘Waarom moest ik precies getroffen
worden in dat wat ik goed kon?’

‘Inmiddels houd ik met alles wat ik doe rekening met wat energie kost of juist oplevert. Lange afstanden rijd ik op mijn elektrische driewielerligfiets. Die is opvouwbaar en kan achterin de auto. Tine en ik maken geregeld lange fietstochten op de Veluwe. Wat ik me soms wel afvraag: waarom moest ik precies getroffen worden in dat wat ik goed kon? Met mijn rechterhand was ik goed in tekenen, schilderen en handlettering. Dat was totaal verdwenen. Door het revalideren is mijn linkerhand beter dan mijn rechter. Mijn linkeroog is kwetsbaar geworden, de ziekte heeft m’n weerstand verlaagd. Waartoe dient dat? Daar kom je hier op aarde niet uit. Wel kan ik zeggen: ik heb in het revalidatiecentrum De Hoogstraat hele goede gesprekken gevoerd met mensen die niet zo’n goed netwerk hadden, die nauwelijks bezoek kregen. Tranen, tranen, tranen. “Waarom ben jij zo sterk?!” Nou, dan kon ik een luisterend oor bieden en iets laten zien van de troost die God mij biedt. En ik kan zeggen dat ik heb geleerd dat ik een geliefd kind van God ben. Als daarbij hoort dat ik misschien altijd met een stok en rollator zal lopen – so what?’

Vruchtensap

‘Niettemin heb ik veel moeten inleveren. Ik moest opnieuw leren kruipen, zitten, lopen. Mijn kleinkinderen konden toen meer dan ik. Een sok aantrekken duurde een half uur, met een knijparm. Vier jaar nadat ik ziek was geworden, kon ik weer fietsen. Het filmpje daarvan heb ik als verjaardagscadeau naar mijn dochter gestuurd. Met de kleinkinderen achter een bal aanrennen lukt niet meer, terwijl ik een heel beweeglijk mannetje was. Dat mis ik echt. De andere kant is: ik heb nu veel meer tijd voor mijn kleinkinderen en vrienden.’

‘Als je gebroken bent,
kun je een afspiegeling zijn van Hem’

Kees denkt even na. Dan: ‘Mijn leven is veel meer in het teken van dankbaarheid komen te staan. Mijn smaak was in mijn herstelperiode bijvoorbeeld lange tijd weg. Nu kan ik intens genieten van een kopje koffie. Nog zoiets: ik kon tijdenlang niet slikken, kreeg op een gegeven moment maar drie theelepeltjes water per dag. Ik had zo’n dorst. Ik droomde zelfs dat ik in een bad vol vruchtensap lag en dat er een grote druppel naar beneden viel, precies naast mij. Nou, denk je dat ik hier thuis de kraan nog laat stromen? Ik geniet veel meer van kleine dingen en dat geef ik weer door aan de kleinkinderen. We kijken samen naar de wolken, hoe alles groeit, hoe de bramen groeien en intussen vertel ik hoe mooi God dit allemaal gemaakt heeft. We plukken appels, vegen het erf. Dat zou ik anders allemaal alleen doen. Wat dat betreft is het heel dubbel; zo’n ziekte gun je echt niemand, maar ik ben dankbaar voor wat ik tijdens het ziekteproces heb mogen leren en ervaren. Ik heb meer gezien van hoe God het leven bedoeld heeft.’

Symboliek

Kees staat op om koffie te zetten, en omdat tussentijdse loopjes nodig zijn. Terwijl de koffie loopt, neemt hij mij mee naar zijn atelier, naast de keuken. Hij pakt meteen een schilderij van de plank. ‘Tijdens het revalideren heb ik veel naar muziek geluisterd. Opwekking 717 is voor mij hét lied, ‘Stil, mijn ziel, wees stil’. Het hielp me om mezelf over te geven. Daar heb ik later dit schilderij bij gemaakt. Dit ben ikzelf, liggend op de IC. De duif is Gods vaste Geest in mij. Hier zie je Gods hand die mij ondersteunt, Psalm 39. Bovenaan staat STILL – stil, mijn ziel, wees stil. Dit schilderij kenmerkt mijn dankbaarheid.’

(beeld Sahil Aamir Fotografie)

(beeld Sahil Aamir Fotografie)

Kees’ schilderijen zijn kleurrijk, dat valt meteen op. ‘Mijn leven is beelddrager zijn en daarbij vind ik de symboliek van licht heel belangrijk. Daarom is dat ook de kern van het logo van De Lichtboog, de NGK in Houten waarvan ik lid ben. God is licht; in Hem is totaal geen duisternis, maar wel heel veel tinten. Hij heeft zichzelf gebroken om ons te laten ontdekken wie Hij is. Door pijn en ziekte kun je dus ook ontdekken wie Hij is. En als je zelf gebroken bent, kun je dus een afspiegeling van Hem zijn.’

We lopen terug naar de keuken, de koffie is klaar. Kees, terwijl hij inschenkt: ‘Ik ben een beelddenker. Op mijn werk zag ik oplossingen vaak door middel van een beeld, wat ik dan even snel schetste. Als ik mezelf als beelddrager zie, dan zeg ik eigenlijk dat ik naar Gods beeld ben geschapen, in hoge resolutie. We hebben Jezus als referentie. Toen kwam die klap, de gebrokenheid van deze wereld. Daar sta je dan, ziek. Krassen op de plaat, op je ziel. Hoe kun je dan nog beelddrager blijven van God? De kunst is om de juiste keuzes te maken, met Jezus als voorbeeld. In mijn geval: hoe ik bijvoorbeeld met mijn kleinkinderen omga, of met mijn vrienden, of hoe ik in De Hoogstraat gesprekken had met andere patiënten.’

Rembrandt

Als beelddenker denkt Kees voortdurend erover na hoe de hemel eruit zou kunnen zien, zegt hij desgevraagd. ‘Maar zoals wij ons ten tijde van de typemachine niets konden voorstellen bij zoiets als een laptop, kunnen we ons nu niets erbij voorstellen hoe God de hemel heeft bedacht. Wel geloof ik stellig dat de hemel een gelouterde aarde zal zijn. Daarom zie ik corona als wake-up call, als kans om te bezinnen, bijvoorbeeld op hoe wij met de aarde omgaan. Wat goed is, zullen wij herkennen, denk ik.’

‘Wat wij hier doen, doet er dus toe. We kunnen in zijn naam, zoals Jezus zegt, naakten kleden, onderdak geven aan mensen die het nodig hebben, gevangenen bezoeken. Dat trek ik door naar bijvoorbeeld de schoonheid van architectuur, misschien is dat wel blijvend. En ik geloof dat straks alles bereikbaar zal zijn wat nu onbereikbaar is; dat we onbeperkt en zonder gevaar de hoogste bergen en diepste zeeën kunnen ontdekken.’ Met een blijde blik: ‘Verder laat ik me heel graag verrassen! Ik geef workshopjes schilderen aan mijn kleinkinderen. Nou, op de vernieuwde aarde hoop ik een workshopje van Rembrandt te krijgen, of van Michelangelo of Bach. Die genieën gaan toch niet verloren? Het zal ons in ieder geval aan niets ontbreken, daar kan ik wel naar verlangen. Dat de rolstoel verdwenen en de tillift niet meer nodig is. Maar ook: geen vluchtelingen meer, daar verheug ik me op. En wij hebben de opdracht daar nu alvast iets aan te doen.’

Over de auteur
Wilfred Hermans

Wilfred Hermans is journalist, interviewer en copywriter.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief