In gesprek met Hans Burger over het NGK-synoderapport Samen Geloven, samen belijden

Louren Blijdorp | 4 augustus 2026
  • Kerkelijk leven

Een forse impuls om de NGK als belijdende kerk levendig en stevig neer te zetten, zo laat zich het rapport van de Commissie Belijdende Kerk (CBK) lezen. Deze commissie is al sinds de eenwording van de GKv en NGK actief en kreeg van de synode van Deventer in 2023 de opdracht om haar analyse van de staat van het belijden te voltooien, te adviseren over de binding aan de belijdenis en bij te dragen aan de verlevendiging van het belijden. Nu ligt er een rapport voor de synode van Best met concrete voorstellen tot verandering. Onderweg sprak uitgebreid met CBK-lid Hans Burger, tevens hoogleraar Systematische Theologie aan de TUU, over wat de commissie beoogt. 

Jullie hebben geen half werk geleverd. Er ligt straks een rapport met de nodige impact op de synodetafel dat de identiteit van de NGK raakt. Kun je toelichten wat jullie voorstellen zijn?

Voorop staat het doel van al onze voorstellen: een kerk die dicht bij Jezus Christus blijft en daarom een belijdende kerk wil zijn en blijven. Daarvoor is het belangrijk om steeds weer woorden te vinden om ons geloof op een levendige manier te verwoorden en te belijden. En om dat met elkaar te doen. Dat betekent: met elkaar inhoudelijk in gesprek blijven over ons geloof in Vader, Zoon en Geest. 

Onze voorstellen hebben twee kernen, zoals ook onze opdracht twee kernen heeft: het belijden verlevendigen en het belijden verankeren. 

Wat wij voorstellen in het kader van het belijden verlevendigen, is om naast de bestaande belijdenissen een eigentijds getuigenis uit te proberen: Onze wereld is van God. Helpt die tekst ons om op een frisse en enthousiasmerende manier te zeggen wat we geloven? 

Voorop staat het doel van al onze voorstellen: een kerk die dicht bij Jezus Christus blijft en daarom een belijdende kerk wil zijn en blijven.

En als het gaat om het belijden verankeren, kun je denken aan hoe we de praktijk van ons belijden regelen. We stellen voor om een Commissie van Advies voor het Belijden in te stellen, bestaande uit een aantal theologisch deskundige mensen. Het zou hun taak zijn om te adviseren als er ergens in de NGK een inhoudelijk-theologisch meningsverschil ontstaat. 

Je noemt Onze wereld is van God (OWG) als eigentijds getuigenis. In welk opzicht verrijkt en verlevendigt deze tekst het belijden binnen de NGK?

Onze wereld is van God is een eigentijds getuigenis dat gestempeld is door de twintigste en eenentwintigste eeuw, en niet door de zestiende of zeventiende eeuw. Hij lijkt qua opzet wat op de Nederlandse Geloofsbelijdenis. ‘Onze wereld is van God’, dat is het refrein. Zo’n nieuwe belijdenis leidt tot een frisse blik op ons geloof in de drie-enige God. Met woorden van vandaag, en ook aandacht voor maatschappelijke thema’s als ecologie, moderne oorlogsvoering, techniek, industrie, en wereldwijde sociaaleconomische ongelijkheid. 

Jullie stellen voor een Commissie van Advies voor het Belijden in te stellen. Wat houdt dat precies in? En hoe hopen jullie dat zo’n raad in de praktijk gaat functioneren?

We constateren dat het kerkelijk gesprek over de inhoud van het geloof ondersteuning verdient. Soms wordt in kerkenraden en regio’s het gesprek over omstreden thema’s gemeden, soms stokt het, soms verzandt het. Het is goed als er dan een adviesinstantie is die het noodzakelijke gesprek (weer) op gang kan helpen.

Een tweede constatering is dat in de GKv bij leerkwesties heel verschillend opgetreden en gehandeld is, met heel verschillende gevolgen voor de rechtspositie van ambtsdragers. Dat is niet goed voor hun rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. In de kleine kring van de kerkenraad en de regio is over het algemeen niet genoeg deskundigheid en distantie om een afgewogen oordeel te vormen over dat soort kwesties. In het verleden leidde het beste papieren protocol tot oeverloze formele discussies waardoor tegenstellingen zich verhardden terwijl een inhoudelijke behandeling daardoor alsmaar werd uitgesteld en gefrustreerd. 

We willen niet alles op papier dichttimmeren, maar er wel voor zorgen dat we als kerken rond kwesties over het belijden echt een inhoudelijk gesprek voeren. De door ons voorgestelde Commissie van Advies voor het Belijden zorgt ervoor dat er bij eventuele kwesties op tijd een goed doordacht advies op tafel ligt dat de kerkelijke vergaderingen kunnen betrekken bij hun oordeel, in aansluiting bij de actuele stand van de theologie in de kerken.

Wat ook belangrijk is: deze commissie is puur adviserend. Alleen wanneer een kerkelijke vergadering om advies vraagt, komt ze in actie. De commissie heeft dus geen eigen bevoegdheden. 

 Het is de uitdaging om aan de ene kant te werken op basis van vertrouwen en elkaar ruimte te geven, maar aan de andere de identiteit van de kerk in Christus te bewaren. Belijdenissen helpen om dat te doen. Deze commissie kan zorgen voor dynamiek waar het verleden statisch was, zonder elkaar in de dynamiek te verliezen. Ze kan adviseren wat verstandig is om te doen: ruimte geven, of samen een standpunt innemen. 

De Commissie van Advies voor het Belijden kan zorgen voor dynamiek waar het verleden statisch was, zonder elkaar in de dynamiek te verliezen.

Jullie stellen voor om de vroegkerkelijke Geloofsbelijdenis van Nicea meer aandacht te geven in de kerken. Waarom is Nicea wat jullie betreft de moeite waard om in de spotlight te zetten?

Nicea is een prachtige tekst en ook goed bruikbaar, volgens ons. We zien na het herdenkingsjaar (2025, 1700 jaar na het concilie van Nicea in 325) een nieuw enthousiasme voor deze belijdenis.

Hij is kort maar krachtig – en dat werkt vandaag beter dan lange teksten. Uit de gesprekken op de vorige synode hebben we dat ook meegenomen: graag een korte belijdenis (naast OWG die langer is). Nicea is tegelijk inhoudsvol, een stukje explicieter dan de Apostolische geloofsbelijdenis (de twaalf artikelen). In gesprek met allerlei moderne en postmoderne theologieën van na de verlichting vind je hier kernachtig het eeuwenoude geloof van de christelijke kerk. En deze belijdenis is de meest oecumenische: we delen deze belijdenis niet alleen met gereformeerden, protestanten of de katholieken, maar ook met de oosters-orthodoxe kerken. Het is dus een verbindende tekst. 

Het rapport besteedt bijzondere aandacht aan de rol van predikanten. De predikant mag nadrukkelijker optreden als degene die onderwijst vanuit het belijden van de kerk. Dat willen jullie kerkordelijk verankeren. Ook moet het gesprek over het belijden van de kerk weer met met aankomende predikanten worden gevoerd in de onderzoeken die zij ondergaan voordat ze beginnen in hun eerste gemeente. Kun je uitleggen waarom dit allemaal nodig is?

Er zijn hier twee dingen die we belangrijk vinden.

Het ene is dat predikanten (en anderen die leiding geven aan de kerk) een inhoudelijk geloofsgesprek blijven voeren. Wie is Jezus Christus voor ons? Wat houdt het evangelie in? Wie is God? Wat verwachten we van de heilige Geest? Dat vastleggen in de kerkorde helpt om dat gesprek te stimuleren en gaande te houden. 

Het andere is dat we de theologische deskundigheid van predikanten graag willen inzetten. Het is heel mooi dat op allerlei gebieden gemeenteleden een grotere rol hebben gekregen en hun gaven kunnen inzetten: in onderwijs, in muziek, in de vormgeving van de kerkdienst. Kerk zijn we samen met elkaar, we zijn geen domineeskerk. Tegelijk zien we dat de inhoudelijke deskundigheid van theologisch geschoolde predikanten meer ingezet kan worden. Zij kunnen ons helpen om te makkelijke en te snelle oordelen en conclusies te voorkomen. Laten we ook hun gaven goed inzetten!

In de bijlage van het rapport over de binding met de belijdenis speelt het begrip het ‘actuele belijdende klimaat in de kerken’ een rol. Hoe definiëren jullie dat klimaat en welke waarde verlenen jullie daaraan? 

Dat is de manier waarop we vandaag met onze belijdenissen en met de binding daaraan omgaan. Hoe we belijdende kerk zijn, dat geven we samen vorm. Daarin gaan dingen nu anders dan in de jaren veertig of in de jaren zestig van de vorige eeuw. Wat toen hot issues waren, hoeven dat nu niet meer te zijn. In de vroegere NGK gingen dingen anders dan in de vroegere GKv. We zoeken vandaag eerder naar wat ons verbindt dan waar we verschillen. Conflicten uit het verleden hebben geleid tot allergieën: we willen elkaar niet de maat nemen, we willen geen gedachtenpolitie, we vinden een open en eerlijk gesprek belangrijk. Wat verdraag je van elkaar? Hoe ga je met inhoudelijke verschillen om? 

Conflicten uit het verleden hebben geleid tot allergieën: we willen elkaar niet de maat nemen, we willen geen gedachtenpolitie.

Jullie spreken in je rapport over toxische verwoordingen van de geloofsinhoud. Wat bedoelen jullie daarmee? Heb je daar voorbeelden van?

Toxisch is giftig. Je kunt dingen zeggen die toxisch zijn en iets moois kapot maken. Je kunt de sfeer verzieken in een groep; zoiets kan ook gebeuren als het om God gaat. Dan bederf je het goede nieuws van Jezus Christus en zorg je ervoor dat mensen God kwijtraken. Terwijl God ons juist zo liefdevol opzoekt!

Je wil wat voorbeelden? Nou, bijvoorbeeld dat je God neerzet als een strenge boeman van wie je vooral dingen moet. Of als je Jezus alleen nog maar tekent als een goed voorbeeld en een wijsheidsleraar. Of, een laatste voorbeeld, als je zegt dat God zieken altijd geneest, als je maar goed genoeg gelooft. En dat het dus je eigen schuld is als je niet genezen wordt. 

Jullie stellen in het rapport de vraag: raken we kwijt waar voor we staan? Ook merken jullie op dat verschillen worden gladgestreken die de kern van het belijden raken. Zou je nog eens kunnen uitleggen in een aantal zinnen waar de NGK voor staan volgens de CBK en wat de kern van het belijden inhoudt? 

De kern van het belijden is wat christenen sinds Pinksteren geloven. Ik zou het zelf zo kunnen verwoorden: De God van Israël, Schepper van hemel en aarde, is bij ons gekomen als Immanuël, God met ons. In Jezus Christus, de mens geworden Zoon van God, heeft Hij ons leven geleefd om ons voor eeuwig toekomst te geven, in Gods koninkrijk. God is trouw aan zijn schepping en aan zijn mensen. Daarvoor heeft Jezus alles gegeven: Hij heeft voor ons geleden, is gestorven voor onze zonden, begraven en opgestaan. Hij is overwinnaar van zonde, dood en duivel en Hij is Heer. Dankzij die overwinning en als begin van Gods koninkrijk heeft Hij de heilige Geest op ons uitgestort.

Nu kunnen we samen kerk zijn, de nieuwe wereldwijde beweging van God. We krijgen vergeving van zonden en nieuw leven: rechtvaardiging, wedergeboorte, heiliging, de gaven van de Geest, een leven zoals Jezus. En we kijken uit naar het moment dat Jezus terugkomt. Hij zal oordelen en zijn wereldvrede op aarde brengen. Dan wordt het leven één groot feest: God zal alles zijn in alles. Dat is de kern van wat we geloven!

Heel basaal is belijden: het antwoord dat wij geven op wat we van God krijgen. Jezus zelf daagt ons daartoe uit: wie zeggen jullie dat ik ben?

Heel basaal is belijden: het antwoord dat wij geven op wat we van God krijgen. Jezus zelf daagt ons daartoe uit: wie zeggen jullie dat ik ben? Belijden is dat we tegen God zeggen: U bent onze God, onze bevrijder, het doel van ons leven. En als je dat tegen God zegt, dan ga je datzelfde over God ook zeggen tegen elkaar, en tegen anderen buiten de gemeente. Dat heeft de kerk gedaan en ook opgeschreven: in de credo’s van de vroege kerk (denk aan de Apostolische Geloofsbelijdenis en de Geloofsbelijdenis van Nicea), en in de drie teksten die we de ‘formulieren van eenheid’ noemen (de Nederlandse geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse Leerregels). Maar je kunt ook denken aan een eigentijds getuigenis, zoals Onze wereld is van God. 

Belijden is niet alleen ‘een geloofsbelijdenis hebben’. Net als in ons vorige rapport onderscheiden we zes functies van belijden: loven, verbinden, oriënteren, onderwijzen, getuigen en beschermen. Loven: belijden is iets tegen God zeggen en Hem loven. Verbinden: door samen te belijden, verbinden we ons als christenen met elkaar. Oriënteren: belijden helpt om de weg te vinden: wat betekent het vandaag als je christen bent – wat vind je dan belangrijk? Vandaaruit kom je ook bij onderwijzen en getuigen, het doorgeven van het geloof. En ten slotte beschermen: we willen samen graag dicht bij God blijven, dicht bij Jezus Christus, geleid door de heilige Geest. Als er ideeën uitgedragen worden waardoor God juist op afstand komt te staan, dan heeft belijden een beschermende functie. Het belijdend karakter van de kerk wordt bepaald door het samenspel van die zes functies.

Over de auteur
Louren Blijdorp

Ds. Louren Blijdorp is verbonden aan de NGK Ommen. Hij is ook hoofdredacteur van Onderweg.

Meest gelezen

Zonder genade geen toekomst voor mensen van vlees en bloed 

Zonder genade geen toekomst voor mensen van vlees en bloed 

Koert van Bekkum
  • Boekbespreking

Lezers van dit blad zal de naam Jurrien Mol wellicht niet veel zeggen. Toch is hij in de Protestantse Kerk in Nederland geen onbekende. Mol studeerde in Utrecht. Als predikant in diverse dorpen in Friesland ging het studeren gewoon door, want hij promoveerde op een mooi proefschrift over de verhouding tussen collectieve en individuele verantwoordelijkheid in het Oude Testament. Hij is bovendien voorzitter van de Confessionele Beweging, de in 2020 ontstane fusiebeweging van de Confessionele Vereniging (in de Nederlandse Hervormde Kerk) en het Confessioneel Gereformeerd Beraad (in de Gereformeerde Kerken in Nederland).

Lees artikel
Het spreken van God en de sprekende slang

Het spreken van God en de sprekende slang

Bernard de Vries
  • Opinie

Heeft de slang nu wel of niet gesproken? Dat lijkt de vraag te zijn in het artikel van ds. Ulbe van der Meer  in het meinummer van Onderweg. In deze reactie wil ik op een open en eerlijke manier het gesprek aangaan. Dat is zeker nodig als het waar is wat gesteld wordt, dat de traditionele visie voor zoveel problemen heeft gezorgd onder leden van de NGK en haar voorlopers.

Lees artikel
Studentenpastoraat aan de Theologische Universiteit Utrecht

Studentenpastoraat aan de Theologische Universiteit Utrecht

Mark Janssens
  • Wisselrubriek

Sinds begin 2025 ben ik naast mijn andere taken studentenpastor aan de TUU. Het goede van deze functie – alle lof aan de TUU voor de instelling van het studentenpastoraat! – is dat studenten in alle vertrouwelijkheid met mij kunnen spreken, over alles, zonder dat dat ook maar enig mogelijk gevolg kan hebben voor het vervolg van de studie of voor beoordelingen. Denk bijvoorbeeld aan veranderingen in opvattingen over (het verstaan van) de Bijbel. Vaak zijn de gesprekken eenmalig of met een grote tussenpoos, met sommige studenten spreek ik een tijd redelijk frequent over wat er bij hen speelt, wat problematisch is. En als er zaken weer wat tot rust gekomen zijn of beter hanteerbaar, dan stoppen onze ontmoetingen. Dat er zo’n plek voor de studenten is, vindt het College van Bestuur belangrijk.

Lees artikel
Jezus, een natuurmens

Jezus, een natuurmens

Arco den Heijer
  • Column

Als je op vakantie bent in de (Duitstalige) Alpen, kom je in de bergen regelmatig van die mooie donkerhouten bordjes tegen met in sierlijke letters een tekst die je stilzet bij de Schepper. ‘Alles was Odem hat, lobe den Herrn!’ Als het Bijbelteksten zijn, dan meestal psalmen. Zou je er ook een tekst uit het Nieuwe Testament op kunnen zetten? Welke tekst zou jij dan kiezen? 

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief