‘Hoe had U dit bedacht?’
- Leespreek
In de rubriek leespreek publiceren wij een preek geschikt voor persoonlijke meditatie, ter bespreking op een Bijbelstudiekring of voor gebruik in de eredienst. In het laatste geval dien je altijd eerst contact met de auteur op te nemen om toestemming te verkrijgen.
Deze preek van ds. Janneke Burger-Niemeijer (verbonden aan NGK Enschede-Lasonderkerk) gaat over Pasen. En hoewel we in deze nazomermaanden niet in de Paastijd leven, delen we toch graag deze preek. In de kerk is het elke zondag Pasen; en de geschenken van Pasen zijn er om elke dag uit te delen. In deze preek wordt tastbaar hoe vreemd én kostbaar dat is.
Schriftlezing: Johannes 20:19-23
-
Een waanzinnig idee
Waarom ben je blij dat het Pasen is geweest?
Weet je wat ik dacht? Ik dacht: ik ben zo blij dat Jezus is opgestaan, omdat het Gód is, die een nieuw begin heeft gemaakt. Gód heeft Jezus doen opstaan. En omdat God het doet, geeft het mij alle zekerheid en vertrouwen dat het blijvend is. De opstanding: daar zit niks van mensen in. Het komt echt van God.
Maar… dan lees je de verhalen over de opstanding. En dan denk je: wat gebeurt hier? Wat doet Jezus nou? Gaat Hij ménsen erbij betrekken?
Dat gaat toch nooit werken? Kijk eens in de tekst van vandaag. Jezus die mensen er op uit stuurt. Om vrede en vergeving uit te delen.
Ik schrok er gewoon van, toen ik het las: als jullie mensen vergeving aanreiken, dan vergeeft God ze. Als jullie mensen vergeving onthouden, vergeeft God ze niet.
Even dacht ik: ‘Here Jezus, hoe had U dit ooit bedacht?’ En: ‘Hoe vind U zelf dat het gaat?’
Het is toch een waanzinnig idee, om vrede en vergeving in handen van mensen te geven?
En inderdaad, het gebeurt vaak zoals het er staat; en zo was het vaak in de geschiedenis van de kerk. Dat sommige mensen veel te makkelijk vergeving kregen. En dat andere mensen veel te gemakkelijk zondaar werden genoemd. Wat heeft de kerk veel brokken gemaakt met zonde en vergeving.
En toch. En toch, broers en zussen. Dit zijn de geschenken van Pasen: vrede en vergeving voor de wereld.
Jezus geeft de geschenken van Pasen in handen van mensen. Aan Maria die door iedereen werd genegeerd, toen ze ziek was. Aan Petrus die Jezus finaal in de steek had gelaten. Aan Thomas die maar blijft twijfelen. Aan de leerlingen: omstanders die niets deden.
De opstanding begint in de nacht in het graf. God wekt Jezus op. Het is Gods werk.
Maar direct daarna zoekt de Here Jezus mensen op. En Hij geeft hun de uitwerking van de opstanding in handen. Een waanzinnig idee. Maar Jezus doet het wel. En Hij doet het niet zomaar; niet gemakkelijk. Hij doet het met veel aandacht, stap voor stap. Laten we eens lezen.
-
Jezus opent
In het begin van het verhaal zou je nog niet bepaald denken dat Jezus het geschenk van Pasen in handen van zijn leerlingen zal leggen. De leerlingen zijn bang. Ze hebben zichzelf opgesloten.
Dat doe je toch, als je bang bent? Dan ga je dicht; dan sluit je jezelf op.
Misschien heb je het weleens gehoord, het beeld dat Maarten Luther schetst van de zondige mens. De in zichzelf opgekrulde mens. Opgesloten in zichzelf.
Zo zijn mensen die falen; mensen die zichzelf tegenvallen. Mensen die niet op durven staan.
Jezus zoekt deze mensen op. Deze opgesloten en gesloten mensen. Hij opent alles. Hij doet de ruimte open. Hij doet de mensen open.
Jezus zoekt falende mensen op en spreekt vrede over ze uit. Vrede voor jullie!
Dat is ook wat Hij eerder had beloofd:
Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef Ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet. Jullie hebben toch gehoord dat Ik zei dat Ik wegga en bij jullie terug zal komen? (Joh. 14:27-28)
Het eerste dat Jezus doet bij de mensen die Hij vrede en vergeving in handen gaat geven: Hij bevrijdt ze. Hij opent ze. Hij doet ze opstaan.
‘God geeft mensen de uitwerking van de opstanding in handen.’
-
Met gewonde handen
En dan lees je iets opmerkelijks. Dat Jezus daar staat met de wonden. Hij is opgestaan. In een verheerlijkt lichaam. En toch… draagt Hij de wonden nog. Van de spijkers in zijn handen. Van de speer in zijn zij.
Misschien denk je: ja, die wonden zijn het bewijs. Dat het Jezus is. Die is gekruisigd én opgestaan.
En natuurlijk is dat zo. Maar de wonden vertellen natuurlijk veel meer. Ze vertellen hoe kostbaar de vrede is.
Jezus geeft de leerlingen niet zomaar vrede. Als een mooie wens. Misschien hadden wij dat wel fijn gevonden. Om iedereen de vrede van God te wensen en door te geven.
Zonder wonden. Zonder kruis. Zonder prijs. Zonder zonde.
Dat is een fijne positieve boodschap. Die kun je nog wel aan andere mensen vertellen, toch?
‘Je hoeft niet bang te zijn. Je krijgt vrede van God. Wees blij! Halleluja amen.’
Maar dat is niet wat er die avond gebeurt. Dat is niet wat Johannes heeft opgeschreven. Dat is niet het hele evangelie, de hele blijde boodschap van God.
De wonden horen erbij. Zij vertellen het hele verhaal van de vrede. De diepte onder de vrede.
Jezus zegt niet zomaar: vrede van God!
Dat zou volstrekt oppervlakkig zijn. Het zou volstrekt de diepte van de angst, de wanhoop, de zonde en het onrecht niet peilen. Laat staan ons ervan bevrijden.
De vrede die Jezus geeft is er niet zomaar. Die is duur gekocht. De wonden vertellen het. Het heeft Jezus zijn bloed gekost. Het heeft Jezus zijn leven gekost.
Daarom zijn die wonden er nog. Om te laten zien: deze vrede is duur gekocht.
-
En dan pas worden ze gezonden
En pas dán worden de leerlingen uitgezonden.
Het is een belangrijk woord in het evangelie van Johannes: gezonden.
Jezus is gezonden. Naar de wereld, om de zonde van de wereld te dragen: Johannes 1. Naar de wereld, om de wereld niet te veroordelen, maar te redden: Johannes 3.
Niet alleen Jezus wordt uitgezonden. Wij worden ook uitgezonden.
We worden uitgezonden om vrede verder te brengen. Kostbare vrede, die duur betaald is door Jezus aan het kruis. Het heeft hem alles gekost.
We worden uitgezonden om de vrede van de gewonde handen te brengen.
En ergens herkennen we dat toch ook wel? Niet alleen van Jezus, maar ook van andere mensen?
Je kent vast mensen die veel leed hebben meegemaakt. En juist zij delen de vrede en de liefde van God. En je weet: het is de vrede van de gewonde handen. Vanuit de diepte van het kwaad, vanuit lijden, vanuit wat er allemaal mis is in deze wereld. Vrede van gewonde handen is altijd kostbare vrede.
‘Jezus’ wonden vertellen hoe kostbaar de vrede is.’
-
En dan nog de Geest
Maar Jezus is nog niet klaar! Hij deelt vrede uit. Hij doet dat met gewonde handen. Hij zendt de leerlingen de wereld in.
En dan blaast Hij over ze. Hij blaast de Geest over ze.
En ook dat laat zien: Jezus doet dit niet zomaar. Jezus laat niet zomaar mensen wat aanklooien met de hemelse vrede. Met Gods vergeving.
Want die Geest – die kennen we toch? Dat is toch de Geest van Pinksteren? Inderdaad, Johannes stopt als het ware een stukje Pinksteren in dit Paasverhaal. Eerder heeft Jezus het gezegd: als jullie de wereld in worden gezonden, dan ontvang je de Geest.
Jezus blaast de Geest over de leerlingen uit. En waar moet je dan aan denken? De adem van de Geest? Aan het verhaal van de schepping toch? Hoe de Geest daar zweeft over de chaos. En hoe God, nadat de mens uit stof is gevormd, zijn Adem, zijn Geest inblaast. Dan komt de mens tot leven.
Dat is nu ook nodig. We kunnen als mensen écht niet zomaar Gods vrede en vergeving in de wereld brengen. Daar is minstens een nieuwe schepping voor nodig.
En dat herkennen we toch ook? Ik in elk geval wel!
En ik weet het ook van andere gezonden mensen in mijn gemeente, ambtsdragers bijvoorbeeld. Hoe ze bidden, voor ze op bezoek gaan bij mensen. Bidden om de Geest, Gods adem die ze zo nodig hebben. En hoe ze soms vertellen: ik kon precies de goede woorden vinden, het goede gebed bidden; ik mocht werkelijk de vrede van Christus brengen. Of de vergeving, die zo nodig was.
Ik weet het ook van mezelf. Als ik in de morgen de tijd neem om te bidden, om naar een lied te luisteren, om Bijbel te lezen. Dan ervaar ik hoe de Geest blaast.
De Geest blaast me dan nieuw leven in. Iets wat ik zeker niet van mezelf heb.
Zo serieus neemt Jezus het, als Hij mensen vraagt de vrede en vergeving naar de wereld te brengen. Zo serieus, dat ze door de Geest opnieuw geschapen moeten worden.
‘Als de adem van de Geest over je leven gaat, dan is dat een lange adem.‘
-
En tenslotte: de vergeving
En als laatste komt dan de zin over vergeving. Een moeilijke zin. Hebben wij als mensen de macht tot vergeving?
Nou, denk ik. Feitelijk wel. Wij kunnen mensen toch het geschenk van Gods vergeving onthouden, door er maar niet over te beginnen? Wij kunnen mensen ook het geschenk van Gods vergeving geven door ze bij het kruis te brengen. En bedenk dan: dit is een missionaire tekst. Dit gaat niet over alle situaties van vergeving, die wij misschien bedenken. In onze kerk, in onze straat, in onze families.
Het gaat over het geschenk van vergeving vanuit Pasen. Want dat zijn toch de geschenken van Pasen? De steen is weg. Het graf is leeg. We hoeven niet meer onder de steen van schuld te leven. We hoeven niet in het graf van falen en pijn te blijven leven. Jezus doet de graven open. Jezus doet de stenen weg. Hij opent de weg naar vrijheid en vrede.
En welke mensen worden gezonden om die boodschap overal te brengen? Mensen die eerst zelf opgesloten zaten. Mensen die hebben ervaren hoe Jezus vrede over hen uitsprak. Mensen die de wonden van Jezus hebben gezien en gevoeld, de prijs van vergeving. Mensen die de Geest in hun leven hebben laten blazen, vernieuwd wilden worden.
-
Hoe had U dit bedacht?
‘Hoe had U dit bedacht, Here Jezus? Hoe wilt U vrede en vergeving in handen van mensen leggen?’
Ergens denk ik nog steeds vaak: hoe dan? Het is een waanzinnig idee. Toch?
Maar hé, het begint niet bij ons. Pasen begint bij God. God heeft in de nacht, zonder dat er een mens bij is geweest, Jezus opgewekt uit de dood. Pasen betekent dat God mensen opzoekt: in hun geslotenheid en verlorenheid. Hij opent ze, bevrijdt ze. Hij spreekt vrede over ze uit. Hij laat hen de wonden zien en voelen. Hij roept en zendt ze. Hij maakt ze nieuw door zijn Geest.
De geschenken van Pasen krijgen wij. In onze eigen gewonde handen. We houden onze eigen gewonde handen op en ontvangen: vrede en vergeving. En we mogen ze weer doorgeven.
En bedenk wel: als je van Jezus geschenken krijgt, dan krijg je er altijd iets bij. Dat is tijd. Van Jezus krijg je altijd de tijd. De geschenken van Pasen zijn trage geschenken. Je krijgt de tijd om vrede te laten wortelen in je leven. Je krijgt de tijd om vergeving te laten groeien in je leven. Er zit geen haast bij. Als de adem van de Geest over je leven gaat, dan is dat een lange adem. De Geest heeft lange adem.
Dat betekent ook: geen haast dus. En zeker geen dwang. Niet voor jezelf. Maar ook niet voor anderen. Dwing anderen nooit om vergeving te ontvangen en zeker niet om vergeving te geven. Het zijn niet jouw geschenken. Het is Gods geschenk. Het gaat om Gods weg, die Hij met iemand gaat.
De geschenken van Pasen zijn voor ons. En voor de wereld waarin we leven. En wat heeft onze wereld daar nood aan: aan vrede en vergeving. Laten we steeds weer van Jezus ontvangen. En laten we blijven delen.
Amen.
Ds. Janneke Burger-Niemeijer is als predikant verbonden aan NGK Enschede-Lasonderkerk.




