Stervenskunst is levenskunst

Bart Cusveller | 23 januari 2016
  • Opinie
  • Thema-artikelen

Men zegt weleens dat iemand sterft zoals hij leeft. Iemand die koud en gesloten was, is op zijn sterfbed meestal niet opeens warm en open. Uiteraard is dat geen wet van Meden en Perzen, maar het geeft wel aan dat er in de begeleiding van mensen in de laatste levensfase rekening gehouden moet worden met continuïteit. Wie een stukje met iemand op weg gaat in de stervensfase, loopt ook een stukje mee op diens levensweg.

020208 Stervenskunst is levenskunst

Ars moriendi, de kunst van het sterven, heeft volgens Carlo Leget vele dimensies. (houtsnede uit circa 1460, getiteld ‘Trost in der Verzweiflung, Ars moriendi’)

Zowel levenden als stervenden zoeken naar de zin en de betekenis van hun leven en sterven. De manier waarop je leeft in het aangezicht van de dood heeft dan ook alles te maken met de manier waarop je zogezegd ‘leefde in het aangezicht van het leven’. Iemand begeleiden bij deze zoektocht heet pastorale zorg, geestelijke verzorging of spirituele zorg.

Spirituele zorg in de laatste fase van het leven heeft een eigen karakter. Een ambivalent karakter, want het naderende einde brengt allerlei lichamelijke, geestelijke en sociale veranderingen en beperkingen met zich mee. De manier waarop mensen tijdens hun leven zin en betekenis probeerden te vinden, kan veranderen als het sterven nadert. Dat maakt al veel uit voor de wijze waarop begeleiders hun stervende patiënt, cliënt of naaste proberen te begrijpen.

Daarnaast is de gerichtheid op het leven aan de ene kant en het sterven aan de andere kant op nog een manier ambivalent: mensen zijn tegelijkertijd bezig vast te houden en los te laten. Die spanning kan verwarring en onzekerheid oproepen. Wat is nog goed aan het einde en wat hoeft niet meer? Wat is voltooid en wat is nog niet af? Kunnen we de manier waarop iemand in het sterven naar zin en betekenis verlangt rijmen met de manier waarop hij dat in het leven deed? Voelt de stervende zich ondanks alles begrepen en gekend? Dat laatste is de fundamentele behoefte bij alle behandeling en verzorging: dat mensen zich gekend en begrepen voelen.

Om in deze spanningsvolle fase goede begeleiding te geven, kun je wel een wegwijzer gebruiken. En zo’n wegwijzer kan ook een bredere rol vervullen: je leest er als (nog) gezonde persoon ook in tegen welke vragen, twijfels en gevoelens je zelf bij het ‘leven in het aangezicht van de dood’ zult aanlopen.

Ars moriendi

Een auteur die de laatste tijd veel aandacht aan dit onderwerp heeft besteed, is Carlo Leget. Hij is hoogleraar zorgethiek en begeleidingswetenschappen en bijzonder hoogleraar palliatieve zorg aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht en schreef onder meer Van levenskunst tot stervenskunst. Daarin wijst hij erop dat de ‘levenswijsheid der eeuwen’ altijd is geweest dat vragen rond het sterven ook levensvragen zijn. Goed omgaan met levensvragen is een levenskunst. Goed omgaan met levensvragen in de stervenfase is ook een levenskunst. In de middeleeuwen noemde men dat ars moriendi (de kunst van het sterven) en zo noemt Leget ook zijn eigen model. Dat model is een bruikbare wegwijzer voor de begeleiding in de stervensfase.

Leget groepeert de spanningsvelden die het verlangen naar zin en betekenis in de stervensfase met zich meebrengen in vijf thema’s. Hij formuleert deze thema’s telkens als twee uitersten, waarbinnen een stervende ruimte zoekt om zich te verhouden tot het leven en tot het sterven. De thema’s helpen ons om zicht te krijgen op de vragen die in de laatste levensfase spelen en om ons af te vragen of de stervende zich door ons begrepen weet.

Ik en de ander. Hierbij gaat het om het verbinden van het sterven met de eigen identiteit. Wat zegt het over jou dat het anders gaat dan toen je nog in het volle leven stond en dat je er straks niet meer zult zijn? Bij de vraag wie je bent en hoe men je kent, speelt mee hoe jij jezelf hebt ontwikkeld, hoe je je tot andere mensen verhoudt en in welke contexten je leefde. Waarmee identificeerde jij je en waartegen zette jij je af? Let wel, ook een naaste of begeleider maakt deel uit van dit thema: voelt de stervende dat je naar hem of haar luistert?

Doen en laten. Hierbij gaat het met name om het doen en laten van de zorgverleners. Artsen en verpleegkundigen staan vaak in de ‘doe-stand’: ze zijn getraind om gezondheidsproblemen op te lossen. Maar voelt de patiënt zich begrepen als er nog meer onderzoeken en behandelingen worden voorgesteld? Wordt alles uit de kast gehaald of is de zorg op maat? Om hier het juiste midden te vinden, is goed luisteren allesbepalend.

De fundamentele behoefte bij alle behandeling en verzorging is dat mensen zich gekend en begrepen voelen

Vasthouden en loslaten. Vasthouden en loslaten maken het sterven een ambivalent proces. Dat geldt ook voor concrete dingen in het leven van de stervende. Materiële zaken, maar bijvoorbeeld ook relaties komen in een totaal ander licht te staan. Is aanvaarding van verlies, het loslaten, mogelijk? Of weet de stervende dat er geluisterd wordt naar zijn moeite daarmee?

Vergeven en vergeten. Hierbij gaat het erom dat de stervende zich verhoudt tot dingen die hij gedaan heeft en niet gedaan heeft, goed en niet goed. De ervaring van schuld en verzoening kan een grote rol spelen in het stervensproces; soms een te grote of juist te kleine rol.

Geloven en weten. Hierbij gaat het om de vragen en de overtuigingen die de stervende heeft over het leven en de dood. Deze worden vaak op de proef gesteld. Daarbij gaat het er in de begeleiding niet om de patiënt naar het ene of het andere uiterste van het spanningsveld te krijgen. Het gaat er wél om dat je je oor leent aan de stervende, zodat die ruimte vindt om zich tot dit thema te verhouden. Ook in dit opzicht kan de stervende zich meer of minder begrepen voelen.

Begrepen

Met zijn model stipt Leget vijf thema’s aan die van groot belang zijn voor het leven in het aangezicht van de dood. Leget weet heel goed dat veel mensen in Nederland de christelijke geloofstraditie achter zich hebben gelaten en daarom vult hij het model niet religieus in. Lezers van OnderWeg hebben daar mogelijk vragen bij. Maar dat neemt niet weg dat Leget ons een belangrijke handreiking doet om meer wegwijs te raken in de verwarring en onzekerheid van de laatste levensfase. Hij wijst op de ruimte die jouw begeleiding kan bieden als je weet dat de worsteling met levensvragen in de stervensfase vijf dimensies kan hebben. Goede zorg voor stervenden vraagt dat stervenden zich in al die dimensies begrepen weten.

Over de auteur
Bart Cusveller

Bart Cusveller (NGK) is docent en onderzoeker aan hogeschool Viaa in Zwolle.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief