Passie voor de waarheid

Bob Wielenga | 21 april 2016
  • Blog

Hoe gaan we in de kerk met elkaar om als de overgeleverde geloofstraditie in het geding is? Sinds de Reformatie struikelt de kerk van scheuring naar scheuring. Toch moeten we niet gering denken over de passie voor de waarheid die achter deze droeve geschiedenis steekt.

Op passie voor de waarheid moeten we zuinig zijn, want het is aan het verdwijnen in onze postmoderne, relativistische tijd. Je wordt er zelfs op aangekeken, alsof je een besmettelijke ziekte onder de leden hebt.

Dat was in vroegere tijden wel anders. Ik las eens wat Calvijn in de zestiende eeuw over de doperse radicalen schreef. Voor onze oren is zijn taalgebruik buitengewoon grof. Het gaat alle perken te buiten. Naast argumenten rollen de beledigingen uit zijn pen. Passie voor het overgeleverde geloof was de drijfkracht achter zijn polemieken.

Ook onze eigen, kleine kerkscheuringsgeschiedenis wordt gekenmerkt door scherpe polemieken, met soms haast apocalyptisch Bijbelgebruik. Toch zou ik niet ontkennen dat daarin passie voor de waarheid meespeelde: men achtte het overgeleverde geloof in gevaar. Vandaag wordt dat, terecht, algemeen betwijfeld. De vraag is niettemin: moeten we zo met elkaar omgaan als het apostolische geloof onder ons ter discussie komt te staan?

Een versleten jas

In mijn klas op de Bijbelschool lazen we met enige verbijstering hoe Judas over dwaalleraren in de kerk schrijft. Dat liegt er niet om.

Judas schrijft dat de dwaalleraren zich gedragen als redeloze dieren, die door hun instincten worden voortgedreven. Ze lijken op voorbij waaiende regenwolken. Ze hebben veel weg van het vuile schuim dat de zee op het strand achterlaat. Ze zijn zo dood als een ontwortelde boom zonder vruchten. Je hebt niets aan hen.

Notoire zondaren als Kaïn, Bileam en Korach (vers 11) worden voorgehouden als voorbeelden van wat er met zulke mensen gebeurt. Laten ze niet denken dat ze aan Gods oordeel zullen ontkomen (vers 6).

Het moet vanzelfsprekend voor ons zijn om warm te lopen voor de overgeleverde apostolische geloofstraditie

De dwaalleer die Judas bestrijdt, raakt de kern van de overgeleverde apostolische geloofstraditie. Je kunt Jezus als heiland aanbidden zonder Hem als Heer en meester te gehoorzamen. De genade wordt op die manier goedkoop als een versleten jas; daarmee houd je de kou van Gods oordeel niet tegen. De heftige taal en het scherpe Bijbelgebruik maken glashelder wat er op het spel staat. Met dwaalleer kom je, letterlijk, nergens! Mensen die dat propageren, helpen ons alleen maar achteruit op de weg van Gods genade.

Op het spel

Wordt de zaak waarvoor Judas opkomt ook nu nog zo gediend? En worden wij vandaag echt geroepen om in voorkomende gevallen hem hierin na te volgen?

Ja, dat leer ik van Judas: passie voor de waarheid. Ik ben de waarheid, zei Jezus, niet alleen de weg en het leven. Het moet vanzelfsprekend voor ons zijn om warm te lopen voor de overgeleverde apostolische geloofstraditie, ook in onze relativistische tijd. We hoeven ons daarvoor niet te generen.

Er staat bovendien echt iets op het spel: het eeuwige leven (vers 21). Daarom moeten we op het fundament blijven staan van ons zeer heilige geloof; dat versterkt de eenheid van de kerk (vers 20). Tegelijk moeten we ons blijven inzetten om iedereen erbij te houden, bij de waarheid van het geloof; dat mag ons best wel iets kosten (verzen 22-23).

Anders dan Judas

Past hier felle oordeelstaal bij? Mogen we ter wille van de waarheid dwaalleraren uitmaken voor alles wat lelijk is?

Laten we er even van uitgaan dat het werkelijk om een ernstige dwaling in de kerk gaat, zoals in Judas’ brief het geval is. Want niet alle meningsverschillen zijn leergeschillen, en niet alle leergeschillen gaan over ernstige dwalingen, waarover laatste woorden gesproken moeten worden. Maar in het geval van een ernstige dwaling: moeten we dan Judas volgen in zijn felle oordeelstaal?

We leven in een andere tijd met andere omgangsvormen, ook binnen de kerk. We hebben in onze eigen kerkscheuringsgeschiedenis ervaren hoe vervreemd de wereld aankijkt tegen wat ervaren wordt als een fanatiek religieus spektakel in de kerk. Een vechtkerk kan geen zout der aarde zijn. We zullen dus een manier moeten vinden om op te komen voor onze apostolische geloofstraditie zónder elkaar van kop tot teen af te breken, terwijl we tegelijkertijd net zo duidelijk moeten zijn als Judas.

Daar komt nog iets bij. De goegemeente in onze westerse cultuur vindt elkaar beledigen een blijk van het recht op vrije meningsuiting. Als volgelingen van onze Heer en meester gaan we anders met elkaar om, ook met mensen met wie we intens van mening verschillen over het heilige geloof. Anders zouden we weleens wereldgelijkvormig kunnen worden.

Judas’ passie voor de waarheid is voor ons een voorbeeld om na te volgen. Het kan er dan best heftig aan toegaan, maar we kiezen voor omgangsvormen die in onze cultuur de overwinning van de waarheid op de leugen niet in de weg staan.

Overigens: het hangt niet van ons af of de waarheid de leugen overwint. Judas eindigt met een lofprijzing op God, aan wie alle macht toebehoort. Hij is het die ons voor struikelen behoedt (verzen 24-25).

Over de auteur
Bob Wielenga

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief