Vier redenen om de biecht serieus te nemen

Hans Burger | 4 februari 2017
  • Opinie

Met de opkomst van het ministrygebed maakt de biecht stilzwijgend een comeback. Hans Burger geeft vier redenen waarom dat meerwaarde kan hebben voor ons geloofsleven.

De gereformeerde traditie zegt over de biecht: goed, maar niet per se nodig. In het kader van de heiliging kan het waardevol zijn, maar de verplichting die er vóór de Reformatie was, is ten onrechte. Een mooie illustratie daarvan vind je in de oude kinderbijbel van Anne de Vries. Simon de tovenaar wil de macht kopen om de heilige Geest door handoplegging te kunnen uitdelen (Handelingen 8). Petrus bestraft de tovenaar. Geschrokken vraagt Simon de apostelen om voor hem te bidden. Zo liet Simon blijken hoeveel hij nog moest leren: ‘Nog meende hij, dat zij een bijzondere macht hadden en dat hun gebed eerder verhoord zou worden dan het zijne.’ Niemand heeft bemiddeling nodig, iedereen kan zelf bidden om vergeving. Ieders gebed om vergeving is even betekenisvol.

In de afgelopen decennia is meermalen een pleidooi gevoerd voor eerherstel van de biecht, ook in enkele scripties van studenten aan de Theologische Universiteit Kampen (recent Wim Schaaij in Pardon!). Vaak blijft het in deze pleidooien binnen het gereformeerde kader: de biecht is waardevol, maar niet nodig. Er zijn twee vragen die niet gesteld worden of geen bevredigend antwoord krijgen. Heeft het meerwaarde om zonde op te biechten aan een medechristen? En heeft het meerwaarde wanneer een ander voor jou bidt en voor jou vergeving vraagt?

Die vragen roepen soms verontwaardiging op. Ik ben toch niet afhankelijk van iemand anders? Mijn gebed is toch niet minder dan het gebed van een andere christen? Tegelijkertijd zijn delen van de kerk gewend geraakt aan het ministrygebed. Met deze praktijk vindt stilzwijgend een eerherstel van de biecht plaats. Soms biechten mensen eerst een zonde op, voordat er voor hen gebeden wordt.

Wie alleen bidt en zijn zonde aan God belijdt, kan zich afschermen voor het gezicht van de medemens

Het helpt om naar de biecht te kijken vanuit ministry en vanuit een charismatisch perspectief. Waar binnen de gereformeerde traditie wordt gesproken over zonde, vergeving en sleutelmacht, spreken charismatischen over de macht van het kwaad, bevrijding en de machtiging te delen in het gezag van Christus. De combinatie van die twee denklijnen brengt de reflectie op de biecht verder.

Wat valt er dan te zeggen over die twee vragen: heeft het meerwaarde om zonde op te biechten aan een medechristen en heeft het meerwaarde wanneer een ander voor jou bidt en voor jou vergeving vraagt? Ik noem vier dingen.

1. Wie zondigt, raakt verstrikt in het kwaad

Zonde maakt je niet alleen schuldig. De Bijbel laat steeds weer zien dat wie zondigt, in het kwaad verstrikt raakt. Petrus zegt tegen Simon de tovenaar (Handelingen 8:22): ‘Ik zie dat u vol venijn zit en verstrikt bent in het kwaad.’ Zonde bezoedelt je verstand en je geweten (Titus 1:15). Wie zondigt, is een slaaf van de zonde (Johannes 8:34). Steeds weer waarschuwt de Bijbel om niet verstrikt te raken in leugen, in begeerte, in onrecht (Psalm 40:5; Spreuken 5:22, 11:6, 12:13; Prediker 10:12; Ezechiël 28:16). We moeten de duivel geen kans geven om binnen te dringen (Efeziërs 4:27). En dat kan gevolgen hebben voor je gebed. Petrus waarschuwt ertegen: er kunnen dingen zijn die je gebed in de weg staan (1 Petrus 3:7).

2. God wordt concreet in het gezicht van een ander

Johannes schrijft dat je alleen van God, die je niet ziet, kunt houden als je ook houdt van de ander, die je wel ziet (1 Johannes 4:20). Van de onzichtbare God kun je met je eigen voorstellingsvermogen een beeld vormen dat gunstig voor jou is. Een relatie met een echte ander gaat verder dan denken en fantaseren.

Dit geldt ook voor het opbiechten van zonden. Wie alleen bidt en zijn zonde aan God belijdt, kan zich afschermen voor het gezicht van de medemens, en daarachter God. Je kunt je afvragen of je verder komt dan een gesprek met jezelf wanneer je in je eentje je zonde opbiecht. Als er een ander tegenover je zit, kun je geen verstoppertje meer spelen. Het belijden van je zonden krijgt dan meer impact. Hierbij gaat het zowel om het voelen van schuld en schaamte als om de opluchting die je ervaart wanneer je je hart gelucht hebt. Basisvoorwaarde is wel dat de ander beeld is van Gods gastvrije, veilige liefde.

3. Het gebed van een rechtvaardige is krachtig

Je kunt in het kwaad verstrikt raken, maar de Bijbel spreekt ook over het omgekeerde. Paulus schrijft in 2 Timoteüs 2:21 dat iemand die zich van alle kwaad gereinigd heeft ‘een bijzonder en geheiligd voorwerp’ wordt, ‘dat zijn eigenaar vele diensten kan bewijzen en geschikt is voor elk doel’. Het lijkt mij dat dit ook voor het gebed geldt, zoals Jakobus schrijft: ‘Het gebed van een rechtvaardige is krachtig en mist zijn uitwerking niet’ (Jakobus 5:16).

Natuurlijk geldt ook hier dat we rechtvaardig zijn door geloof alleen. Het gaat erom dat we in Christus blijven en dat zijn woorden in ons blijven. Dan mogen we in Jezus’ naam bidden en vragen wat we willen (Johannes 15:7). Wie in Christus deelt, wordt bevrijd uit de verstrikkende macht van het kwaad. Dat wil niet zeggen dat die ander zonder zonde is, maar wel vrij uit de verstrikkende macht van het kwaad. Alleen het delen in Christus maakt het gebed krachtig. Het is een delen in de voorbede van onze hogepriester zelf.

4. Sleutelmacht: delen in het gezag van Christus

De gereformeerde traditie verbindt het uitdelen van vergeving nadrukkelijk met de verkondiging van het evangelie en met de sleutelmacht. Daarin werkt Luthers vernieuwende ontdekking door, gedaan in zijn worsteling met de biecht. Het goede nieuws is geen leuk praatje, geen peptalk, maar Woord van God.

Je kunt vergeving makkelijker aanvaarden als je iemand namens God hoort zeggen: ik zeg jou Gods vergeving toe! De kerk deelt in het gezag van Christus om vergeving van zonde uit te delen (zie Johannes 20:23). Daarom zijn in het midden van de gemeente mensen gemachtigd om namens God vergeving af te kondigen.

Binnen de charismatische traditie wordt iets vergelijkbaars gezegd: wij delen als christenen in het gezag van Christus. Dat roept de vraag op of het voor ministryteams waardevol is om een zending te ontvangen: de machtiging om namens God te spreken en te bidden in Jezus’ naam.

In elk geval kan de conclusie zijn: voor wie zich voelt wegzakken in zonde of daarin verstrikt is geraakt, heeft het meerwaarde om je zonde op te biechten aan een medechristen, evenals dat het gebed van die ander meerwaarde heeft. Jijzelf bent misschien moe van je worsteling, mist vrijmoedigheid, durft niet meer echt te bidden en twijfelt of het nog wel zin heeft om weer te bidden. Het is heerlijk als een ander daar geen last van heeft en jou in Jezus’ naam vrijmoedig aan God kan opdragen. De vergeving wordt je van buiten aangezegd!

Over de auteur
Hans Burger

Hans Burger (GKv) is docent systematische theologie aan de TU Kampen.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief