‘Ik zie geen tegenstelling tussen aards en hemels geluk’

Arie Kok | 23 oktober 2021
  • Interview
  • Special Gelukzoekers

Agnes Huizenga excuseert zich voor haar natte haar. Ze is vlak voor het gesprek nog gaan zwemmen in de recreatieplas even verderop. ‘Als er dan een meerkoetje net naast me boven komt, met zo’n groen takje in zijn bek, dan voel ik me gelukkig. Het zit voor mij in de kleine dingen, op veel momenten van de dag: een kopje thee in het zonnetje is vaak al genoeg. Geluk ligt dicht tegen dankbaarheid aan, genieten van de zegeningen in het leven.’

Agnes Huizenga (60) heeft een praktijk in contextuele therapie en coaching en houdt zich bij New Wine bezig met gebedspastoraat. Ze is getrouwd en woont in Houten.

Was je altijd al zo, of heb je het geluk moeten ontdekken?
‘Ik ben wel vrolijk van karakter, dat helpt. Gelukkig word ik niet geplaagd door veel angsten. Maar dat wil niet zeggen dat ik niet heel bezorgd kan zijn en heel verdrietig. Maar geluk hangt niet alleen af van je karakter, geloof kan iets doen wat karakter overstijgt. Vanochtend las ik nog zo’n tekst…’ Ze pakt de Bijbel erbij. ‘Hier, Johannes 8:12. “Als je in mij gelooft, dan heb je het licht van het leven.” Als je kunt zeggen dat je in Jezus gelooft, dan is het licht er dus al, ook als je je somber voelt.’

(beeld Hans van Sloten)

Toch zal je in je praktijk veel mensen ontvangen die helemaal niet gelukkig zijn.
‘Zeker. Ik behandel vrij veel mensen met burn-outklachten. Dan kijk je bijvoorbeeld naar de balans tussen geven en ontvangen. Omdat ze bijvoorbeeld te veel gegeven hebben, en uitgeput zijn geraakt. Dat is de as waarlangs ik werk. Veel mensen zijn het contact kwijt met wat ze zelf nodig hebben en te veel gericht op wat de ander van hen vraagt. Als ze gelovig zijn, laat ik hun zien dat God dat erkent en wat Hij allemaal al heeft meegegeven aan gaven en plezier. Als je daarmee in contact komt, dan kan het weer gaan stromen in je leven. Leer te genieten van een meerkoetje. Kijk eens een minuutje naar de wolken voordat je op de fiets stapt om naar een afspraak te gaan.’

Je werkt ook voor New Wine, waar het vaak gaat over de theologie van het koninkrijk. Wat bedoelen jullie daar precies mee?
‘Eigenlijk gaat het dan om shalom, om heelheid. Dat God shalom brengt op alle terreinen van het leven, fysiek, psychisch, geestelijk, het leven als een geheel. Ik zie dan ook geen tegenstelling tussen aards en hemels geluk. Een kopje thee drinken is ook hemels geluk. De shalom van God gebeurt al vandaag, niet alleen na dit leven. Lucas schrijft dat de Geest van de Heer op ons rust om aan de armen het goede nieuws te brengen, aan gevangenen vrijlating en nog een paar dingen. Dan staat er, met een verwijzing naar Jesaja: om een genadejaar van de Heer uit te roepen. Alsof hij zeggen wil: kijk eens, het gebeurt nu. Het genadejaar is er nu en is er ook nog niet. Want vaak is het dikke prut in ons leven, dat hoort er helemaal bij. Maar het geluk ís er ook, de lichtstralen van hemels geluk schijnen nu al. Dat maakt het leven tot een eenheid.’

Het hele artikel lezen? Neem een gratis proefabonnement op magazine OnderWeg en ontvang inloggegevens voor de website.

U moet u inloggen om dit artikel te bekijken. Login om toegang te krijgen.
Over de auteur
Arie Kok

Arie Kok is journalist en tekstschrijver.

Meest gelezen

Predikantsprofiel Kees Smit

Predikantsprofiel Kees Smit

Melissa van der Kamp
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

Het is een terugkerend woord als ik met Kees Smit in gesprek ben over de geestelijke verzorging en zijn werk als voorzitter van de Commissie Geestelijke Verzorging (CGV). Uit alles blijkt dat hij deze rol met hart en ziel vervult. Niet in de laatste plaats gedreven door zijn eigen ervaringen als geestelijk verzorger bij Defensie. Kees stelt dat geestelijk verzorgers waardevolle gesprekspartners kunnen zijn voor gemeenten, omdat juist zij werken op het grensvlak van kerk en samenleving. Ik praat met Kees door over zijn gedrevenheid als voorzitter en wat het geestelijk verzorger-zijn voor hem heeft betekend.

Lees artikel
De kerkelijke gemeente is net als de stad: groot genoeg om alles zelf te hebben

De kerkelijke gemeente is net als de stad: groot genoeg om alles zelf te hebben

Lyanne De Haan-Wilts
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Anders dan de naam doet vermoeden, is de Kleine Kerk in Steenwijk met ruim 400 leden niet per se klein te noemen. Maar het gebouw is kleiner dan de Grote Kerk in Steenwijk, het gebouw, hemelsbreed 200 meter verderop, waarin de PKN kerkt. ‘Maar’, merkt Rick Winters op, ‘zij hebben op papier meer leden, dus zijn ook wat dat betreft een grote kerk. Toch denk ik dat er op zondag meer mensen bij ons zitten’.

Lees artikel
Heer, gebruik mijn woorden vandaag

Heer, gebruik mijn woorden vandaag

Wilmer Blijdorp
  • Leespreek

In de rubriek leespreek publiceren wij een preek geschikt voor persoonlijke meditatie, ter bespreking op een Bijbelstudiekring of voor gebruik in de eredienst. In het laatste geval dien je altijd eerst contact met de auteur op te nemen om toestemming te verkrijgen. Bij deze preek is een PowerPoint-presentatie beschikbaar die je kunt opvragen bij de auteur. Deze preek van ds. Wilmer Blijdorp (verbonden aan NGK Barneveld-De Burcht) vertrekt vanuit het eerste vers van 1 Korintiërs 14. Een Bijbelvers dat vaak misbruikt of genegeerd is: ‘Richt je op de gaven van de Geest, vooral op die van de profetie.’ Op een nuchtere en tegelijk spannende manier, gelardeerd met diverse herkenbare voorbeelden, daagt Blijdorp zijn hoorders uit om toch vooral opmerkzaam te zijn op momenten waarop God in het hier-en-nu tot ons spreekt. En, in een vervolgstap, maakt hij hen ook bewust van het feit dat God ook door ons heen wil spreken.

Lees artikel
De belijdenis over de zondeval en wat er op het spel staat

De belijdenis over de zondeval en wat er op het spel staat

Marinus de Jong
  • Vitaal belijden

In het meinummer van Onderweg verdedigde ds. Ulbe van de Meer zijn exegese van Genesis 3. In tegenstelling tot de synode van Assen in 1926 claimt hij dat de slang niet gesproken heeft en dat het schadelijk is om dat te blijven zeggen. In het hoofdredactioneel in dat nummer constateert de hoofdredactie dat Van de Meer en met hem anderen op dit punt afwijken van de belijdenis. In deze bijdrage werk ik dat nader uit. Wat zegt de belijdenis eigenlijk op dit punt? En wat staat daarbij op het spel?

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief