Altijd blij?!

Jan Mudde | 12 september 2025
  • Algemeen
  • Eyeopener

Mensen hebben iets van weerhuisjes. De weersomstandigheden van ons leven beïnvloeden in hoge mate onze stemmingen. Zijn we gezond, zonder financiële zorgen, gelukkig in de liefde, dan komt het mooi-weer-vrouwtje tevoorschijn. Zijn we ziek, werkloos of eenzaam, dan hebben we iets van het somber-weer-mannetje. Zelfs op één dag kunnen onze stemmingen enorm wisselen. Je gaat opgewekt naar je werk, maar komt daar chagrijnig aan vanwege een botte overtreding van een inhalige weggebruiker. Het ene moment maakt je gezin enorm plezier met elkaar, een andere keer slaat de vlam in de pan vanwege wat iemand zegt of doet. Dan komt vanuit de Bijbel een appel op ons af: Wees altijd verheugd, altijd blij.

‘Wees altijd verheugd,
bid onophoudelijk,
dank God onder alle omstandigheden,
want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.’
(1 Tessalonicenzen 5:16-18)
 
Blijdschap

Blijdschap is misschien wel de heerlijkste stemming die je kunt hebben. Die is zo licht, dat je even uitgetild wordt boven de zwaarte van het leven. Moeiteloos kunnen we ons momenten herinneren dat wij ons intens blij voelden. Toen je als jarig kind werd toegezongen en cadeautjes kreeg. Toen je je diploma haalde of die felbegeerde baan kreeg. Toen hij of zij je liefde beantwoordde. Toen je een (klein)kind in je armen had. Tegelijk: wanneer was jij voor het laatst zo blij als dat kind op die verjaardag? Is het niet zo dat er bij het ouder worden een soort van zwaarte over je leven kan komen waardoor de onbekommerde blijdschap steeds zeldzamer wordt? Dan lees je dat Paulus schrijft: ‘Wees altijd verheugd.’ Dat appel heeft iets bizars. Allereerst die gebiedende wijs. Er staat niet: ‘Probeer altijd blij te zijn’, maar ‘Wéés altijd verheugd!’ Maar blijdschap is spontaan, die kun je niet op commando afdwingen. En dan dat ‘altijd’: ‘Wees áltijd verheugd!’ Blijdschap hangt toch af van je omstandigheden en wat je meemaakt? Hoe kun je blij zijn als je in rouw bent of liefdesverdriet hebt? Het is onmogelijk, volstrekt abnormaal zelfs om altijd blij te zijn. Sowieso is het moeilijk om altijd en echt helemaal blij te zijn in deze wereld die iets heeft van een rottende appel. Dan hebben we het nog niet eens gehad over degenen onder ons die aan depressiviteit lijden. Die grauwsluier iedere dag weer. Geen staar aan de ogen, maar staar aan het hart. Dan roept Paulus ons op om altijd het weervrouwtje buiten te zetten? Dat is toch grenzeloos oppervlakkig?

Het is volstrekt abnormaal om altijd blij te zijn

Plastic smile?

Wie thuis is in Paulus’ brieven, weet dat hij nooit bedoeld kan hebben dat we een plastic smile op ons gezicht moeten hebben. Openhartig immers spreekt hij in verschillende brieven over zijn eigen verdriet, pijn en zorgen. Ook in 1 Tessalonicenzen laat Paulus weten door grote zorgen over de gemeente – zijn geesteskind – gekweld te zijn geweest. Zoals ouders duizend angsten om hun kinderen kunnen hebben, zo stond Paulus duizend angsten uit om de gemeente in Tessalonica. Zou hun geloof standhouden of niet? Hij moest en zou weten hoe het met zijn geesteskind ging en stuurde daarom Timoteüs eropaf, omdat hij het niet langer kon uithouden. Hij schrijft: ‘Ik was bang dat de verleider u had verleid en onze inspanningen voor niets waren geweest’ (1 Tessalonicenzen 3:5). In zijn brief aan de Filippenzen – waarin hij ook tot blijdschap oproept! (Filippenzen 4:4) – schrijft hij: ‘Ik heb u al vaak gezegd, en zeg nu zelfs met tranen in mijn ogen: velen leven als vijand van het ​kruis​ van ​Christus’ (Filippenzen 3 : 18). Het meest sprekend is Romeinen 9:2, als hij het heeft over zijn eigen volk, Israël, dat niet van de messias wil weten: ‘Ik ben diepbedroefd en word voortdurend door verdriet gekweld.’ Paulus heeft net als ieder ander mens verdriet, angst, zorg en boosheid gekend. Denkend aan het Joodse volk voelde hij zelfs een permanente, diepe droefheid. Dus als hij oproept om altijd blij te zijn, kan hij niet bedoeld hebben dat we geforceerd de pijn van het leven moeten negeren en met een krampachtige lach door het leven gaan. Toch staat het daar: ‘Wees altijd blij.’ Hoe kan Paulus dat bedoelen?

Eén met Christus

Paulus’ oproep heeft alles te maken met die paar woorden waarin hij de drieslag over blijdschap, gebed en dankbaarheid diep fundeert: ‘Want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.’ U bent in Christus, één met Christus Jezus… Tussen Jezus Christus en ons is de diepst denkbare verbondenheid. Een verbondenheid zo hecht als die er is tussen een hoofd en een lichaam, een wijnstok en een rank, een fundament en een bouwwerk. Wij zijn één met Hem die voor onze zonden gestorven is. Eén met Hem die uit de dood is opgestaan. Eén met Hem aan wie in deze hopeloos verloren wereld alle macht gegeven is in de hemel en op de aarde. Hierom is het Paulus in deze oproep te doen: laat die eenheid met Jezus Christus allesbeheersend zijn in je leven. Leef daaruit van dag tot dag. Laat die zelfs je stemmingen stempelen. Ja, wij leven in voortdurend wisselende omstandigheden. Die roepen niet zelden ook donkere emoties op: angst, ergernis, schuldgevoel, verdriet, woede, spijt, rouw. Maar hoe onze omstandigheden ook zijn, wij zijn en blijven in Jezus Christus, de levende, de opgestane Heer. Daarom zegt Paulus: ‘Wees altijd verheugd.’ Dit getuigt niet van een grenzeloze oppervlakkigheid, maar van de grenzeloze grootheid van Jezus Christus. Een paar opmerkingen wil ik hierbij maken.

Geen advies

Eerst nog iets over die gebiedende wijs. De apostel Paulus geeft geen vrijblijvende adviezen, maar doet een dringend appel om te allen tijde verheugd te zijn. Zoals van de liefde wel gezegd wordt dat het een werkwoord is, zo geldt dat dus ook voor blijdschap: je moet eraan werken! Want het blijft waar, we worden geleefd door de omstandigheden. In tijden van grote zorg en lange nachten zonder slaap kan de verkokering toeslaan en kun je helemaal opgaan in je narigheid. Dan kan de gebiedende wijs die Paulus gebruikt je helpen om daartegen weerstand te bieden. Die kan je helpen om jezelf zelfs tot de orde te roepen: ‘Ik wil me niet uitleveren aan de weersomstandigheden van het bestaan, maar in alle omstandigheden met Christus leven!’ Van belang is dat Paulus’ oproep om je te blijven verheugen hand in hand gaat met een oproep om te blijven bidden en danken: ‘Wees altijd verheugd, bid​ onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met ​Christus​ ​Jezus, verlangt.’ Daarin zit iets ontspannends. Haal je Paulus’ appel om blij te zijn in Christus uit het verband, dan lijkt het alsof je een soort Baron Von Münchhausen moet zijn, die zichzelf aan de haren uit een moeras – in dit geval het moeras van verdriet – omhoogtrok. Maar de vreugde in Christus wandelt hand in hand met aan de ene kant het onophoudelijke gebed en aan de andere kant de dankzegging. Beide brengen je bij Jezus Christus, die de bron van blijdschap is en wil zijn. Is dat niet herkenbaar? Dat je in verdrietige omstandigheden in gesprek gaat met je Heer en dat de Heer dan zomaar in gesprek gaat met jou? Dat Hij een nieuw perspectief biedt? Of dat er in Christus een vrede mag zijn die alle verstand te boven gaat zoals Paulus dat zegt in Filippenzen 4? Ik moet denken aan een kind op een druk strand in het buitenland: vreemde talen, opgeschoten jongens, onbekende muziek. Intimiderende en beangstigende omstandigheden, al helemaal als het kind verdwaald is! Hoe anders wordt het als het kind hand in hand met de ouders over het strand gaat. Dan voelt het zich veilig en kan het ondanks alles eromheen zelfs blij zijn. Nog dichterbij dan ouders bij hun kind, is Jezus bij ons. Wij zijn immers één met Hem?

Vragen voor overdenking en bespreking:

  1. Welke stemmingswisselingen kun jij doormaken op een dag?
  2. Wat maakt jou allemaal blij?
  3. Wanneer was jij voor het laatst echt blij?
  4. Wat betekent het voor jou om in Christus te zijn?
  5. Helpt het besef van de eenheid met Christus jou om je niet door de weersomstandigheden van het bestaan te laten leven? Oefen jij jezelf daarin?
  6. Welke rol spelen het gebed en het tellen van je zegeningen om je af te stemmen op wat je ondanks alle omstandigheden in Jezus Christus hebt?
Over de auteur
Jan Mudde

Ds. Jan Mudde is als predikant verbonden aan de NGK Enschede-Lasonderkerk. Hij is ook kernredacteur van Onderweg.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief