Wat doet er echt toe?

Maarten Boersema | 12 december 2025
  • Algemeen
  • Interview

‘Waar gaat het om in het leven? En dus ook in de kerk? Het belangrijkste is Christus, dat ik Hem vasthoud en dat ik op de plek waar ik leef iets teruggeef van wat Hij in mij heeft geïnvesteerd. Hoe meer ik alles met Hem verbind, hoe meer alles op zijn plek gaat vallen.’

We spreken met Ad de Bruijne over de toekomst van de kerk. Hij is hoogleraar ethiek en spiritualiteit aan de Theologische Universiteit in Utrecht. Volgend jaar zomer gaat hij met emeritaat. Bovenstaande woorden spreekt hij uit in een bewogen periode in zijn leven. Afgelopen jaren moest hij afscheid nemen van zijn vader, ook overleed zijn broer na een ziekbed en zijn vrouw werd gediagnosticeerd met dementie.

Kwetsbaarheid

‘Ik wist natuurlijk altijd al dat het leven eindig is, maar ik ben daarmee door onze persoonlijke situatie nog meer geconfronteerd. Mijn vrouw kan soms niet meer op namen komen van mensen die haar heel dierbaar zijn. Ook hele alledaagse handelingen lukken haar soms niet meer. Als ik nu nadenk over de kerk en haar toekomst, dan speelt daarin het diepe besef van kwetsbaarheid mee en dus ook de gedachte aan wat echt belangrijk is in het leven. De kerk is voor mij de gemeenschap waarmee Christus zijn nieuwe leven deelt. Dat is dus overal waar het Evangelie mensen tot Hem beweegt, waar ze opengaan voor Hem. Ik heb een ruime opvatting over de kerk. Christus maakt in die gemeenschap ook uitnodigend plek voor kinderen en anderen die Hem nog niet daadwerkelijk hebben aangenomen. Dat is de waarde van verbondsdenken. Gods kerk begint breed, maar uiteindelijk moet Jezus’ leven wel in ieders hart en leven doordringen.

Duidelijke boodschap

‘De kerk van de toekomst moet een duidelijke boodschap verkondigen. Het gaat om de verkondiging van Christus als de enige weg naar God en de overtuiging dat God tot ons spreekt. In onze kerken heeft de afgelopen decennia een verandering plaatsgevonden in omgaan met de Bijbel. Er is een breed besef ontstaan dat je de Bijbel vaak niet simpel een op een op onze tijd kunt leggen. Ik heb daaraan zelf met mijn publicaties bijgedragen. Het gevaar is alleen dat er een houding van relativisme kan ontstaan. Want als je de Bijbel vaak niet rechtstreeks kunt toepassen, wat kun je er vandaag dan mee? Het is noodzakelijk om telkens te beseffen dat God echt door de Bijbel heen spreekt. Een heilig ontzag dus.’ Hij is even stil. ‘Jaren geleden was ik met een collega-predikant op weg naar een vergadering. Hij vertelde dat hij elke ochtend de tijd nam om een stuk uit de Bijbel te lezen in het Hebreeuws of Grieks. Dat was voor mij een aansporing om dat ook op te pakken. Lang niet altijd doet dat direct iets met je, maar je oefent jezelf in het besef dat God je aanspreekt. Het leert je ook gehoorzaamheid. Dat is overigens niet altijd een op een in praktijk brengen wat er staat. Het is voor alles een luisterhouding, ontvankelijkheid en eerbied, de bereidheid je door God te laten leiden. Ik hoop dat we een dergelijk besef weer meer in kerkdiensten voeden. Dat er spreekwoordelijk gezien een luik naar boven toe opengaat en dat we ons de aanwezigheid van God realiseren. Een gehoorzame luisterhouding begint in de kerk. Waar anders? Gehoorzaamheid brengt ook een zekere bescheidenheid met zich mee. Gods stem klinkt, maar dat betekent niet automatisch dat ik Hem goed versta. Daarin zijn we in onze traditie niet altijd even goed geweest. We wisten soms te goed hoe iets zat en dan was er geen ruimte voor andere perspectieven. Dat is in de afgelopen decennia wel anders geworden en ook de fusie van de voormalige GKv en NGK is daarvan een signaal. Dat is echt geestelijke groei en ik hoop dat we verder mogen groeien in die combinatie van gehoorzaamheid aan God en bescheidenheid en openheid voor elkaar.’

Kruisdragen

De Bruijne koestert al vanaf jonge leeftijd eschatologische interesse: hij is bezig met de leer over de laatste dingen. Dit tweede aspect brengt hij in als hij nadenkt over de kerk van de toekomst. Momenteel is hij bezig met de eschatologie van Abraham Kuyper. Volgend jaar komt De Bruijne met een lijvig boek over hem. ‘Kuyper spreekt heel nadrukkelijk over een kerk die in de verdrukking zal komen. De macht van het kwaad zal proporties krijgen waarvan we nu nog geen weet hebben. Bereid je daarop voor, zegt hij. Liever was ik met een geruststellender boodschap gekomen, maar ik ben bang dat hij gelijk zou kunnen krijgen. Als je bijvoorbeeld de ontwikkelingen in de Artificial Intelligence volgt, dan moeten we vrezen voor superintelligentie. Experts verschillen van mening, maar sommigen verwachten dit al rond 2050. Dat betekent dus kunstmatige intelligentie die mensen ver overtreft. Als dat er is, zal dat ons als mensheid voor vragen stellen die we nu nog niet kunnen bevroeden. Hoe houden we controle? Hoe blijven we menselijk? En wat te denken van wereldomspannende schadelijke machten, politiek, militair, Big Tech? Of de gevolgen van klimaatveranderingen? Met Kuyper denk ik dat we ons echt moeten voorbereiden op andere tijden. Dat vraagt van de kerk vorming in het nieuwe leven, in de stijl van het koninkrijk, zoals ik het zelf ooit formuleerde. Je zou het ook de stijl van de Bergrede kunnen noemen, waarin de trekken en het karakter van Jezus uitgetekend worden. Als er straks kwade krachten zijn die een globale actieradius hebben, is het echt urgent om persoonlijk en samen sterk te staan in de Heer.’

Spiritualiteit en ethiek

Gaat het over karaktervorming, dan spreekt De Bruijne al snel over het Engelse duo ‘Vision en Virtue’. Het is lastig om er Nederlandse equivalenten voor te vinden. We moeten leren de wereld en wat er gebeurt te zien in het licht van Gods werk en bedoeling om daar met ons leven zoveel mogelijk bij te passen. Dat vraagt om een verbinding tussen spiritualiteit en ethiek. De Bruijne haalt Kuyper nogmaals aan om het duidelijk te maken. ‘Als je mensen wilt laten groeien in vrijgevigheid, zo zei Kuyper, dan moet je bij wijze van spreken eerst een jaar lang preken over God, die als Schepper heel de aarde bezit. Je moet de dingen leren zien tot op God en zijn glorie en daardoor geraakt worden. Dan krijg je de passende visie op de dingen en tegelijk begint daarmee de vorming van karakter en het aanleren van deugden. Die geraaktheid door God maar ook door de nood van mensen laat zien dat morele groei niet zonder een spirituele wortel kan.’ De Bruijne ziet hier een belangrijk aandachtspunt voor de kerk van de toekomst. Tegelijk lukt aanleren van een levensstijl niet door theoretisch bezig te zijn. Als kerk moet je de stijl van het koninkrijk ook daadwerkelijk inoefenen. Begin maar met buurtmaaltijden of het opzetten van een project in je omgeving om elkaars leven meer te gaan delen. Dan neem je elkaar mee en leer je in de praktijk met vallen en opstaan gastvrij te zijn, geduld en doorzettingsvermogen te hebben, offers te brengen, vol te houden, terug te vallen op gebed en je energie te zoeken in God en zijn Woord.

Je moet de dingen leren zien tot op God en zijn glorie en daardoor geraakt worden

Traditie zonder oogkleppen

De Bruijne is blij met een toenemende interesse bij jongeren voor het geloof, maar hij blijft realistisch. ‘Zij vormen nog altijd een minderheid. Ik denk dat er netto een kleinere, maar meer gecommitteerde kerk in Nederland zal overblijven. Waarschijnlijk verandert het karakter van onze kerken ook. De harde kern wordt kleiner, maar er zal een grotere groep mensen als geïnteresseerden rondom die kern cirkelen. Dat vraagt dus om een andere manier van kerk-zijn. Ook zullen we ons moeten oefenen in de omgang met verschillende visies op tal van terreinen.’ Of de NGK ooit samen zal gaan met de PKN durft De Bruijne niet te zeggen. ‘Inhoudelijk kunnen we elkaar steeds meer vinden, maar de organisatie van beide kerken is zo anders, dat het de vraag is of je alle energie moet stoppen in een fusie. Dat lijkt mij niet. Wat Bavinck over ethiek zegt, pas ik ook hierop toe. De eenheid van het christelijke ligt nog voor ons. Nu hebben we nog verschillende tradities: lutherse, hervormde, gereformeerde, katholieke. Je moet bewaren wat God gaf in je eigen traditie en dat inbrengen in het grotere geheel. Daarbij past geen geforceerde eenheid maar hartelijk samenleven in de vorm van netwerken.’

Over de auteur
Maarten Boersema

Maarten Boersema is fotograaf, tekstschrijver en predikant.

Van De Reformatie en Opbouw tot OnderWeg

Van De Reformatie en Opbouw tot OnderWeg

Sjoerd Wielenga
  • Beschouwing
  • Thema-artikelen
Als pelgrims samen OnderWeg

Als pelgrims samen OnderWeg

Elze Riemer
  • Interview
  • Thema-artikelen

Reageer op dit bericht

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief