Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak
- Redactioneel
Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt.
Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND, 6 juni). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.
Bij de doorstart van het vernieuwde Onderweg in januari 2026 typeerde de redactie de NGK als een zoekend kerkverband, dat richtingsaanduiding nodig heeft en met het oog daarop ook het gesprek met alle stemmen die samen de NGK vormen In dat kader kan dus ook een stem klinken zoals die van Van der Meer. Net als bij alle opiniestukken, betekent dit niet dat de redactie inhoudelijk met het stuk instemt.
De hoofdredactie heeft daarbij in haar eerste commentaar (januari) de kwestie van het belijden op tafel gelegd. Volgens haar zijn binnen de NGK de basale vragen onderwerp van gesprek. Er is dan ook vanaf de doorstart een regelmatig terugkerende rubriek opgenomen over vitaal belijden. De hoofdredactie stelde verder dat ruimte nodig is waarin overwogen kan worden in welke richting het kerkverband zich wil ontwikkelen. In dat kader staat Van der Meers artikel.
De vraag die zijn artikel oproept, is of dit de richting is die de kerken willen opgaan als het gaat over de historiciteit van de zondeval, de interpretatie van de eerste hoofdstukken van Genesis en de omgang met het kerkelijk belijden. Dat is precies het gesprek dat de redactie beoogt.
Daarom ging het artikel van Van der Meer ook gepaard met een hoofdredactioneel commentaar dat zijn stuk in die context plaatst. Daar blijkt dat zijn visie breder resoneert binnen de kring van de NGK en de Theologische Universiteit Utrecht.
Hoogleraren en predikanten spreken gevarieerd over de zondeval. Voor de een is het de oermythe buiten de geschiedenis, een ander leest het mogelijk als emancipatieverhaal, weer een ander spreekt over een repeterend patroon van schepping-val-verlossing. Het laat zien dat Van der Meer niet de enige is die afwijkt van het kerkelijk belijden. Tussen die verschillende opvattingen zitten er ook die elkaar tegenspreken, dan wel uitsluiten. Alle reden dus binnen de NGK om van gedachten te wisselen. Een publicatie als die van Van der Meer draagt daaraan bij. De reactie van Wiskerke eveneens.
Maar uiteindelijk is het aan de kerken zelf om de handschoen op te pakken. Hoe willen wij ons verhouden tot het kerkelijk belijden?
Niettemin kunnen lezers zich wat overvallen voelen door een opvatting die wordt ‘gedropt’. Zelfs als de bovenstaande kaders niet aangereikt zouden zijn, dan nog zou het denkbaar zijn om een opvatting als die van Van der Meer te publiceren: namelijk vanwege het simpele feit dat een predikant binnen de NGK deze opvatting is toegedaan.
Het informeert lezers en kerkleden over waar hun voorgangers staan qua interpretatie van de Bijbel en verhouding tot de kerkelijke belijdenis. Het is goed als ze daar weet van hebben. Zij zijn ook vrij om inhoudelijk te reageren op wat gepubliceerd wordt, geregeld worden dergelijke bijdragen ook geplaatst.
Tot slot: hoogleraar Oude Testament aan de TUU, Koert van Bekkum, werkt aan een verdiepend artikel voor Onderweg, dat naar verwachting later dit jaar geplaatst wordt. Daarin bespreekt hij de eerste hoofdstukken van Genesis. Daarbij zal hij ook ingaan op het stuk van Van der Meer. Maar uiteindelijk is het aan de kerken zelf om de handschoen op te pakken. Hoe willen wij ons verhouden tot het kerkelijk belijden? Welke bandbreedte hebben we voor ogen? Wat houdt het in om je te verbinden aan het belijden van de kerk?
Het is aan de kerken om daar richting in aan te geven.
Dit artikel verscheen eerder in het Nederlands Dagblad van vrijdag 12 juni 2026 https://www.nd.nl/opinie/opinie/1320198/waarom-in-het-kerkblad-onderweg-mag-klinken-dat-de-slang-in-h



