Mijn reis naar genade: een transformatie in de betekenis van geloof
- Opinie
Geloof was voor mij lange tijd onlosmakelijk verbonden met ernst, onvermoeibare inzet en persoonlijke verantwoordelijkheid. Ik groeide op met het idee dat mijn relatie met God een bouwwerk was dat ik zelf moest optrekken, steen voor steen, met rechtvaardigheid als fundament en voortdurende zelfbewaking als cement. Jarenlang dacht ik dat rust een beloning was die pas aan het einde van het pad van plichtsvervulling wachtte. Maar hoe harder ik liep, hoe verder de finish leek te liggen. In mij groeide een stille maar aanhoudende vraag: als ik altijd moet blijven presteren om aanvaard te worden, wanneer mag ik dan rust ervaren? Die vraag werd het begin van een geestelijke ommekeer en van een reis die mij geleidelijk met een nieuwe betekenis van geloof in aanraking bracht.
In het verleden was mijn begrip van zonde vooral gedragsmatig en juridisch. Zonde was voor mij een fout die het evenwicht van mijn morele balans verstoorde en die ik moest herstellen door berouw, schuldbelijdenis en verbetering. Mijn leven werd zo een soort voortdurende geestelijke boekhouding. Elke misstap bracht nieuwe onrust, elke fout voelde als een zware last. Ik was verantwoordelijk om mijzelf te corrigeren, maar echte, blijvende vrede vond ik nooit. Er ontbrak altijd iets.
Kennismaking met protestantse theologie
De kennismaking met de protestantse theologie vormde een keerpunt. Daar kwam ik een begrip tegen dat mijn denken diepgaand uitdaagde: genade. Ik leerde dat zonde niet slechts een verkeerde daad is, maar een toestand van vervreemding in de relatie tussen mens en God. Nog belangrijker was de ontdekking dat vergeving geen beloning is voor mijn morele verbetering, maar een gave die voorafgaat aan elke menselijke inspanning. God wachtte niet tot ik volmaakt was; in Christus nam Hij zelf het initiatief om mij juist in mijn onvoltooide staat te aanvaarden. Met andere woorden: ik hoefde mijzelf niet langer te redden.
Ook mijn begrip van gerechtigheid veranderde. Voorheen zag ik gerechtigheid als het resultaat van inzet en verdienste. Nu begreep ik dat in het christelijk geloof gerechtigheid wordt toegerekend en niet verdiend. Zij is niet het product van mijn werken, maar van het geloof dat mij met Christus verbindt. Dit inzicht nam een last van mijn schouders die ik jarenlang, vaak onbewust, had gedragen.
Dit inzicht nam een last van mijn schouders die ik jarenlang, vaak onbewust, had gedragen
In dit proces kreeg ook het begrip bekering een nieuwe betekenis. Bekering was niet langer een angstige poging om de goedkeuring van een verre of strenge God te verkrijgen. Het woord dat in het Nieuwe Testament wordt gebruikt – metanoia – betekent een verandering van denken en hart. Voor mij werd bekering een bewuste en oprechte omkeer, geen vlucht uit angst voor straf, maar een terugkeer in vertrouwen. Bekering werd thuiskomen, niet wegvluchten. Deze verschuiving markeerde het begin van een innerlijke vernieuwing, waarin de motivatie tot verandering niet langer angst of dwang was, maar een levende relatie.
Deze verandering bleef niet beperkt tot ideeën. Gaandeweg werd zij zichtbaar in mijn dagelijks leven: in de manier waarop ik met mijn angsten omging, in mijn relaties en zelfs in mijn omgang met mislukkingen. Wat mij vroeger verlamde of deed terugtrekken, werd nu een gelegenheid tot gesprek, groei en aanvaarding. Het proces was langzaam, maar wezenlijk.
Wat mij vroeger verlamde of deed terugtrekken, werd nu een gelegenheid tot gesprek, groei en aanvaarding.
De wet en de heilige Geest
Een van de diepste verschuivingen betrof mijn motivatie om goed te doen. Vroeger zag ik goede werken als een ladder naar God. Nu begrijp ik dat die ladder voor menselijke kracht te hoog is. In het christelijk geloof zijn goede werken geen middel om God te bereiken, maar de vrucht van de relatie met Hem. De mens dient God niet om gered te worden, maar dient omdat hij gered is. Deze verschuiving bevrijdde mij van de voortdurende druk om mijzelf te bewijzen. Verantwoordelijkheid en liefde werden geen strategie om een betere toekomst veilig te stellen, maar een natuurlijke reactie van een hart dat genade heeft leren kennen.
Ook de plaats van de wet kreeg een nieuwe betekenis. Ik leerde dat de wet als een spiegel is: zij toont de werkelijkheid van de mens, maar kan die niet veranderen. Een spiegel reinigt het gezicht niet, maar maakt zichtbaar dat het gewassen moet worden. De wet liet mij zien dat ik mijzelf niet kan redden en wees mij zo op een hoop die mijn eigen vermogen overstijgt.
Een spiegel reinigt het gezicht niet, maar maakt zichtbaar dat het gewassen moet worden.
Daarnaast kreeg de rol van de heilige Geest een nieuwe diepte. In dit geloof wordt de mens niet aan zichzelf overgelaten om simpelweg beter zijn best te doen. Het geloof in de aanwezigheid van Gods Geest als Helper gaf mij het vertrouwen dat groei en verandering niet uitsluitend voortkomen uit menselijke wilskracht, maar uit goddelijke nabijheid. Een innerlijke kracht die nieuw verlangen en nieuw vermogen schenkt om verantwoordelijk en liefdevol te leven.
Vandaag is geloof voor mij minder een verzameling geboden en verboden en meer een levende relatie. Ik leer nog steeds, ik struikel nog steeds en ik word nog steeds geconfronteerd met mijn zwakheden. Maar ik leef niet langer onder een constante druk van angst. De grootste vrucht van deze reis is de zekerheid van redding – een zekerheid die niet rust op mijn wankele trouw, maar op Gods blijvende trouw.
Wat ik hier heb geschreven is geen oordeel over andere wegen, maar het verslag van een persoonlijke ervaring. Deze reis leerde mij dat geloof kan verschuiven van doen naar zijn. Ik leef niet langer om geliefd te worden; ik leef omdat ik aanvaard ben. Voor mij betekent genade: thuiskomen op een plaats waar ik al aanvaard ben, nog voordat ik iets heb bewezen.
Biografie
Farshad Safariyan is 52 jaar oud en geboren in Iran. Ongeveer twee jaar geleden werd hij vanwege zijn christelijke overtuiging gedwongen Iran te verlaten. Momenteel woont hij samen met mijn zoon in Nederland. Zijn vrouw werd gedwongen teruggestuurd naar Iran, wat heeft geleid tot een onvrijwillige scheiding tussen hen. Safariyan is in Nederland betrokken geraakt bij Gereformeerde Samenwerkingsgemeente De Lichtbron in Zutphen en is daar gedoopt. Hij is momenteel actief in de kunst van houtinlegwerk (marqueterie). Hij werkt in het kerkgebouw van De Lichtbron aan zijn marqueteriewerken.
Farshad Safaryan is lid van de Gereformeerde Samenwerkingsgemeente Zutphen-De Lichtbron.



