Laat jezelf tot rust brengen

Jeannette Westerkamp | 5 augustus 2017
  • Eyeopener

HEERE, mijn hart is niet hoogmoedig,
mijn ogen zijn niet trots, (…)
ik heb mijn ziel tot rust
en tot stilte gebracht,
als een kind dat de borst ontwend is, bij zijn moeder
(Psalm 131:1-2 HSV)

 

Het Nederlandse woord ‘trots’ komt van het Duitse Trotz, lees ik in het etymologisch woordenboek. Luther gebruikte het voor het eerst in zijn Bijbelvertaling en zo kwam het via de Nederlandse versie daarvan in het Nederlands terecht. Het woord betekende: dapper, moedig, maar ging klinken als: hoogmoedig. Het heeft misschien te maken met: ‘Wee u, rijken’ en ‘Zalig zijn de armen’. De rijke is niet afhankelijk, hij heeft niemand nodig. Wat een voorrecht is, wordt tot een achterstand.

(beeld ASIFE/iStock)

(beeld ASIFE/iStock)

De dichter van Psalm 131 zegt dat hij niet trots is. Hij voelt zich niet beter dan anderen. Hij zegt trouwens ook niet dat hij zich slechter voelt of minderwaardig. Hij vergelijkt zich niet met anderen, hij oordeelt niet over zichzelf. Hij heeft zijn ziel tot rust gebracht. Ik stel me zo voor dat hij tegen zichzelf mompelde: ‘Waar ben je toch zo hard mee bezig? Vind jezelf toch niet zo belangrijk. Wat wil je bewijzen? Stop ermee. Even bezinnen, tot jezelf komen.’

We kunnen onszelf opbouwen, afbreken, opjagen, lamleggen. We kunnen onszelf ook tot rust brengen. Dat is lastig. Je gaat makkelijker even een filmpje kijken, of iets lezen op een scherm, of iets eten, drinken, roken, shoppen, appen. Er is erg veel om ons heen dat zich aanbiedt als ontspanning en verstrooiing. Even weg ermee! Je kunt een film kijken of naar de zon vliegen, maar een ziel die tot rust is gebracht, is juist tot zichzelf gekomen. Niets doen, even niets willen. De zoon die de wereld inging om zichzelf te worden, kwam pas tot zichzelf toen hij bij de varkens zat en niet te trots was om weer thuis te komen.

Wiebelen

Een klein kind dat net een beetje kan zitten, maar nog niet zonder steun, kan onbekommerd op je knieën zitten te wiebelen. Het is helemaal afhankelijk van de handen die het vasthouden, maar is geen moment bang dat je hem of haar zult laten vallen. Het is vol vertrouwen. Het is als dat kind in de psalm dat de borst ontwend is. Moeder is meer geworden dan een borst. Het is fijn om bij elkaar te zijn, om tegen elkaar aan te leunen, om samen te babbelen en rond te kijken.

De psalmdichter voelt zich bij God als zo’n kind. Net zo klein en afhankelijk, maar niet zielig of hulpbehoevend. Hij klampt zich niet vast, hij bestookt God niet met vragen. Er staan op dat moment geen verlangens tussen hem en God. Het is goed om samen te zijn. Soms staar ik uit het raam en heb ik zo’n moment. Dan kijk ik naar de vogels aan de hemel, naar de blaadjes die bewogen worden door de wind, naar de zon op een dakpan… Zomaar even mezelf tot rust brengen, bij het maken van een verslagje. Waarom ben ik zo gehaast? Ben ik werkelijk zo belangrijk? Op de fiets even niet doortrappen, maar me verbazen over wat er om me heen te zien is. In de winkel naar de aubergines kijken en denken: Heer, wat een goed idee van U, zo paars!

Ik realiseer me regelmatig dat ik Gods hulp nodig heb en vraag daar dan ook om, maar wat is dat voor relatie als ik alleen maar hulp vraag? Dat is een relatie met een helpdesk. Maar kan ik ook stil zijn bij God? Hoe ik me op zo’n moment ook voel – dankbaar, blij, moe, verdrietig – en dan toch als een kind erop vertrouwen dat ik geliefd ben?

Verwachtingen

Een kind leert volwassen te worden: ‘Ik kan het zelf.’ Dat is de bedoeling. Wij zijn geroepen om volwassen kinderen van God te zijn, medewerkers in zijn koninkrijk. Het leven is niet bedoeld om op schoot te blijven zitten of uit het raam te blijven staren. Psalm 131 is een ‘onderhoudspsalm’, waar je elke keer even terugkomt. Van wie verwacht ik alles? Van mezelf of van God? Waar moet het een beetje minder van mezelf worden en een beetje meer van God?

Veel jongvolwassenen (de leeftijd van mijn kinderen) hebben geleerd om trots te zijn op zichzelf. Ze kregen vaak de bevestiging die hun ouders misten; meer bewondering dan correctie. Dat schept verwachtingen. Met hun mobiel boeken ze een reis, bestellen ze een pizza en zoeken ze medische informatie op. Alles wat ze willen weten hebben ze in hun broekzak, ze hebben niemand anders nodig. Ontspannen is: nieuwe dingen ervaren, vrienden maken, reizen, vrij blijven. Het lijkt allemaal geweldig, maar steeds meer jonge mensen raken burn-out. Het leven wordt ze te zwaar. Ze kunnen niet wat ze denken te moeten kunnen. Ze zouden gelukkig moeten zijn, maar dat zijn ze niet. En dat is niet eerlijk. Nee, het leven is niet eerlijk. Zijn we nog wel opgewassen tegen frustraties en teleurstellingen, ook teleurstellingen in onszelf? Is er niet iets te vinden tussen overmoed en wanhoop?

Controle

Ik ben niet hoogmoedig, zegt de psalmdichter, mijn ogen zijn niet trots. Als ik om me heen kijk, hoef ik niet me niet te meten met anderen. Ik hoef niet zoals anderen te zijn, niet meer. Ik hoef mijn eigen leven niet volledig onder controle te hebben. Ik hoef niet steeds alles een stapje voor te zijn, misschien kan ik dan anderen een stapje verder helpen. Ik hoef geen zevendaagse werk- en winkelweek. Ik verwacht het van God. Ik weet dat ik kwetsbaar en afhankelijk ben en dat ik met Hem over een muur kan springen.

Want wie ben ik eigenlijk? Verstandig soms en zo onhandig op een ander moment. Vol energie en soms te moe voor alles. Gelovig en soms vol twijfels. Geduldig en ongeduldig. Maar ik ben altijd een geliefd kind van God. En niets kan mij scheiden van die liefde, mijn eigen onvermogen niet en mijn omstandigheden niet. Dus laat ik mezelf tot rust brengen.

Om over na te denken

  • Wat zijn voor jou manieren om jezelf tot rust te brengen gedurende de dag, de week en het jaar? (Kijk in het vorige nummer van OnderWeg voor tips.)
  • Herschrijf deze psalm eens voor jezelf. In de jeugdinrichting waar ik werk, laat ik de jongeren die ik spreek dat regelmatig doen: een psalm herschrijven in hun eigen woorden. Hieronder geef ik twee voorbeelden, de eerste is van een jongen van 16 die regelmatig met de politie in aanraking kwam en de tweede van een meisje van 14 dat als kind misbruikt werd en als tiener geen gezonde grenzen meer had.

Psalm 131

Heer, ik zoek niet de grenzen op,
Ik denk ook niet dat alles vanzelf zal gaan.
Ik ga mensen uit de weg die vol van zichzelf zijn
En geen respect hebben.

Ik ben opgehouden te doen wat het eerst in me opkomt.
Ik ben opgehouden te praten en ben gaan luisteren.
Ik heb mijn rust gepakt door me terug te trekken
En te tekenen en muziek te luisteren,
Door te voetballen en mijn energie eruit te gooien
En door met God te praten en te bidden.
Dan ben ik als mijn konijn, zoals het in je armen ligt,
Of als onze buldog als hij lekker gerend heeft.

Mensen, vind je rust bij God
Hier, nu en altijd.

Psalm 131

God, ik zoek niet meer zo naar aandacht
Ik doe niet meer alles wat mensen van me verlangen
Ik probeer de waarheid te zeggen
En voor problemen hulp te vragen
Ik heb een betere band met mijn ouders.

Ik ben rustiger geworden
Ik ben onzekerder geworden
Omdat ik nu nadenk over wat er gebeurd is.
Maar God is bij me
Hij is als een vader
Hij staat achter me en beschermt me.

Zeg tegen God wat je dwarszit, zeg ik tegen mezelf.
Dan weet je beter wat je doen moet
En dan ben je minder eenzaam en verdrietig.

Over de auteur
Jeannette Westerkamp

Jeannette Westerkamp is parttime justitiepredikant namens de NGK Houten.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief