Ontdekkingsreizigers in de kerk

Anko Oussoren | 12 mei 2018
  • Jeugdwerk

‘Pap, ik ga niet mee naar de kerk!’ Een beetje beduusd kijk ik mijn zoon van 9 aan. ‘Natuurlijk ga je wel mee’, antwoord ik. ‘Maar in de kerk is er niks voor mij’, zegt hij. Voor mij als kind was het nog gewoon om met mijn ouders mee naar de kerk te gaan; vandaag de dag is dat heel anders. En hoe reageer je dan?

De weigering van mijn zoon kan aan mijn gebrekkige opvoedkunde liggen, maar ik spreek regelmatig ouders die dezelfde ervaring hebben met hun kinderen. Als jeugdwerker en als jeugdwerkadviseur lukte het mij altijd wel om dit te duiden, maar nu mijn eigen kinderen groter worden, merk ik dat ik er onrustig van word. Ik bekijk de kerk(dienst) veel meer als ouder en dan komen er andere gevoelens naar boven. Als ik mij inleef in mijn zoon en met de ogen van een 9-jarige naar de kerkdienst kijk, dan snap ik zijn reactie. Er is inderdaad meestal niks voor hem, vooral in de middagdienst. En ik merk dat ik daar moeite mee heb.

Vanzelfsprekend

Zelf ben ik nog net opgegroeid in de slipstream van de verzuiling. Het was min of meer vanzelfsprekend om naar de kerk te gaan en ik ging zonder tegenstribbelen mee. Niet omdat ik het zo leuk vond, maar het kwam niet in mij op om niet te gaan. Ik ging om mijn vrienden te ontmoeten. Vandaag is de kerkdienst één van de activiteiten waaruit we kunnen kiezen. Terwijl ik er vrienden tegenkwam, merken kinderen (en jongeren) vandaag soms dat ze met maar heel weinig kinderen zijn. Terwijl juist voor kinderen vanaf een jaar of 7 vrienden en vriendinnen belangrijk worden; ze willen ergens bij horen.

Dat roept vragen op. Kun je als ouder nog van je kind vragen om te gaan, zeker als er voor hem of haar ‘niks’ is? Daarbij lijkt het erop dat de middagdienst vooral iets voor de liefhebbers is, omdat het meestal een kopie is van de morgendienst, in afgeslankte vorm. Er wordt zelden aandacht gegeven aan kinderen en vaak worden middagdiensten ook nog eens gecombineerd met andere kerken (meer onbekenden).

Sponzen

Het boeiende aan de levensfase van mijn zoon is dat hij door met andere kinderen te spelen zijn eigen talenten en vaardigheden ontdekt. Steeds meer legt hij verbindingen tussen wie hij is en wat hij kan. Kinderen in zijn leeftijd zijn net sponzen. Ze zuigen informatie op en stellen veel vragen. Ze willen achtergrondinformatie.

 

Kinderen in zijn leeftijd zijn net sponzen

Bij jongere kinderen is het voldoende om hun de verhalen van de Bijbel te vertellen; dat kunnen ze beter begrijpen dan meer theoretische betogen. Kinderen vanaf een jaar of 8 kun je ook de grote lijnen in de Bijbel en de doorgaande lijnen in de Bijbelse geschiedenis meegeven. Door hun groeiende vermogen om abstract te denken, kunnen ze steeds beter verbanden leggen. Kinderen worden echte ontdekkingsreizigers. Het zou daarom goed zijn om in de kerk ruimte te geven aan complexere thema’s en ervoor te kiezen om bij deze kinderen andere vormen te gebruiken dan het navertellen van verhalen. Soms merk ik echter in gemeenten zelfs wat aversie tegen kennisoverdracht.

Aanpassen

Hoe kunnen we hiermee omgaan in de kerkdienst? Het Handboek voor kinderwerkers schetst drie opties.

  • Kinderen maken de hele dienst mee en soms spreekt de voorganger ze expliciet aan. Ze leren de dienst bij te wonen en zich daarin te schikken. Het grootste gedeelte ervan gaat echter over hun hoofd heen en dan krijg je reacties zoals die van mijn zoon.
  • Kinderen volgen een apart programma waarin ze op hun eigen niveau worden aangesproken. Ze vinden dit vaak leuker en kunnen contact maken met andere kinderen in de kerk. Het nadeel is dat de latere overstap naar een ‘gewone’ dienst erg groot wordt.
  • Kinderen maken een deel van de dienst mee en volgen daarna een apart programma. Het mooie hiervan is dat de aandacht voor de kinderen niet ten koste van het samenzijn gaat. Een nadeel is dat de tijd apart vaak beperkt is en er weinig gelegenheid is voor verwerking.

In elk van deze opties wordt ervan uitgegaan dat de kinderen zich moeten aanpassen, niet de volwassenen. Je kunt voor één van deze opties kiezen als het aanpassen van de eredienst, zodat kinderen zich wel aangesproken voelen, niet aan de orde is. Je kunt er echter ook voor kiezen om in de liturgie en de gehanteerde vormen tijdens de dienst echt rekening te houden met de aanwezige kinderen.

Antwoord

Welke benadering je ook kiest, realiseer je dat het voor kinderen in de bovenbouw van de basisschool erg belangrijk is dat ze kennis opdoen. Ze willen graag verhalen horen met veel informatie en concrete toepassingen. Tegelijk zijn ook relaties met leeftijdgenoten voor hen belangrijk, net zo goed in de kerk. Als we niet willen aansluiten bij onze kinderen, hoe reageren we dan als een 9-jarige zegt: ‘Maar in de kerk is er niks voor mij’?

Agenda

16 mei (Hardinxveld-Giessendam): ‘Deel je leven’. Een interactieve avond voor diakenen en jeugdleiders. Zie diaconaalsteunpunt.nl/bijeenkomsten/deel-leven-hg.

18-21 mei (Biddinghuizen): Pinksterconferentie Opwekking, met als thema ‘One way’. Er zijn programma’s voor kinderen, tieners en jongeren, maar ook interessante seminars voor jeugdwerkers. Zie www.opwekking.nl/conferenties/pinksterconferentie.

26 mei (Arnhem): EO Jongerendag, met als thema ‘Walk on water’. Zie beam.eo.nl/eo-jongerendag.

30 juli-3 augustus: HGJB Barrelrace. Een roadtrip door Europa voor 18+-jongeren met opdrachten en een wedstrijdelement. Zie www.hgjb.nl/werken-met-jongeren/actueel/bericht:30-7-tm-3-8-barrelrace-door-europa.htm.

Media/tips

Het Handboek voor kinderwerkers is geschreven vanuit de gedachte: hoe brengen we kinderen bij Jezus? Het kan een bijdrage leveren aan het ontwikkelen van inspirerend kinderwerk. Zie www.handboekvoorkinderwerkers.nl.

De Samenleesbijbel van het Nederlands Bijbelgenootschap bevat extra materiaal voor kinderen van 8-12 jaar. Extra verwerkingsopdrachten zijn te vinden op de site www.samenleesbijbel.nl.

Op internet zijn veel geschikte verwerkingsopdrachten te vinden. Bijvoorbeeld op de website creatiefkinderwerk.nl, een initiatief van Matthijs en Lindsey Vlaardingerbroek. Zij hebben veel creatieve ideeën verzameld en willen deze graag delen met andere kinderwerkers.

Met bijdragen van Paul Smit en Martine Versteeg, jeugdwerkadviseurs bij het NGK Jeugdwerk.

Over de auteur
Anko Oussoren

Anko Oussoren is jeugdwerker en adviseur bij Kerkpunt.

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel
Wat doe jij hier?

Wat doe jij hier?

Gayle Doornbos
  • Column

Tijdens mijn eerste twee jaar aan Dordt University – de christelijke universiteit in Iowa waaraan ik doceer – begroette een van mijn collega’s van de vakgroep theologie mij met de vraag: ‘Gayle, wat doe jij hier?’ Aanvankelijk vond ik die vraag vreemd, omdat het antwoord voor de hand lag. Ik was aan Dordt University om dezelfde dingen te doen als hij: lesgeven, schrijven, studenten begeleiden en commissievergaderingen bijwonen. Maar toen ik besefte dat deze vraag zijn eigenzinnige manier was om ‘hallo’ tegen mij te zeggen, begon ik die vraag te koesteren. Zijn begroeting werd voor mij een moment om stil te staan bij wat mijn werk werkelijk betekent: niet zomaar de taken van de dag, maar leven met en voor mijn gemeenschap, in een wereld die, ondanks alle pijn, leeft van Gods genade.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief