Lijfwachten van de ziel

Maurits Oldenhuis | 26 mei 2018
  • Eyeopener

… want zij waken over uw leven …
(Hebreeën 13:17)

Het is maar een klein stukje tekst waar ik bij stil wil staan. De schrijver van de brief aan de Hebreeën houdt de christenen in zijn tijd voor hoe zij met de leiders in hun geloofsgemeenschap hebben om te gaan. ‘Gehoorzaam uw leiders en schik u naar hen, want zij waken over uw leven’, zegt de schrijver. Waar hebben wij leiders voor nodig in de kerk en wat voor leiders hebben wij nodig?

Misschien ben je ouderling, misschien ben je predikant, diaken of maak je in een andere functie deel uit van het leiderschapsteam in je kerk, misschien ben je ‘gewoon’ gemeentelid en vraag je je weleens af waarom we eigenlijk voorgangers, leiders of ambtsdragers in de kerk hebben. Het is goed om daarover te blijven nadenken: wat is de plek en rol van ambtsdragers en leiders in de kerk? En ook als je zelf een leidinggevende functie hebt: wie ben ik en wat kom ik doen? De Bijbel biedt een schat aan inspiratie en duiding. Ik hoop daar in dit artikel iets van te laten zien, of je nu leider en ambtsdrager bent in de kerk, of dat je als gemeentelid leiding ontvangt.

Lijfwacht

(beeld JordanSimeonov/iStock)

(beeld JordanSimeonov/iStock)

Aan wie denk je bij iemand die waakt over jouw leven? Het zou niet gek zijn om te denken aan een lijfwacht. Dat is bij uitstek iemand die waakt over je leven. Veel belangrijk geachte personen hebben een lijfwacht. De koning bijvoorbeeld zal nergens in het openbaar verschijnen zonder dat er lijfwachten in de buurt zijn. Het is hun werk om alert en waakzaam te zijn, goed op te letten en meteen in te grijpen zodra er gevaar dreigt. Een lijfwacht is een eigentijdse associatie die goed past bij Hebreeën 13:17.

Bijbels gezien valt er nog wel meer over te zeggen. Al in het Oude Testament kom je de figuur van de wachter tegen. Zoals in Psalm 130 de wachter die verlangend uitziet naar de morgen, want dan zit zijn dienst erop en kan hij naar bed. In de steden van toen waren er mensen nodig die de wacht hielden op de muren van de stad. Als iedereen sliep, bleven zij wakker en waakzaam en waarschuwden ze als er gevaar dreigde (zie ook Psalm 127).

Ook Ezechiël werd als profeet van God tot een wachter aangesteld over het volk (Ezechiël 3:16). Het was een roeping met grote verantwoordelijkheid: hij moet de wacht houden over het volk van God, hij moet ingrijpen als ze met elkaar de verkeerde kant op gaan, hij moet hen op de goede weg houden.

In het boek Jesaja figureert de wachter op weer een andere manier. In Jesaja 62:6 belooft God wachters te zullen neerzetten op de muren van Jeruzalem, die tegen de mensen zullen blijven zeggen – het is de tijd van de ballingschap – dat God met zijn redding zal komen, dat God zijn volk niet vergeet. De wachter biedt hoop, omdat hij Gods redding ziet naderen.

Als iedereen sliep, bleven zij wakker en waakzaam

De functie van wachter over het volk blijkt terug te gaan tot op God zelf. In Psalm 121 heet God zelf ‘de wachter van Israël’, die niet sluimert of slaapt. God is uiteindelijk degene die over het leven van zijn mensen de wacht houdt, hun komen en gaan beschermt en bewaart.

Laat dat allemaal eens meetrillen in dat zinnetje: ‘want zij waken over uw leven’. Wij hebben leiders in de kerk nodig die over ons de wacht houden, die alert en waakzaam zijn, die waarschuwen bij gevaar, alarm slaan als het de verkeerde kant op gaat, maar die ook onder ons en in ons het perspectief op redding levend houden, die ons verder laten kijken dan de kale werkelijkheid van nu. Leiders in de kerk zijn lijfwachten van de ziel, mensen die in het klein doen wat God in het groot doet: zijn volk beschermen, begeleiden. God is zuinig op ons, we zijn kostbaar in zijn oog. Hij zorgt voor lijfwachten die waken over ons leven.

Hartbewaking

Misschien zie je het niet meteen voor je, de ambtsdrager als lijfwacht? Van die potige bodyguards die om de gemeente heen zwermen? Je mag ook aan hartbewaking denken. Die afdeling in het ziekenhuis waar met bijzondere en intensieve zorg de conditie van je hart in de gaten wordt gehouden, of bewaakt. De mensen van de hartbewaking doen aan een bijzondere vorm van ‘waken over je leven’. Ook daarin zie ik een beeld voor het leiderschap in de kerk. De leiders van de kerk zijn mannen en vrouwen die zich voor een tijd willen inzetten voor de hartbewaking van de gemeente. Niet in fysiek opzicht uiteraard, maar in geestelijk opzicht.

Ik kwam een tekst tegen die precies deze vorm van hartbewaking onder woorden brengt. In 2 Korintiërs 11 schrijft Paulus over hoe hij bezig is geweest in de gemeente van Korinte. Paulus kreeg er zware kritiek te verduren. In 2 Korintiërs 11 verdedigt hij zich als het ware en zegt hij: ‘Ik waak over u zoals God over u waakt. Ik heb u aan één man uitgehuwelijkt, aan Christus, en ik wil u als een kuise bruid aan Hem geven’ (2 Korintiërs 11:2). Hartbewaking pur sang! Ik wil jullie voor Jezus bewaren, zegt Paulus, niet voor mezelf, alsof het om mij te doen is. Nee, ik wil dat jullie Hem gaan liefhebben, dat jullie als gemeente met Hem verbonden raken en blijven, en daar heb ik alles voor over. Zo is Paulus een lijfwacht van de ziel geweest in Korinte.

Mannen en vrouwen die ons samen houden
bij de kern, bij Jezus

En zulke leiders zijn en blijven er nodig. Niet als bewakers van onze tradities, conventies en gebruiken, niet om de boel koste wat het kost bij elkaar te houden, en al helemaal niet om in het midden van de gemeente de kool en de geit te sparen. Nee, als hartbewaking: mannen en vrouwen die ons samen houden bij de kern, bij Jezus, die erop alert zijn of wij met elkaar onze roeping om Hem te volgen nog trouw blijven, en die ingrijpen als wij onze missie verzaken. Dat is het ‘waken over uw leven’, waarvan zij volgens Hebreeën 13:17 rekenschap zullen moeten afleggen.

Geef ruimte

Maar stel je nu eens voor: de koning laat zich niet bewaken, de patiënt op de hartbewaking wil af van de monitors en de zorg. Daar zouden ze vooral zichzelf mee hebben. Als er in Hebreeën 13:17 staat: ‘Gehoorzaam uw leiders en schik u naar hen’, dan stuit ons dat snel tegen de borst. Wij zijn toch geen kleine kinderen meer! Nee, zeker niet, maar wel kinderen van God, mensen op wie Hij zuinig is. Ons leven telt voor Hem. Onze ‘gezondheid’ vindt Hij van groot belang. Hij geeft lijfwachten voor onze ziel, bewakers van onze verbinding met de Heer Jezus. Willen zij kunnen doen wat ze moeten doen, dan hebben ze ruimte nodig. Ruimte van jou en van mij. Stel je open. Laat hen met je mee oplopen. Gun hun een blik bij jou van binnen. Zodat ze de wacht kunnen betrekken bij je ziel, en in jouw leven kunnen doen aan hartbewaking.

Om over na te denken of door te praten

1. Hoe kijk jij aan tegen de leiders en/of ambtsdragers van je kerk? In hoeverre ervaar jij hen als een lijfwacht van jouw ziel?

2. Wat betekent het in de praktijk om als ambtsdrager of leider in de kerk een ‘lijfwacht van de ziel’ of een ‘hartbewaker van de gemeente’ te zijn? Welke dingen doe je dan wel en welke niet?

3. Zie jij jezelf functioneren als ‘lijfwacht van de ziel’ of als ‘hartbewaker van de gemeente’? Waarom wel of niet?

4. Om te kunnen doen wat ze moeten doen, is het belangrijk dat jouw geestelijke leiders de ruimte krijgen, ook van jou. In hoeverre geef jij hun die ruimte?

5. Wat moet er blijven, wat moet er verdwijnen, wat moet er veranderen, bij jezelf, bij de ambtsdragers in de kerk of in de kerk als geheel, om mogelijk te maken waar het in Hebreeën 13:17 over gaat: ambtsdragers en leiders die lijfwachten van de ziel zijn, hartbewakers van de gemeente, en een gemeente die hen daartoe in de gelegenheid stelt?

Over de auteur
Maurits Oldenhuis

Maurits Oldenhuis is predikant van de GKv Bergschenhoek.

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel
Wat doe jij hier?

Wat doe jij hier?

Gayle Doornbos
  • Column

Tijdens mijn eerste twee jaar aan Dordt University – de christelijke universiteit in Iowa waaraan ik doceer – begroette een van mijn collega’s van de vakgroep theologie mij met de vraag: ‘Gayle, wat doe jij hier?’ Aanvankelijk vond ik die vraag vreemd, omdat het antwoord voor de hand lag. Ik was aan Dordt University om dezelfde dingen te doen als hij: lesgeven, schrijven, studenten begeleiden en commissievergaderingen bijwonen. Maar toen ik besefte dat deze vraag zijn eigenzinnige manier was om ‘hallo’ tegen mij te zeggen, begon ik die vraag te koesteren. Zijn begroeting werd voor mij een moment om stil te staan bij wat mijn werk werkelijk betekent: niet zomaar de taken van de dag, maar leven met en voor mijn gemeenschap, in een wereld die, ondanks alle pijn, leeft van Gods genade.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief