Met Augustinus preken over martelaars

Erik de Boer | 2 mei 2015
  • Thema-artikelen

Vroeger stonden martelaars op de kalender van het kerkelijk jaar. Zo herdacht iemand als Augustinus ieder jaar op 12 september de moord op bisschop Cyprianus. Een voorbeeld om na te volgen?

Cyprianus als bisschop en martelaar op een schilderij van Meister von Meßkirch, 1535/1540.

Cyprianus als bisschop en martelaar op een schilderij van Meister von Meßkirch, 1535/1540.

Hoe zou het zijn om in de kerk landgenoten te gedenken die om het geloof gestorven zijn? Ik denk aan mijn voorganger in Kralingscheveer, ds. Johannes Kaptein (1908-1942) die in kamp Dachau bezweek. Over hem schreef Rudolf van Reest na de oorlog Een bloedgetuige der kerk (1946). Wordt zijn gelovig leven en sterven doorverteld en herdacht?

Op 9 april jongstleden is Jan Ridderbos’ boek Predikanten in de frontlinie gepresenteerd, over dienaars van de Heer die in de Tweede Wereldoorlog gevangengezet werden en van wie er veertig ter dood gebracht werden. Vieren wij hun sterfdag als martelaars van het evangelie?

Het nieuwtestamentische woord martyria betekent getuigenis. Later kwam er de bijklank martelaarschap bij: het getuigenis met je leven bezegelen. De eerste martelaar is Stefanus. Hij volgt Christus tot in de dood.

De eerste drie eeuwen van de christelijke kerk kwam de vervolging in golven. Over Noord-Afrika wordt bericht: het wemelt er van graven van martelaars. Hun bloedgetuigenis werd gevierd door bij het graf samen te komen en er te eten en drinken (de zogenoemde laetitia).

In de vierde eeuw was er een eind gekomen aan de vervolging door de overheid. De keizer had het christendom toegestaan. Hoe ging de kerk om met de herinnering aan de martelaars? Door twee stappen kreeg die herinnering een plaats in de kerk en in de eredienst.

In de eerste plaats bracht men de overblijfselen van de martelaars naar een kerk en begroef die daar. Dat heette de translatio, en dat kun je vergelijken met het overbrengen van de resten van de slachtoffers van MH17 van Oekraïne naar Nederland. Zo zijn in het jaar 386 de botten van Protasius en Gervasius naar de kerk van Milaan gebracht en daar bijgezet. Dat heeft Augustinus meegemaakt, hij schrijft erover in Belijdenissen. Zo kwam er een eind aan misstanden rond de feestmalen bij de graven.

De kerk zette nog een tweede stap om de martelaars te gedenken. Hun sterfdag kreeg een plekje op de kalender van het kerkelijke jaar. Zo komt het dat iemand als Augustinus op zo’n datum een liturgiebriefje maakte en een preek hield die voor ons merkwaardig lijkt.

In zo’n dienst las de voorganger de ‘martelaarsacte’: een korte uiteenzetting van de arrestatie, de procesgang en de terechtstelling. Of het bijbelgedeelte over Stefanus, of de voorbereiding van Petrus (2 Petrus 1) of Paulus (2 Timoteüs 4).

Hieronder volgt een voorbeeld van zo’n preek, genoteerd door een secretaris, gehouden op de ‘verjaardag’ van bisschop Cyprianus. Deze beroemde voorganger in Noord-Afrika, leider van de kerk in Carthago, was op 12 september 258 vermoord.

Elk jaar had Augustinus de taak om op die datum het martelaarschap van Cyprianus een plaats in de dienst te geven. Dat sprak te meer wanneer hij zelf in Carthago preekte, omdat Cyprianus daar begraven lag. In de basiliek van de heilige Monica was boven het graf een avondmaalstafel geplaatst, die de ‘tafel van Cyprianus’ genoemd werd.


Augustinus, Preek 310

Op de verjaardag van Cyprianus, de martelaar

1. Over de martelaar Cyprianus’ verjaardag, in heel Afrika welbekend.

Moge de heilige Geest ons in dit uur leren wat wij moeten spreken. Wij zullen immers iets tot lof van Cyprianus zeggen, de roemrijkste martelaar, wiens geboortedag wij vandaag vieren. Welk woord ‘geboorte’ de kerk zo vaak herhaald, omdat men de kostbare dood van de martelaren ‘geboorte’ noemt. Aldus, beweer ik, herhaalt de kerk dit woord, zodat ook zij die niet in haar zijn, het met haar noemen.

Augustinus op een schilderij van Carlo Crivelli, 1487/1488.

Augustinus op een schilderij van Carlo Crivelli, 1487/1488.

Wie is er te vinden (laat ik niet zeggen in deze, onze stad, maar) beslist door heel Afrika en de overzeese gebiedsdelen, niet alleen christen maar ook heiden, of Jood of zelfs ketter, die niet met ons spreekt van ‘de geboorte van de martelaar Cyprianus’?!

Wat betekent dit, broeders? Wanneer hij geboren is, weten wij niet. En omdat hij op deze dag de lijdensdood stierf, vieren wij vandáág zijn geboorte. Maar zijn [echte verjaar]dag vieren wij niet, zelfs al hadden we die geweten. Want uit die dag is de oorsprongszonde ontstaan. Op déze dag echter overwon hij alle zonde. Op die dag is hij uit de tegenstrevende schoot van zijn moeder in dit licht getreden dat de ogen van het vlees betovert, op déze dag echter is hij uit de meest verborgen plooi der natuur naar dat licht heengegaan dat het zicht van de geest gelukkig en heerlijk omstraalt.

2. Over het episcopaat van Cyprianus over de kerk te Carthago en zijn zo edel martelaarschap. Over de Tafel van Cyprianus bij Carthago.

Tijdens zijn leven heeft hij de Carthaagse kerk bestuurd, in zijn sterven heeft hij haar geëerd. Daar heeft hij het bisschopsambt gedragen, daar het martelaarschap voldragen. In diezelfde plaats waar men zijn vleselijk omhulsel gelegd heeft, was toen dikwijls een menigte bijeengekomen die uit haat tegen Christus het bloed van Cyprianus vergoot. Hier komt vandaag een eerbiedige menigte samen die vanwege de geboortedag van Cyprianus het bloed van Christus drinkt. En zoveel heerlijker als op deze plaats wegens de feestdag van Cyprianus Christus’ bloed gedronken wordt, zoveel eerbiediger werd daar wegens de naam van Christus Cyprianus’ bloed vergoten.

Daarna is, zoals u weet en zoals iedereen in Carthago weet, op deze zelfde plaats een tafel voor God gebouwd. En toch wordt die de Tafel van Cyprianus genoemd, niet omdat Cyprianus daar ooit gegeten heeft, maar omdat hij daar geslacht is en omdat hij juist door zijn slachting deze tafel heeft bereid, waaraan hij niet gevoed heeft of gevoed werd, maar waaraan het offer aan God aangeboden wordt, aan wie hij zelf aangeboden is.

Maar dat die tafel, die van God is, ‘van Cyprianus’ wordt genoemd, heeft deze reden: omdat als op gelijke wijze als deze nú omringd wordt door volgelingen, Cyprianus toen omsingeld werd door vervolgers. Waar deze nú door biddende vrienden geëerd wordt, daar werd Cyprianus door brullende vijanden vertrapt. Tenslotte, daar waar deze opgericht is, daar lag hij neergebogen. ‘Zingt Gode’, spreekt een psalm in zijn naam, ‘die boven de ondergang uitstijgt’, Hij zelf heeft deze dingen gedaan over de gedoodde.

3. Cyprianus’ kostbare dood.

Maar omdat Carthago zijn kathedraal had, kon Carthago zijn gedachtenis houden. Hoe komt het dat wij zijn geboortefeest konden vieren, als niet ‘de dood van zijn heiligen kostbaar in Gods oog’ was (Psalm 115:15 in de Vulgaat)? Zijn geluid is in heel de wereld uitgegaan en tot de einden der aarde zijn woorden (Psalm 18:5 in de Vulgaat).

Hij heeft getrouw onderwezen wat te doen was, hij heeft krachtig gedaan wat hij onderwezen had. Tot een kostbare dood is hij gekomen door rechtvaardig te leven, tot werkelijk heerlijk leven door op onrechtvaardige wijze te sterven. En hij heeft de overwinnende naam van martelaar verworven, omdat hij de strijd voor de waarheid tot de dood volvoerd heeft.

4. Cyprianus, zowel door zijn lijden als door zijn geschriften wereldwijd beroemd.

Waarlijk, omdat hij niet alleen gezegd heeft wat gehoord werd, maar ook geschreven heeft wat gelezen werd en hij via zijn geschriften naar andere plaatsen door vreemde talen gekomen en in veel streken bekend geworden is, deels door de faam van zijn overmachtig lijden, deels door de zoetheid van zijn superzachtmoedig onderwijs, laten wij deze dag vurig vieren en zo allen eensgezind smeken dat we het waardig zijn in de kerk de gemeenschappelijke vader meer te horen en te zien. Dan zullen wij ook door de preek zijn blijdschap hebben, en door de glorie van zijn sterven vooruitgang, door onze Heer Jezus Christus. Amen.

Over de auteur
Erik de Boer

Dr. Erik de Boer is universitair docent aan de Theologische Universiteit Kampen.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief