Je bekommeren om je medemensen

Ronald Westerbeek | 19 maart 2016
  • Wandelen met God

Nu komt het erop aan, zei Anne van der Bijl van Open Doors toen ik hem in 2001 vlak na 9/11 interviewde. Huilen christenen mee met de wolven in het bos of luisteren ze naar de stem van hun Heer? Zetten we moslims weg of hebben we hen lief – ook wanneer zij ons niet goedgezind zijn? Wandelen met God is ook: vluchtelingen liefdevol opvangen en oprechte liefde hebben voor geradicaliseerde moslims.

Wie wandelt met God, gaat de weg van onvoorwaardelijke liefde, zei Van der Bijl. Zelf zoekt hij in islamitische landen niet alleen verdrukte christenen op, maar ook radicale moslimleiders – terroristen zelfs, van Hamas, Hezbollah en Al Qaida. ‘Ik heb “islam” leren spellen als: I sincerily love all muslims. Ik houd oprecht van alle moslims, óók van die geradicaliseerde jongeren, óók van die terroristen. Ze zijn onze medeschepselen van God en Jezus stierf ook voor hen. Als God van moslims houdt, wie zijn wij dan om dat niet te doen?’

Als er in Nederlandse steden en dorpen nieuwe moskeeën worden geopend, dan huilt zijn hart, vertelde Anne. Waarom? Omdat veel christenen hun huizen en harten gesloten houden voor moslims en hen niet in aanraking brengen met de liefde van Jezus.

Eigenbelang

Vijftien jaar later is de toon van de debatten verhard. Het protest tegen de komst van vluchtelingen neemt naargeestige trekken aan – dode varkens, doodsbedreigingen, oproepen tot geweld tegen vluchtelingen, betogers in zwarte shirts met de afbeelding van een agressieve pitbull, mannen met bivakmutsen die een noodopvang bestormen en vuurwerkbommen gooien. In Facebookgroepen van zelfverklaarde PVV’ers giert de retoriek van de jaren dertig en veertig: vluchtelingen moeten worden ‘afgeslacht’, ‘vergast’, ‘door de kop geschoten’, ‘gecastreerd’ of ‘verzopen’. Dit zijn geen neonazistische skinheads, zoals in de jaren tachtig, geen extreemrechtse eenlingen. Dit zijn mijn eigen buren, gewone mensen in mijn volksbuurt.

De samenleving verandert: minder solidariteit buiten de eigen sociale groep, meer eigenbelang. In politiek Den Haag zien we dezelfde tendens. Onbaatzuchtige hulp aan vreemdelingen wordt steeds minder geaccepteerd, mogelijk zelfs strafbaar. Wat doen christenen? Laten we ons voeden door – soms gegronde – angst voor de islam? Of hebben we onze naaste lief, ook als hij mogelijk onze vijand is?

‘In Europa wordt het klimaat rond migranten steeds harder en mensen worden buitengesloten’, constateerde Tim Keller vijf jaar geleden, toen ik hem vroeg naar de grootste uitdagingen voor christenen in Nederland. ‘Gaan christenen mee in die verharde, egoïstische cultuur of onderscheiden ze zich als mensen die opkomen voor vreemdelingen? Zijn ze bereid offers te brengen voor migranten?’

Concreet: ‘Verlenen kerken onderdak aan vreemdelingen die op straat belanden, of het land uitgezet dreigen te worden terwijl ze gevaar lopen? Durven kerken burgerlijk ongehoorzaam te zijn als de overheid onrecht doet? In tal van opzichten zullen kerken een “tegencultuur” moeten vormen in een vervreemde cultuur, als tekenen van het komende koninkrijk van God.’

Zelfonderzoek

Het is dit weekeinde Palmpasen. Een moment van zelfonderzoek: hoe is mijn wandel met God? Roep ik ‘Hosanna voor de Heer’, maar haak ik af zodra het volgen van Jezus mij echt iets gaat kosten? Heb ik veertig dagen vroom gevast en gebeden, maar wil ik geen gekke Henkie zijn als het gaat om liefde en recht voor gevluchte Syriërs, Eritreeërs en Afghanen?

Het is Palmpasen en ik kijk in de spiegel die Jesaja mij voorhoudt:

Is dit niet het vasten dat Ik verkies:
misdadige ketenen losmaken,
de banden van het juk ontbinden,
de verdrukten bevrijden,
en ieder juk breken?
Is het niet: je brood delen met de hongerige,
onderdak bieden aan armen zonder huis,
iemand kleden die naakt rondloopt,
je bekommeren om je medemensen?
(Jesaja 58:6-7)

Over de auteur
Ronald Westerbeek

Ronald Westerbeek werkt als theoloog voor de charismatische vernieuwingsbeweging New Wine.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief