Over Israël

Bob Wielenga | 1 december 2016
  • Blog

Wie over Israël schrijft, brandt al gauw zijn vingers. Alleen al de naam Israël is onderwerp van heftige discussies. Gaat het over het moderne Israël vanaf 1948 of over het Israël van het Oude Testament (OT)? Of is dat hele onderscheid al bedenkelijk?

Moeten we het eigenlijk niet hebben over de Hebreeuwse Bijbel (HB) in plaats van over het OT? Hebben joden en christenen echt het OT/HB gemeen? Lezen Joden hun HB niet met een Talmoedische bril op en wij ons OT met ogen die door het Nieuwe Testament (NT) verlicht zijn? Levert dat geen verschil op dat de overeenkomsten doet verbleken?

Christelijk lezen

Iemand die zich heeft ingespannen voor het christelijk lezen van het OT is Henk de Jong. In 1985 las ik voor het eerst zijn studie over Handelingen 7, waarin hij op dit thema ingaat. Sindsdien is hij over dit onderwerp blijven publiceren. Niet tot ieders genoegen overigens. Daarvoor is, zoals ik al aangaf, de thematiek te controversieel.

Onlangs schreef Henk de Jong opnieuw een studie over het christelijk lezen van het OT: Efraïm – Gods eerste liefde (2016). Het verscheen in een serie waarin al vier andere titels verschenen zijn. Het lijkt uit te groeien tot een ‘kleine’ Bijbelse theologie, waartoe ik ook zijn grote studie Van oud naar nieuw (2002) reken, waarin de ontwikkelingsgang van het Oude naar het Nieuwe Testament beschreven wordt.

Waar gaat deze nieuwe studie over? Ik geef geen boekbespreking, maar licht er één punt uit, dat mij echt geholpen heeft in mijn nadenken over Israël.

Royale waardering

De Jong komt op voor een royale waardering voor Israël, het Bijbelse Israël dat sinds 1948 een eigen staat heeft in het land dat ooit aan de aartsvaders was toegezegd.

De Jong wordt wel verweten een vervangingstheologie voor te staan: de kerk komt in de plaats van Israël, dat uit Gods aandachtsveld verdwijnt. De joden hebben immers de messias verworpen? Deze vervangingstheologie heeft in de loop der geschiedenis tot antisemitisme geleid, met de Holocaust als absoluut dieptepunt. De eeuwen door heeft de kerk hierbij vooropgelopen. Maar uit deze studie blijkt opnieuw hoe ver deze vervangingstheologie van De Jong afstaat. Hij benadrukt juist dat we Israël als Gods ‘eerstgeborene’ moeten eren en respecteren.

De kerk moet Israël niet verachtelijk haar ereplek in Gods liefde ontzeggen. Al is het zeker waar dat zij door de verwerping van haar messias een stap terug heeft moeten doen om doortocht te verlenen aan hen die deze messias wel hebben aanvaard als Heer en heiland. Gods verkoren volk kon Gods heilsplan niet torpederen.

Dit is een gedachtelijn die telkens weer opgemerkt kan worden in het OT. Kaïn en Esau waren eerstgeborenen, maar moesten een stap terugdoen voor Abel en Jacob als erfgenamen van Gods belofte. Zo was het ook met Efraïm en Juda, over wie De Jongs studie gaat. Juda neemt van Efraïm, de door Jacob aangewezen eerstgeborene (Genesis 48:17-20), de naam Israël over, maar daarmee wordt de weg naar de toekomst voor Efraïm niet afgesloten.

Deze lijn trekt De Jong door naar het NT, om er de verhouding tussen Israël en de kerk mee te typeren. Hij ziet in de wisseling van positie tussen Efraïm en Juda een model voor de verhouding tussen de kerk en Israël. De kerk wordt de geestelijke drager van de naam Israël (Jacobus 1:1), maar heeft Israël als haar oudste broer te eren.

De wisseling van positie tussen Efraïm en Juda heeft gevolgen voor de rol die zij in Gods plan met de wereld spelen. Dat geldt ook voor Israël en de kerk. Er is nu eenmaal maar één naam waarin behoud gelegen is (Handelingen 4:12), die van Israëls messias, onze Heer Jezus Christus. Het zijn niet toevallig twáálf apostelen die de opdracht krijgen die ene Naam uit te roepen over de volken (Matteüs 28:16-20; Handelingen 1:20-26).

Voorbeeld om na te volgen

Eerlijk gezegd heb ik niet veel op met Israël, of beter: met het Israël van Netanyahu. De politieke verrechtsing, die nu overal ter wereld om zich heen lijkt te grijpen, is in Israël al een hele tijd aan de gang. Er zijn ontwikkelingen gaande die me het ergste doen vrezen.

Nu gaat het me er niet om of ik hierin gelijk heb of niet. Een ander punt wil ik maken. God heeft door de profeten op Efraïm ‘ingehouwen’ (Hosea 6:5), maar toch blijft Hij hem liefhebben tot het einde, al heeft hij zijn positie aan Juda verloren. Zit daar geen aanmaning in om Gods voorbeeld na te volgen?

Hoe negatief mijn oordeel over het huidige Israël (terecht of niet) ook is, toch zal dit mijn waardering voor dit volk niet mogen aantasten, geliefd door God als ze blijven om der vaderen wil (Romeinen 11:28). Ook voor hen blijft de weg naar Gods toekomst open, de weg die Jezus Christus is, de in de kerk beleden messias van Israël.

Over de auteur
Bob Wielenga

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief