Confrontatie met duistere krachten

Roel Venderbos | 3 maart 2018
  • Eyeopener

Opeens begon een man in de menigte luid te roepen: ‘Meester, ik smeek U, help mijn zoon, want hij is mijn enige kind.’
(Lucas 9:38)

Jezus is onderweg naar Golgota. Hij wordt op weg daarnaartoe op de berg bemoedigd door Mozes en Elia. Direct daarna wordt Hij onder aan de berg echter weer geconfronteerd met de macht van de boze. Maar ook dan laat Hij een voorproefje zien van het hemels koninkrijk.

Je hebt van die momenten in je leven met God die je lang zou willen vasthouden. Zó blij, zó zeker als je bent van Hem. Kon het maar nooit ophouden! Zoiets had Petrus toen hij boven op de berg was, en Jezus zag stralen samen met die twee keien uit de geschiedenis van Gods volk: Mozes en Elia. Laten we gauw een paar tenten bouwen! Maar Jezus was onderweg naar het kruis in Jeruzalem. Mozes en Elia kwamen Hem moed inspreken om straks zijn leven te geven. Daarom klonk ook die stem van zijn Vader in de hemel: ‘Dit is mijn Zoon, mijn uitverkorene.’ Die moed had Hij nodig, want er was er één die dat met alle geweld wilde verhinderen. Dat bleek direct de volgende dag, toen Jezus de berg afdaalde. Wat een top-downbeweging beschrijft de evangelist Lucas hier (9:28-43).

(beeld CamiloTorres/iStock)

(beeld CamiloTorres/iStock)

Als Jezus afdaalt, roept een man Hem tegemoet: ‘Meester, ik smeek U, help mijn zoon, want hij is mijn enige kind.’ Die woorden moeten binnengekomen zijn bij Jezus. Net had Hij de liefde en hulp van zijn eigen Vader ontvangen. Zijn Vader die zijn enige Zoon zo bemoedigde. En nu ziet Jezus hier een totaal ontredderde vader. Helemaal van de kaart, omdat hij een zoon heeft die een prooi is van demonen.

Vreselijk zoals zijn zoon gesloopt wordt door epilepsieaanvallen. Pas als hij helemaal bont en blauw geslagen is, keert de rust weer. Waarschijnlijk heeft hij lange tijd nodig om weer een klein beetje mens te worden. (De evangelist Marcus vertelt dat deze jongen ook nog doofstom is, buitengewoon beperkt in zijn communicatie dus.)

Duistere krachten

Kort na de ontmoeting met zijn hemelse Vader wordt Jezus geconfronteerd met de gruwelijke macht van de boze. Ja, zegt die vader, ik heb uw leerlingen gesmeekt om de demon uit te drijven, maar dat konden ze niet. Het is alsof de duivel Hem goed wil laten voelen dat hij nog heel wat macht in handen heeft. Hij kan mensenkinderen tot de grond toe slopen. De vorige dag stond Jezus nog in de liefdevolle nabijheid van God, een dag later probeert de duivel Hem de grond in te praten. Hemelse, lichte machten versus helse, duistere krachten. Het is alsof de duivel zeggen wil: kom maar op, als je durft. Ik ga je net zo slopen als dit mensenkind.

Zo staat Jezus hier met alle ogen op Hem gericht. De nieuwsgierige ogen van de menigte, de smekende ogen van de vader van het kind en de verlegen ogen van de discipelen. Maar Jezus maakt korte metten. Hij bestraft de demon, geneest de jongen en geeft hem terug aan zijn vader.De duivel wilde via zijn slopende werk scheiding maken tussen die vader en zijn zoon. Maar Jezus doet het tegenovergestelde: met zijn herscheppende werk herstelt Hij de band tussen de vader en zijn zoon.

De duivel lijkt door het kruis Vader en Zoon definitief te kunnen scheiden

Even zie je in deze geschiedenis al uitgebeeld wat straks in Jeruzalem zal gebeuren: de duivel lijkt door het kruis Vader en Zoon definitief te kunnen scheiden. Maar Jezus laat nu al zien dat hem dat niet gaat lukken. De Zoon zal worden teruggegeven aan zijn Vader. Met andere woorden: de duivel en zijn verwoestende werk worden overwonnen door Jezus Christus! Even zien de mensen een voorproefje van het hemelse koninkrijk, zoals de drie discipelen het een dag daarvoor op de berg gezien hebben. Eerst Gods heerlijkheid boven op de berg, nu onder aan de berg. Geen wonder dat allen met stomheid geslagen zijn vanwege de grootheid van God. Ze kijken met grote ogen naar Jezus. Wat is God machtig aan het werk in deze man!

Macht

Je voelt in de woorden van Lucas dat de mensen weer geweldig enthousiast worden over Jezus. Begrijpelijk toch?! Stel je voor dat Jezus vandaag onder ons zou zijn en dat we zouden meemaken hoe Hij een meervoudig gehandicapt kind – doof, stom én epileptisch – zou genezen (en al die andere dingen meer zou doen) dan zouden we Hem toch ook graag aan de macht zien in Den Haag? Maar Jezus laat zich niet van de wijs brengen. Iedereen kan wel onder de indruk zijn van wat Hij doet, maar luisteren ze ook naar wat Hij zegt? Daarom zegt Hij het nog eens heel kort tegen zijn discipelen: ‘Onthoud wat Ik tegen jullie zeg: de Mensenzoon zal aan de mensen uitgeleverd worden.’ Met andere woorden: straks slaat het enthousiasme van de mensen om in diepe haat. Heden hosanna, morgen kruisig Hem!

Geen kruis, maar kroon! Op naar de top!

Duidelijker kon Hij het niet zeggen. Maar Jezus’ woorden dringen niet tot zijn discipelen door. Zij ruiken macht en zijn druk in de weer met hun posities straks. Wie van hen zal dan de belangrijkste zijn? Voor hen zat hun Heer volop in de flow. Hij wordt op handen gedragen als de nieuwe koning, en zij delen in zijn eer. Ze lieten hun beeld over Hem dus niet corrigeren! Nee, Jezus zou koning worden in Jeruzalem. Weg met alle sombere verhalen: geen kruis, maar kroon! Op naar de top! Hij gaat straks de ministersposten verdelen en de vraag is welke post zij dan krijgen. De één voelt zich nog beter dan de ander.

Klein

Dan neemt Jezus een kind bij zich. Het zal vast een beetje verlegen naar beneden gekeken hebben, zo vlak voor die twaalf kerels. Dat kind voelde zich absoluut niet belangrijk, maar Jezus geeft hem een ereplaats. Dicht tegen Hem aan. Jezus gaat door de knieën om op gelijke hoogte met het kind te komen. Kijk, maakt Jezus duidelijk, dat verwacht Ik nu ook van jullie. Dat je door de knieën gaat en de minste wilt zijn. Op die manier ontvang je Mij. ‘Wie dit kind in mijn naam bij zich opneemt, neemt Mij op; en wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft.’ Maak jezelf klein en verwacht alles van God. Op dat punt was het ook misgegaan toen die vader met zijn zoon kwam. Ze hadden hem niet kunnen genezen, omdat ze te weinig van God verwachtten. Zoek het niet bij jezelf, zoek het niet bij de eer van mensen, zoek het bij God!

Om over na te denken of door te praten

  • De duivel is onthutsend gemeen en doortrapt. Hij probeert je daar te pakken waar je het meest kwetsbaar bent. Zo probeerde hij dat met Jezus. Juist op het moment dat Hij weer bepaald werd bij het belang van de intieme band met zijn Vader, wrijft de duivel Hem in dat hij in staat is om de band tussen vader en zoon te slopen. Houd hem in de gaten, want zo werkt hij nog steeds. Je bent kwetsbaar in de dingen die je het meest dierbaar zijn, zoals de relatie met je man, vrouw, kinderen of vrienden. Die probeert hij kapot te maken, bijvoorbeeld door ziekte, dood of onenigheid, in de hoop dat je daardoor stopt met God.
  • Jezus is compleet anders! Niet doortrapt maar vol liefde. Hij sloopt niet, maar is uit op genezing en herstel. Liefde is zijn drive, dat is zijn grote wapen, sterker dan het wapen van de duivel: ziekte en dood. Hij gaat door met het doel waarvoor Hij gekomen is: mensen terugbrengen bij God door zichzelf te geven aan het kruis op Golgota. Hij laat zich niet van de wijs brengen door wat voor lage actie van de duivel ook. Hij houdt zich vast aan het woord van zijn Vader: ‘Dit is mijn Zoon, mijn uitverkorene.’ Hoe functioneren die woorden van onze hemelse Vader in jouw leven?
  • Wij zijn Gods geliefde kinderen, wat voor rottigheid de duivel ook uithaalt in ons leven. Hij probeert ons leven te slopen door ons te pakken waar we het meest kwetsbaar zijn, waardoor je misschien denkt dat hij alle macht heeft op aarde. Maar vanaf het kruis roept Christus ons toe: Geloof het niet, niets kan je scheiden van de liefde van God, mijn Vader, geen enkele macht of kracht. Kijk maar naar Mij!
  • Hoe maak jij je in het dagelijks leven klein voor Hem? Ervaar je ook dat je juist dan Hem ontvangt?
Over de auteur
Roel Venderbos

Roel Venderbos is deeltijd predikant van de NGK Kampen en deeltijd geestelijk verzorger in een verpleeghuis.

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel
Wat doe jij hier?

Wat doe jij hier?

Gayle Doornbos
  • Column

Tijdens mijn eerste twee jaar aan Dordt University – de christelijke universiteit in Iowa waaraan ik doceer – begroette een van mijn collega’s van de vakgroep theologie mij met de vraag: ‘Gayle, wat doe jij hier?’ Aanvankelijk vond ik die vraag vreemd, omdat het antwoord voor de hand lag. Ik was aan Dordt University om dezelfde dingen te doen als hij: lesgeven, schrijven, studenten begeleiden en commissievergaderingen bijwonen. Maar toen ik besefte dat deze vraag zijn eigenzinnige manier was om ‘hallo’ tegen mij te zeggen, begon ik die vraag te koesteren. Zijn begroeting werd voor mij een moment om stil te staan bij wat mijn werk werkelijk betekent: niet zomaar de taken van de dag, maar leven met en voor mijn gemeenschap, in een wereld die, ondanks alle pijn, leeft van Gods genade.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief