Dien de Haan: mens van de toekomst

0

Achter de broze verschijning van Dien de Haan (84) schuilt een vrouw in de herfst van haar leven. Het drukke leven als eindredacteur van de Elisabethbode, columniste, spreker en prediker ligt alweer jaren achter haar. Ze mist de ontmoetingen en het werk. Toch leeft en denkt zij vanaf de zijlijn nog altijd mee met wat er ‘buiten’ gaande is – mede dankzij sociale media. ‘Voor mij is dit een manier om aangesloten te blijven op wat zich buiten mijn deur afspeelt.’

Dien de Haan (1934) was 25 jaar eindredacteur van het evangelisatieblad Elisabethbode en schreef columns voor dat blad onder het pseudoniem Annie Verdelman. Ze was een veelgevraagd spreker in christelijk Nederland. Na haar VUT in 1994 was ze redactielid van het Kerkblad voor het Noorden. Haar columns en preken zijn meerdere malen in boekvorm verschenen, onder andere in Lees maar, er staat meer dan er staat. Dagboek bij de Bijbel (Zoetermeer (Boekencentrum), 2011) en Wandelen met God. Onderweg naar de toekomst (Zoetermeer (Boekencentrum), 2013). Ook verscheen een bijdrage van haar in De late regen. Ervaren gelovigen kijken terug en vooruit (Amsterdam (Buijten en Schipperheijn), 2014). Dien de Haan is lid van de CGK Zwolle.

Aan een vierkante keukentafel vol tijdschriften, kranten, paperassen en een iPad ontmoet ik Dien de Haan. Ze woont in een buitenwijk van Zwolle. Op haar verzoek ben ik achterom binnengekomen, omdat een versleten rug en heup haar min of meer aan haar stoel kluisteren. Vooraf heeft ze me al laten weten dat de pijn en een zeer beperkte actieradius een niet te onderschatten last zijn, waarmee ze dagelijks te dealen heeft. Voor alledaagse handelingen als opstaan en ontbijten heeft ze drie keer zo veel tijd nodig als vroeger. Niettemin heeft ze al koffie gezet en verrast ze me met een onverwoestbaar soort humor, nog voor ik goed en wel een voet over de drempel heb gezet.

Dien de Haan: ‘Ik had het veel te druk om eenzaam te zijn. Ik was vaak onderweg, ontmoette veel mensen en maakte vrienden voor het leven.’ (beeld Jaco Klamer)

Dien de Haan: ‘Ik had het veel te druk om eenzaam te zijn. Ik was vaak onderweg, ontmoette veel mensen en maakte vrienden voor het leven.’ (beeld Jaco Klamer)

Je bent schrijvend en sprekend bekend geworden onder twee namen: als Dien de Haan, eindredacteur van de Elisabethbode, en als de columniste Annie Verdelman. Maar wie jou googelt vindt niets over je achtergrond. Waarom niet?
‘Nou, die vraag is snel beantwoord: het gaat niet om wie ik ben of waar ik vandaan kom, maar om wat ik dóe. En wat ik doe, doe ik vanuit wat ik kan en dat is schrijven en spreken, doorgeven wat ik zelf ook van Hem ontvangen heb. Vanuit mijn hart, vanuit mijn betrokkenheid bij mensen die ernaar verlangen Gods liefde en genade te mogen ervaren.’

Waar komt die gedrevenheid vandaan? Wat of wie heeft jou gevormd tot de vrouw die achter de schrijftafel plaats nam en op de preekstoel klom?
‘Het zal er vermoedelijk mee te maken hebben dat ik op de schouders van mijn voorgeslacht sta. Ik ben een oorlogskind, geboren in 1934 in Hattem. We woonden met ons gezin in een stadsboerderij: vader, moeder en een broer die een paar jaar ouder was dan ik. Mijn ouders hadden een gemengd boerenbedrijf. Het was aanpakken thuis, maar er werd ook tijd gemaakt om te lezen. De Bijbel, naast kranten, tijdschriften en boeken. Het lezen zit dus in mijn genen. Naar school gaan was tegen het eind van de oorlog helaas niet meer mogelijk, maar thuis las ik alles wat ik maar te pakken kon krijgen. Artikelen over allerlei onderwerpen, maar ook historische romans, literatuur en gedichten van Nijhoff, Achterberg en Jacqueline van der Waals. Geld voor een andere opleiding dan de huishoudschool was er niet, maar het voordeel was dat ik genoeg tijd had om te blijven lezen en op school andere dingen leerde die ik thuis goed kon gebruiken. Mijn algemene ontwikkeling verliep op die manier heel natuurlijk.’

Wat heeft in die tijd het meest indruk op je gemaakt?
‘Twee dingen. Op een zondagmorgen zag ik Duitsers uit ons kerkgebouw komen. Ze hadden een rooms-katholieke dienst bijgewoond die er voorafgaand aan onze eigen kerkdienst werd gehouden (in die tijd waren wij nog gereformeerd zonder een aanduiding ervoor of erachter). Ik was nog geen 10 jaar, maar ik besefte ineens: je kunt dus vijanden zijn en toch dezelfde God dienen!

En ook: hoe mijn vader – een zachtmoediger mens heb ik niet gekend – zijn mond opentrok toen er Duitsers aan de deur kwamen die zijn paarden wilden opeisen die hijzelf nodig had voor zijn bedrijf.’

‘Zeur niet,
doe wat God je te doen geeft, is mijn motto’

Wie of wat heeft je aan het schrijven gebracht?
‘Ik was naast mijn werk op de boerderij al jong actief binnen kerk en maatschappij. Zo gaf ik les op de zondagsschool en was ik een tijdje administratief medewerkster bij een instelling voor maatschappelijk werk en gezinsverzorging. Later werkte ik met plezier als corrector voor een uitgeverij in Zwolle. Via de ene baan kreeg ik al vroeg te maken met pastorale vraagstukken en via het correctiewerk raakte ik spelenderwijs vertrouwd met het schrijven.

Net toen ik me afvroeg of ik tot m’n dood toe teksten van anderen zou moeten blijven corrigeren, werd ik door de toenmalige eindredacteur van de Elisabethbode gevraagd om voor een jaar de columns over te nemen van mevrouw De Moor-Ringnalda. Ik zou kunnen bijdragen aan de verjonging van het blad, dachten ze. Dat lukte kennelijk, want dat ene jaar liep uit op een drukke en enerverende baan als eindredacteur. Dat zag ik toen ook echt als leiding van God.’

Je was in de jaren zeventig en tachtig een zelfstandige en werkende vrouw. Daarvan waren er niet zo veel in christelijk Nederland. Heb je je in jouw positie weleens eenzaam gevoeld?
‘Ik had het veel te druk om eenzaam te zijn. Ik was vaak onderweg, ontmoette veel mensen en maakte vrienden voor het leven. Natuurlijk valt het soms niet mee om na een intensieve dag alleen thuis te komen. Maar niemand heeft het altijd fijn in zijn of haar leven. Veel vrouwen trouwen, krijgen kinderen en geven minder prioriteit aan het werken buitenshuis. Maar ik was geroepen tot andere dingen.

‘De boekhouding over mij ligt boven, bij Hem’

Van het een kwam het ander. Al doende groeide ik naar een uitbreiding van mijn taken. Bij de redactie van de Elisabethbode kwamen steeds meer verzoeken binnen voor Annie Verdelman: voor spreekbeurten op gemeentevergaderingen, vrouwenverenigingen, conferenties en noem maar op. Mijn eerste preek mocht ik met toestemming van de kerkenraad houden in een laagdrempelige ontmoetings- en evangelisatiedienst van de CGK van Zwolle, als invaller voor een predikant die op het laatste moment uitgevallen was. Toen eenmaal bekend was dat dit werk me heel goed lag, werd ik vaker gevraagd voor dergelijke preekbeurten. Zo heb ik mogen meehelpen aan de wegbereiding voor de sprekende vrouw in de kerk. Ik ben dankbaar nog te mogen meemaken dat nu ook andere vrouwen die ruimte krijgen.’

Het liefste wat je deed is echter door fysieke beperkingen onmogelijk geworden. Wat mis je het meest?
‘Het spreken, preken en ontmoeten van mensen buitenshuis.’

Dien de Haan: ‘Ik ben een toekomstmens: ik leef met de verwachting dat het beste nog komt.’ (beeld Jaco Klamer)

Dien de Haan: ‘Ik ben een toekomstmens: ik leef met de verwachting dat het beste nog komt.’ (beeld Jaco Klamer)

Hoe ga je om met dit verlies en met de opgelegde beperkingen?
‘Ik ben niet iemand die stampvoetend staat te zeuren om dingen die niet meer binnen mijn bereik liggen. Van huis uit heb ik geleerd om nooit bij de pakken neer te gaan zitten. Zeur niet, doe wat God je te doen geeft, is mijn motto. Ik ben blij dat ik heb leren omgaan met de verschillende mogelijkheden van sociale media. Via Twitter en Facebook blijf ik op de hoogte van wat er leeft in de wereld en de kerk. Er komen bovendien nog wekelijks vrienden langs met wie ik belangrijke thema’s die spelen in deze tijd kan bespreken.

Ik heb van huis uit meegekregen Gods leiding te leren aanvaarden en daarin vrede te vinden, in plaats van te strijden tegen alle ongemakken. Dat is de gouden draad in mijn leven.’

Hoe werkt dat voor jou in de praktijk: Gods leiding zoeken?
‘Bidden en biddend leven. Zo alleen heb ik antwoorden leren zien waar ik ze niet had verwacht. Vertrouwen is het sleutelwoord voor hoe ik in het leven sta. Het soort vertrouwen dat de weduwe moest opbrengen die door de profeet Elisa werd bezocht toen hij honger had. Zij had niets anders in huis dan een laatste beetje olie in een kruikje en nog wat meel. Met dat beetje olie vulde ze op het woord van die onbekende profeet al haar lege vaten en kruiken tot ze allemaal vol waren. Pas toen hield de olie op te stromen. Uit die gedachte put ik troost. Ik hoef me er dus niet om te bekommeren hoe ik dagelijks mijn “lege vaten” moet vullen. God zorgt, tot het genoeg is.’

Hoe kijk je naar de nabije toekomst?
‘Natuurlijk wil ik graag nog zo lang mogelijk blijven in dit huis waar ik zo veel van houd, maar als ik morgen omval en niets meer kan beginnen, dan zij dat zo. Punt uit.’

Ben je vanwege je beperkingen en de pijn weleens bezig met je levenseinde?
‘Als ik mocht kiezen, ging ik eerlijk gezegd het liefst vandaag nog naar Hem toe, want eigenlijk ben ik wel klaar hier. Ik ben een toekomstmens: ik leef met de verwachting dat het beste nog komt.’

Hoe zie jij jezelf in het late licht van jouw herfst?
‘Ik kan op die vraag geen zinnig antwoord geven. De boekhouding die over mij gaat, ligt boven, bij Hem. Ik heb geprobeerd om te doen wat ik kon en mocht doen. Niet voor mezelf. Ik ben geschapen naar zijn beeld. Ik kan alleen maar hopen dat ik daarop ben gaan lijken in de loop van mijn leven. Eén ding staat voor mij vast als een huis: God blijft precies dezelfde. Hij weet wel wat Hij met me aan moet.’

Dit artikel staat in de laatstverschenen editie van magazine OnderWeg. OnderWeg richt zich op christenen die God en kerk liefhebben en midden in het leven staan. Lees OnderWeg 3 maanden (6 nummers) gratis. Je kunt kiezen tussen een digitaal abonnement (via onze nieuwe app) of een papieren abonnement.

Delen.

Over de auteur

Elise Lengkeek publiceert literaire non-fictie, is tekstschrijver en journalist.

Laat een reactie achter