Hét geschenk

0

In 2015 verscheen een baanbrekend boek over ‘genade’ bij Paulus: Paul and the Gift. Het werd geschreven door Pauluskenner John M.G. Barclay. Hij is werkzaam aan de universiteit van Durham (UK) en opvolger van James Dunn. James Dunn is een belangrijke voorstander van het Nieuwe Perspectief op Paulus.

(beeld Anggie/Lightstock)

(beeld Anggie/Lightstock)

Barclay overtreft in Paul and the Gift in eerste instantie de onenigheid tussen oudere Paulusinterpretaties (Augustinus en Luther) en recentere Paulusinterpretaties (met name het Nieuwe Perspectief). Hij legt namelijk de diepere theologische laag van Paulus’ visie op genade open. Daarnaast laten zijn onderzoeksresultaten zien dat het ontwikkelen van manieren van kerk-zijn in onze hedendaagse pluralistische samenleving, juist in de lijn zijn van wat ook Paulus bedoelde.

Cement

Barclay geeft aan hoe het woord ‘genade’ in Paulus’ wereld behoorde tot het dagelijkse taalgebruik. ‘Genade’ (Grieks: charis; Latijn: gratia) behoorde samen met allerlei andere woorden (‘geschenk’, ‘gunst’, ‘beloning’ enz.) tot het taalveld van ‘geven en ontvangen’. In de Grieks-Romeinse samenleving vormde het uitwisselen van gaven een belangrijke bouwsteen, of eerder nog het cement, van de sociale samenhang. Er kon immers geen gave bestaan zonder een of andere vorm van ‘teruggave’, bijvoorbeeld als politieke steun. Heel anders dan wij gewoon zijn, hoorde juist wederkerigheid bij ‘geven’: teruggeven was een onuitgesproken verplichting. Wij kennen wel het geven met een bijbedoeling. Steekpenningen zijn daar een extreem voorbeeld van. Maar dan gaat het niet om een echte, pure gave. Het uitwisselen van gaven in de Grieks-Romeinse samenleving stond garant voor het opbouwen en onderhouden van duurzame relaties tussen mensen onderling, maar ook tussen goden en mensen.

Divers

Ook Joden uit die tijd gebruikten het woord ‘genade’ binnen datzelfde sociale taalveld van geven en ontvangen en eveneens voor de relatie tussen God en zijn volk. Zo belooft God Abraham veel te geven, land en nageslacht, mits Abraham van zijn kant totaal op God vertrouwt, zijn familie verlaat en op weg gaat (wederkerigheid). Barclay onderzoekt hoe geschriften uit het jodendom van Paulus’ tijd Gods genade ter sprake brachten. Dat blijkt heel divers. Hij laat zien dat bij verschillende auteurs verschillende facetten van genade sterk worden geperfectioneerd; deze kunnen zelfs tegengesteld aan elkaar zijn. Voor Paulus’ tijdgenoot Philo is het essentieel dat Gods genadegaven op een passende manier naar mensen gaan die deze ‘waardig’ zijn. Bepaalde lofliederen uit Qumran benadrukken juist dat God niet op basis van een vooraf bepaald waardencriterium zijn gaven uitdeelt, maar aan mensen die het niet ‘verdienen’.

Te midden van dit soort visieverschillen, klinkt ook Paulus’ eigen stem. Hij heeft het concept ‘genade’ niet uitgevonden, sterker nog: zijn definitie van genade was niet eens de enige. Wat onderscheidt hem dan precies van diverse andere joodse stemmen uit zijn omgeving? In Paul and the Gift ontleedt Barclay Paulus’ theologie van genade op basis van de Galaten- en de Romeinenbrief. Een drietal kenmerken treedt naar voren.

Barclay laat zien dat in Paulus’ wereld
het woord genade behoorde tot
het dagelijkse taalgebruik

Allereerst lokaliseerde Paulus het brandpunt van Gods gaven niet in een soort algemene goedheid van God richting mensen, maar in het leven, sterven en opstaan van Jezus Christus. Jezus Christus, zijn offer en het eeuwige leven dat hierin voor mensen opengaat, dit alles is hét geschenk.

Ten tweede staat het voor Paulus als een paal boven water dat dit ultieme geschenk uitgedeeld wordt los van vooraf bepaalde criteria van waarde. Hij weet het uit eigen ervaring: ‘Want ik ben de minste van de apostelen, ik ben de naam apostel niet waard, omdat ik Gods gemeente heb vervolgd. Alleen dankzij zijn genade ben ik wat ik ben…’ (1 Korintiërs 15:9-10a). God koos hem toch! Ook de taak waarvoor God hem inschakelde, laat zien dat Gods genade uitgaat naar wie het niet ‘verdienen’. Paulus moet Christus immers verkondigen aan heidenen die afgoden dienen. Ook zij zijn, ondanks dat, in Gods genade geroepen. Echter, zelfs de meest wetsgetrouwe jood staat schuldig voor God, aldus Paulus. Joden kunnen zich, ten opzichte van heidenen, niet beroepen op hun etnisch-religieuze identiteit. Werkelijk niemand staat voorgesorteerd om dit bijzondere geschenk te ontvangen.

Ten derde is er geen gave zonder ‘teruggave’. Paulus ziet Gods genade niet los van de wederkerigheid die er in zijn tijd bij hoorde. Gods genade wordt zonder ‘voor-waarden’ geschonken, maar is daarmee nog niet ‘onvoorwaardelijk’. Voor Paulus is het logisch dat het ontvangen van genade meteen gepaste actie vereist. Wie hét geschenk, ondanks zichzelf, ontvangt, moet ook meteen vooraf bepaalde sociaal-culturele en religieuze normen van waarde loslaten. Dit besef vormt ook de achtergrond van Galaten 3:28: ‘Er zijn geen Joden of Grieken meer, slaven of vrijen, mannen of vrouwen – u bent allen één in Christus Jezus.’

Het daadwerkelijk beleven van deze eenheid en God eer bewijzen, is de verwachte teruggave. Juist omdat Gods genade alle bestaande maatschappelijke normen aan de kant zet, vormt ze de basis voor nieuwe gemeenschappen die dit ‘goede bericht’ voorleven. Paulus moedigt zijn gemeenten aan om verschillen in cultuur te overbruggen en elkaar welkom te heten op dezelfde voorwaarden. Zo mag ieder zich welkom weten in Christus. De oriëntatie op Jezus Christus vormt voortaan de spil van het waardensysteem. Voor Paulus’ tijd was dit aan de kant zetten van de gebruikelijke sociale onderscheiden best revolutionair..

Kloof

Barclay probeert met het openleggen van Paulus’ visie op genade de kloof tussen oudere en recentere Paulusinterpretaties deels te overbruggen. Paulus zelf werkte en schreef in een missionaire setting. Hij probeerde zoveel mogelijk mensen – Joden en heidenen – voor Christus te winnen en liet zien dat Gods genade in Christus geen voorafgaand waardencriterium nodig heeft. Heel concreet was zo het houden van de joodse wet niet meer essentieel om rechtvaardig te worden.

Daarna trad er een verandering in. De kerstening van Europa zorgde ervoor dat de missionaire setting langzamerhand wegviel. Op een gegeven moment was de samenleving doordrongen van christelijke waarden. Barclay laat zien hoe in het verlengde daarvan de interpretatie van ‘genade zonder voorafgaand waardencriterium’ een verschuiving kende. Langzamerhand werden Paulus’ uitspraken tegen het houden van de joodse wet gelezen als kritiek op het doen van de wet als zodanig.

Het komt echt aan op onderlinge liefde
in het spoor van Jezus Christus zelf

Zo interpreteerde Luther Paulus’ kritiek op het houden van de joodse wet als een kritiek op de ‘werken’ en de eigen verdienste die hierin zou meekomen. Nog weer latere interpretaties legden Gods rechtvaardigende genade steeds meer uit als een ‘pure’ gave, totaal los van enige menselijke inbreng of teruggave. Die puurheid associëren wij tot op de dag van vandaag met de idee van ‘geven’. Barclay noemt dit heel typisch voor de westerse moderne context. In deze verschuiving van Paulus interpretatie vond ook een soort individualisering plaats. ‘Waar vind ik een genadige God?’ was dan ook de vraag die Luther bezig hield. Gods rechtvaardiging werd vooral op dat zondige ‘ik’ betrokken, alle sociaal-religieuze factoren (‘joden en heidenen samen in één Godsvolk) waren helemaal uit beeld geraakt.

Nieuwe Perspectief

Het zogeheten Nieuwe Perspectief ‘breekt’ op het punt van de sociaal-religieuze factoren met de voorgaande Paulusinterpretaties. Theologen als Sanders, Dunn en Wright interpreteerden Paulus opnieuw, sterker tegen het licht van zijn missionaire context, en terecht, stelt Barclay. Daardoor komen de eigenlijke vragen waar de apostel mee bezig was weer beter in beeld. Tegelijk wijst hij erop dat de Paulusinterpretaties in de lijn van Augustinus en Luther terecht het ‘om niet’ van de genade hebben geperfectioneerd. Barclay verzekert dat juist vanwege dat ‘om niet’ van Gods genade Paulus oproept tot een daadkrachtig antwoord: een gemeenschap van broers en zussen die elkaar ‘om niet’ verwelkomen in Christus. Paulus’ theologie van de genade vormt zo een diepere verbindende schakel tussen beide interpretatielijnen. Deze resultaten van Barclays studie wijzen op een veelbelovende richting voor kerken in onze hedendaagse pluralistische samenleving. Tegenwoordig is de christelijke traditie in het Westen immers niet meer zo’n gevestigde werkelijkheid als eerder. Het christelijke erfgoed is zeker niet verdwenen, noch uit onze genen, noch uit onze sociale verbanden.

Pionieren

Christenen pionieren weer volop en kerken moeten zich opnieuw uitvinden op sociaal, politiek en cultureel gebied. Daarbij helpt het om duidelijk de focus te leggen op Gods genade in Christus als hét geschenk. Het geschenk dat allerlei waarderende onderscheiden ook op sociaal gebied totaal onbelangrijk kan verklaren. Dan komt er ruimte voor waar het echt op aankomt: onderlinge liefde in het spoor van Jezus zelf; ruimte voor wat uiteindelijk waarde aan het leven geeft. Als kerken van daaruit oprecht gaan leven, zullen ze minstens de aandacht trekken. Zo geven ze het evangelie van Gods gratuite liefde een hernieuwd platform voor zijn schepping en voor ieder mens persoonlijk. Waar christenen zo hét geschenk ontvangen, geven ze God gepaste eer.

Naar aanleiding van John M.G. Barclay, Paul and the Gift, Grand Rapids, Michigan – Cambridge: Eerdmans, 2015.

Maand van de Bijbel

Het kon niet uitblijven. Na de Maand van het Spannende Boek, is er nu ook de Maand van de Bijbel. Van 24 januari t/m 14 februari staat de Bijbel op allerlei manieren centraal. De maand begint met een feestelijk evenement in de Abdij van Egmond. KRO-NCRV zendt thema-programma’s uit en Jacobine Geel publiceert een persoonlijk essay. Doel is dat mensen de Bijbel vaker pakken en gaan nadenken over de betekenis ervan voor hun eigen leven.

Meer informatie vind je op maandvandebijbel.nl.

De Maand van de Bijbel een initiatief van Byblos, KRO-NCRV en Royal Jongbloed.

Delen.

Over de auteur

Myriam Klinker-De Klerck is docent Nieuwe Testament en nieuwtestamentisch Grieks aan de TU Kampen.

Laat een reactie achter