Column: Gezalfden van Christus

0

Vanmiddag heb ik met Femke gesproken. Dikke tranen over er niet bij horen op de middelbare school die vooral bevolkt wordt door yuppen. Zij als ‘gewoon’ meisje past daar niet tussen en mag niet meedoen. Elk jaar spreek ik wel studenten die dit overkomt en elk jaar zie ik weer hoe desastreus dit voor de ontwikkeling van jongeren is. Hun zelfbeeld gaat er helemaal aan.

In de gemeenschap die het lichaam van Christus is, gebeurt zoiets niet, denk je dan. Christenen zijn immers omringd door broeders en zusters in het geloof, die leven in het volle besef dat geen enkele christen enig kind is. Om met Bonhoeffer te spreken: ‘Wat onze broederschap bepaalt, is wat de mens is omwille van Christus. Wij vertegenwoordigen voor elkaar het adres van God.’

Wij moeten weigeren elkaar etiketten op te plakken

Niet dat we dan ook meteen ook een leuk, gezéllig groot gezin zijn. We blijven tobben met onze beperkingen en veranderen dus niet allemaal in briljante gesprekspartners en inspirerende persoonlijkheden. Laten we eerlijk zijn: sommigen doen best vreemd, anderen zijn saai en weer anderen houden er bijzondere opvattingen op na. Maar als wij God als onze Vader erkennen, zullen we het toch met elkaar moeten doen.

Toch hoor ik tot mijn verbijstering dat leden van het lichaam afscheid willen nemen van anderen vanwege standpunten over (fijn)gevoelige kwesties. Ik denk dat drie gevaren de gemeenschap van Christus bedreigen: anderen definiëren als probleemgevallen die een oplossing nodig hebben, er een instituut van maken met een managementstructuur om zo efficiënt mogelijk te kunnen werken, of elkaar klemzetten in standpunten.

We moeten weigeren elkaar etiketten op te plakken maar mogen in een telkens hernieuwde verwachting leven naar wat God doet met onze broeders en zusters in het geloof. Zo’n gemeenschap floreert en komt tot bloei. Dus: erken dat sommige zaken te complex voor straffe maatregelen zijn, uniformiteit niet altijd mogelijk is en unanieme besluiten ook niet. Bonhoeffer begint zijn boek Gemeinsames Leben met de woorden van Psalm 133: ’Hoe goed is het, hoe heerlijk als broeders bijeen te wonen.’ Dat lukt alleen maar als we erkennen dat het zondaren niet lukt om over sommige onderwerpen tot één interpretatie van de Bijbel te komen én als we elkaar willen blijven zien als gezalfden van Christus.

Delen.

Over de auteur

Els van Dijk is directeur van de Evangelische Hogeschool.

Laat een reactie achter