Avondmaal in tijden van corona

Praktijkcentrum | 25 april 2020
  • Praktijklokaal

In veel gemeenten ging de avondmaalsviering de afgelopen tijd niet door vanwege de onmogelijkheid om fysiek bij elkaar te komen. Andere gemeenten combineerden een online viering in de kerk met een viering door gemeenteleden thuis. Dat gebeurde o.a. in GKv-gemeenten in Apeldoorn-C, Assen-Peeloo, Meppel, Houten, Zwolle-Noord, Amstelveen, Enschede-Zuid en Rotterdam-C, NGK-gemeenten in Dordrecht, Ede en Houten, samenwerkingsgemeenten in Hengelo (3G), Maastricht (NGKv), Amersfoort-Vathorst (CGK/NGK/PKN) en Rotterdam-Alexanderpolder (CGK/NGK).

Vooraf

060922 praktijklokaal foto1Kerkenraden investeerden vooraf flink in digitale communicatie. Zo schreef de GKv Rotterdam-C aan de gemeente: ‘De kerkenraad moedigt het aan om in de viering met elkaar verbonden te zijn als kring. Als dat niet lukt, kun je ook met je gezin, huisgenoten of vrienden brood tot je nemen en wijn of druivensap drinken. Het zou mooi zijn om daarna met elkaar te delen wat deze manier van vieren met je doet en wat het avondmaal je sowieso te zeggen heeft.’

In de kerk

In Het Kruispunt (GKv Houten) zong het combo voorafgaand aan de viering: ‘Zelfs als er niets meer klopt, klopt het hart van God (…) Dus laat de hoop niet los, los van wat er komt, komt er redding, want God is met ons.’ Ds. Marten Tel deed de uitnodiging: ‘Waar je ook bent, voel je vrij om mee te doen. Neem van het brood, drink van de wijn, gedenkt en gelooft dat het kostbare lichaam en het kostbare bloed van onze Here Jezus is gegeven, zodat al onze zonden volkomen verzoend zijn.’

In de Waterpleinkerk (GKv Rotterdam-C) bediende dominee Wim de Groot op Witte Donderdag het avondmaal: ‘Ik vond het heel intens om in een lege kerk het brood te breken en de wijn te schenken. Tegelijk zag ik al die mensen in gedachten voor me die normaliter iedere eerste zondag van de maand een stuk brood bij me komen halen. Ik had het voornemen die op mijn netvlies te nemen en dat lukte ook.’

060922 praktijklokaal foto2Dominee Richard Roest leidde de viering in De Lichtboog (NGK Houten) in: ‘Christus komt naar ons toe in onze isolatie. Hij wil zijn vergeving tastbaar maken bij jullie thuis. Hij komt in jullie dagelijkse midden, hoe je er ook bij zit.’ Hij sprak van een ‘gemankeerd’ Avondmaal. ‘Want we horen samen aan één tafel. Daarom kijken we nu extra vooruit naar Jezus’ terugkomst. Dan zal het compleet zijn en zal iedereen aan de bruiloftsmaaltijd aanschuiven en feestvieren.’ Terwijl de mensen thuis brood en wijn konden klaarzetten, zong de band: ‘Dit breekbaar brood legt mij de woorden in de mond: dit is mijn lichaam dat voor jou gebroken wordt. (…) Dit is mijn bloed dat vergeving en genade schonk. Ik proef de wijn: zo wordt uw liefde uitgestort.’

Thuis

Arie de Gelder (GKv Rotterdam-C) vierde avondmaal thuis met zijn vrouw en zoon van zestien. ‘We hebben een goede fles wijn uitgezocht, matzes klaargezet en een kaars aangestoken, als teken dat God erbij is. Na de instellingswoorden via het scherm aten en dronken we, ook onze zoon die in de kerk niet meedoet met de viering. Wij zijn eigenlijk intensiever bezig geweest met de betekenis ervan dan normaal. Het was goed dat het zo kon, maar juist nu was het gemis van elkaar als gemeenteleden groter. Dat hoorde ik ook van anderen. Niemand zegt: laten we het altijd maar zo doen.’

Marjoleijn Wiltjer (NGK Houten) vierde avondmaal thuis samen met haar man en hun drie kleine kinderen. ‘De viering zelf was niet het heilige moment waar je op hoopt. Na zo’n dienst is de aandacht van de kinderen echt verslapt. Eigenlijk was de viering heel down to earth, net als in de tijd van Jezus, met spelende kinderen en zo. We realiseerden ons: je eet en drinkt en denkt aan Jezus’ sterven voor ons, ongeacht de omstandigheden: chaos, stilte, rommeligheid, plechtigheid. Die doen er eigenlijk niet toe.’

060922 praktijklokaal foto3Anja en Jouke de Haan (GKv Houten) reageerden via de chat na de dienst: ‘Bijzondere dienst en avondmaal, gescheiden van elkaar, maar toch verbonden en geborgen in Christus.’

Corinna Gravesteijn (GKv Rotterdam-C) woont alleen en wilde het avondmaal niet in haar eentje vieren. ‘We hebben met vier mensen uit onze kring bij iemand in de tuin avondmaal gevierd, op ruime afstand van elkaar. We keken, elk via de eigen telefoon, samen naar de dienst, aten van het brood en dronken een glas wijn. Het was goed om het zo te doen, maar doordat het zo anders was dan anders, kon ik me er niet helemaal aan overgeven. Net als wanneer je in een andere gemeente met een andere vorm dan je gewend bent, avondmaal viert.’

Wim de Groot (GKv Rotterdam-C): ‘Doordat de online viering van tevoren was opgenomen, kon ik het zelf in de kring meevieren. Dat heb ik als heel verbindend ervaren. We zaten op Zoom bij elkaar en gaven virtueel het brood aan elkaar door en zeiden er iets bij. Vervolgens namen we tegelijk het brood in stilte in de mond. Daarna met de wijn hetzelfde. We hebben geproost op Jezus!’

Jan Hoetmer (GKv Houten) via de chat: ‘Wat een bijzonder avondmaal met Pasen. Jezus Overwinnaar! Om nooit te vergeten.’

Zie onze webpagina ‘Kerk in quarantaine‘ voor meer tips voor kerk-zijn in deze coronatijd.

Neem een gratis Proefabonnement op magazine OnderWeg.

Over de auteur
Praktijkcentrum

Het Praktijkcentrum (GKv) ondersteunt en begeleidt kerken bij het gemeente-zijn in een geseculariseerde cultuur. Zie www.praktijkcentrum.org.

Meest gelezen

Predikantsprofiel Kees Smit

Predikantsprofiel Kees Smit

Melissa van der Kamp
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

Het is een terugkerend woord als ik met Kees Smit in gesprek ben over de geestelijke verzorging en zijn werk als voorzitter van de Commissie Geestelijke Verzorging (CGV). Uit alles blijkt dat hij deze rol met hart en ziel vervult. Niet in de laatste plaats gedreven door zijn eigen ervaringen als geestelijk verzorger bij Defensie. Kees stelt dat geestelijk verzorgers waardevolle gesprekspartners kunnen zijn voor gemeenten, omdat juist zij werken op het grensvlak van kerk en samenleving. Ik praat met Kees door over zijn gedrevenheid als voorzitter en wat het geestelijk verzorger-zijn voor hem heeft betekend.

Lees artikel
De kerkelijke gemeente is net als de stad: groot genoeg om alles zelf te hebben

De kerkelijke gemeente is net als de stad: groot genoeg om alles zelf te hebben

Lyanne De Haan-Wilts
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Anders dan de naam doet vermoeden, is de Kleine Kerk in Steenwijk met ruim 400 leden niet per se klein te noemen. Maar het gebouw is kleiner dan de Grote Kerk in Steenwijk, het gebouw, hemelsbreed 200 meter verderop, waarin de PKN kerkt. ‘Maar’, merkt Rick Winters op, ‘zij hebben op papier meer leden, dus zijn ook wat dat betreft een grote kerk. Toch denk ik dat er op zondag meer mensen bij ons zitten’.

Lees artikel
Heer, gebruik mijn woorden vandaag

Heer, gebruik mijn woorden vandaag

Wilmer Blijdorp
  • Leespreek

In de rubriek leespreek publiceren wij een preek geschikt voor persoonlijke meditatie, ter bespreking op een Bijbelstudiekring of voor gebruik in de eredienst. In het laatste geval dien je altijd eerst contact met de auteur op te nemen om toestemming te verkrijgen. Bij deze preek is een PowerPoint-presentatie beschikbaar die je kunt opvragen bij de auteur. Deze preek van ds. Wilmer Blijdorp (verbonden aan NGK Barneveld-De Burcht) vertrekt vanuit het eerste vers van 1 Korintiërs 14. Een Bijbelvers dat vaak misbruikt of genegeerd is: ‘Richt je op de gaven van de Geest, vooral op die van de profetie.’ Op een nuchtere en tegelijk spannende manier, gelardeerd met diverse herkenbare voorbeelden, daagt Blijdorp zijn hoorders uit om toch vooral opmerkzaam te zijn op momenten waarop God in het hier-en-nu tot ons spreekt. En, in een vervolgstap, maakt hij hen ook bewust van het feit dat God ook door ons heen wil spreken.

Lees artikel
De belijdenis over de zondeval en wat er op het spel staat

De belijdenis over de zondeval en wat er op het spel staat

Marinus de Jong
  • Vitaal belijden

In het meinummer van Onderweg verdedigde ds. Ulbe van de Meer zijn exegese van Genesis 3. In tegenstelling tot de synode van Assen in 1926 claimt hij dat de slang niet gesproken heeft en dat het schadelijk is om dat te blijven zeggen. In het hoofdredactioneel in dat nummer constateert de hoofdredactie dat Van de Meer en met hem anderen op dit punt afwijken van de belijdenis. In deze bijdrage werk ik dat nader uit. Wat zegt de belijdenis eigenlijk op dit punt? En wat staat daarbij op het spel?

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief