Column: Houd vol!

Els van Dijk | 17 december 2020
  • Blog
  • Column

De afgelopen maanden waren voor mij om uiteenlopende redenen een woestijnperiode. Op een gegeven moment komt dan de vraag boven: hoe houd ik dit vol? In ieder geval niet door het straatliedje van vroeger te zingen: ‘Van je hela, hola, houd er de moed maar in en als de moed eruit is, pomp je ‘m er maar weer in.’ We zongen dat als kinderen in de bus tijdens een schoolreisje. Dat dit verboden werd door de meester begrijp ik nu wel. Heilloze missie.

Natuurlijk heb ik veel nagedacht over ‘volharden in het goede werk’ en ‘het kwade overwinnen door het goede te doen’, maar wat is dat volharden dan eigenlijk? Is dat meer van hetzelfde: je stinkende best blijven doen, er een tandje bij zetten? Gelukkig zijn er twee aspecten van volharding die een andere weg wijzen.

Volharding begint niet bij mijzelf

De eerste is die van ‘eronder blijven’: onder Gods woorden en zijn beloften blijven. Dat is belangrijker en grootser dan bijvoorbeeld zelfbeklag en aanklacht door anderen. Zoals de rabbi die ooit tegen zijn studenten zei: ‘In mij zitten twee honden, een goede hond en een slechte hond.’ ‘Maar’, vroeg een van de studenten, ‘hoe weet u nu wie van de twee voorrang krijgt?’ ‘Dat is de hond die ik het meeste te eten geef’, zei de rabbi.

In de Bijbel is volharding ook een relatiebegrip. Er ligt een duidelijke verbinding met ‘wachten op God’: je blik meer op God gericht houden dan op je (verwarrende) omgeving. Dat zie je terug in hoe Jezus zijn leven vormgeeft. Bijvoorbeeld als Hij de lofzang staat te zingen, terwijl Getsemane wacht. Niet: ‘houd er de moed maar in’, maar in de nacht waarin de dood dreigt, loopt Hij niet weg. Hij blijft eronder en zingt Gods daden naar binnen.

Volharding begint niet bij mijzelf, maar bij God. Volharden in het goede werk omdat God dat doet. Het gaat niet om mij, maar om de volharding van Jezus Christus. Als antwoord daarop mag ik mij beschikbaar stellen. Voor Hem. Hoe heilzaam is dat.

Deze column komt uit onze uitgave van 19 december 2020. Geïnspireerd door magazine OnderWeg? Neem een gratis proefabonnement.

Over de auteur
Els van Dijk

Els van Dijk is directeur van de Evangelische Hogeschool.

Meest gelezen

Hoeveelheid, urgentie, rust en ritme

Hoeveelheid, urgentie, rust en ritme

Redactie
  • Redactioneel

De verzoening, de vitaliteit van het belijden, het predikantentekort, de verhouding tussen doop en avondmaal, de eerste hoofdstukken van Genesis en de leer over de zonde, de ambtsleer, het voortgaande gesprek over homoseksuele relaties – het zijn allemaal vraagstukken die meer of minder nadrukkelijk aan de orde zijn in de NGK. Staan die verschillende vraagstukken los van elkaar of hangen ze samen? Aan deze ketting van kwesties met een bepaalde gevoeligheid rijgt dit nummer een volgende kraal: de plek en rol van de hbo-theoloog.

Lees artikel
Kerknieuws juli 2026

Kerknieuws juli 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Lees hier het kerknieuws van de Nederlandse Gereformeerde Kerken, juli 2026. Het beroep dat NGK Emmen op ds. Rik Meijer uitbracht, heeft hij aangenomen. De gemeente van Emmen zal zijn derde gemeente worden. Hij begon zijn werk in 2012 in Alblasserdam, per 1-1-2020 GKv Alblasserdam-Nieuw Lekkerland; later in dat jaar werd hij predikant in GKv Hardenberg-Baalderveld-Zuid, sinds 2021 NGK Hardenberg-Baalderveld.

Lees artikel
Predikantsprofiel Kees Smit

Predikantsprofiel Kees Smit

Melissa van der Kamp
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

Het is een terugkerend woord als ik met Kees Smit in gesprek ben over de geestelijke verzorging en zijn werk als voorzitter van de Commissie Geestelijke Verzorging (CGV). Uit alles blijkt dat hij deze rol met hart en ziel vervult. Niet in de laatste plaats gedreven door zijn eigen ervaringen als geestelijk verzorger bij Defensie. Kees stelt dat geestelijk verzorgers waardevolle gesprekspartners kunnen zijn voor gemeenten, omdat juist zij werken op het grensvlak van kerk en samenleving. Ik praat met Kees door over zijn gedrevenheid als voorzitter en wat het geestelijk verzorger-zijn voor hem heeft betekend.

Lees artikel
Wie mooi wil zijn moet pijn lijden

Wie mooi wil zijn moet pijn lijden

Jan Mudde
  • Ethiek

‘Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden’, het kan zomaar gezegd worden als iemand de wenkbrauwen epileert of zichzelf door waxen onthaart. Maar sommige mensen gaan heel ver om aan een schoonheidsideaal te beantwoorden – veel te ver. Zoek maar eens op lotusvoeten, Victoriaanse korsetten, tattoos, lip- en bilfillers en looksmaxxing. Toch hebben mensen die willen lijden om wat heet mooi te zijn iets voorbeeldigs, zeker voor Nederlandse christenen. 

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief