Abraham de alpinist

0

Het was me totaal ontgaan: dit jaar is het honderd jaar geleden dat Abraham Kuyper stierf (8 november 1920). Kuyper speelde bij ons thuis geen enkele rol. Zijn naam werd zelden genoemd en zijn boeken stonden op zolder te verstoffen, onzichtbaar voor mij en mijn broers die theologie studeerden.

KuyperHet was vooral Kuyper de theoloog die mijn vaders woede wekte: veronderstelde wedergeboorte, pluriformiteit van de kerk, gemene gratie. Afgezien nog van het autoritaire optreden van Kuypers lichamelijke en geestelijke nageslacht in de kerkstrijd die tot de Vrijmaking (1944) leidde. Dat we intussen gewoon deel uitmaakten van de neocalvinistische wereld, door Kuyper geschapen, kreeg ik pas veel later door. Wij vrijgemaakten bouwden ons eigen zuiltje binnen de neocalvinistische zuil, ‘Kuyperiaanser dan Kuyper zelf’ (George Harinck).

We hebben het nog steeds over Kuyper, tot in China toe, terwijl Klaas Schilder, met wie ik opgegroeid ben, ‘een komma in het werk van Kuyper’ genoemd wordt, ‘een vuurvlam die al lang is uitgedoofd‘ (Harinck). Dat gaat beslist te ver.

Ik ben Kuyperloos opgegroeid. Wat heb ik gemist en wat hebben anderen aan hem gehad? Ik lees er het nieuwe interviewboek van Agnes Amelink op na: Mijn Kuyper. Gesprekken over geloof, politiek en cultuur (KokBoekencentrum, Utrecht 2020). Aan vijftien gekwalificeerde gesprekspartners vraagt ze wat Kuyper voor hen betekend heeft. Johan Snel publiceerde bij Prometheus in Amsterdam De zeven levens van Abraham Kuyper (2020), een zeer leesbare biografie.

Kuyper, een akelige man

Kuyper was geen man met wie je bevriend kon zijn. In een debat sloeg hij links en rechts om zich heen. Hij had er geen moeite mee om medestanders als onchristelijk weg te zetten. Iemand noemt hem eigenzinnig, irritant en onmatig. Hij wordt een alphamannetje genoemd die weinig met vrouwenemancipatie had. Iedereen is het hierover wel eens.

Als kind van de negentiende eeuw was hij beslist racistisch, behalve antisemitisch. In Zuid-Afrika werd zijn theologie al vroeg geïntroduceerd; de onder Afrikaners geliefde dichter-theoloog Totius (J.D. du Toit) promoveerde zelfs bij hem aan de VU over methodisme als gevaar voor het calvinisme. Zijn leerstellingen over soevereiniteit in eigen kring en de antithese werden gebruikt om de politiek van de gescheiden ontwikkeling van de volken in Zuid-Afrika theologisch te onderbouwen.

Natuurlijk was Kuyper niet verantwoordelijk voor de apartheidstheologie, die zich pas na zijn dood ontwikkelde. Zijn theologie leverde er intussen wel bouwstenen voor. De door hem geïnitieerde verzuilde samenleving in Nederland stond in belangrijke mate model voor het Zuid-Afrika met zijn elf volken en talen, elk in zijn eigen ‘zuil’, tuisland geheten. Zijn uitspraak dat eenvormigheid de vloek van het moderne leven is, diende om de gewenste pluriformiteit van de Zuid-Afrikaanse samenleving te profileren.

Kuyper, een inspirerende man

Hij is wel de klokkenluider van de kleine luyden genoemd, die de emancipatie van het achtergebleven gereformeerde volksdeel mogelijk heeft gemaakt. Als typerend voorbeeld daarvan denk ik aan mijn schoonvader. Hij groeide op in deze kringen en ging op 14-jarige leeftijd als boodschappenjongen werken op een groot kantoor. Hij eindigde er als één van de directeuren, verantwoordelijk voor de magazijnen. Zonder Kuypers maatschappijvisie met zijn laagdrempeligheid was dat niet mogelijk geweest.

Kuyper interviewboekVan Kuyper is de stelling dat er geen duimbreed van deze wereld is waarvan Christus niet zegt: mijn! Het neocalvinisme van Kuyper dreef je als gelovige het huis uit, de samenleving in, om daar je geloof te belijden, maar vooral om er gestalte aan te geven in talloze sociaal-politieke en maatschappelijk-economische projecten. Zeker, vanuit neocalvinistische principes en op gereformeerde grondslag, beschermd door het religieus geladen leerstuk van de antithese. Maar ze gingen in geloof aan de slag in een wereld die ergens best meeviel – een visie geboren uit Kuypers leerstuk van de algemene genade.

Hij stond heel wat positiever in het leven dan ik me herinner van de vroege vrijgemaakten uit mijn jeugd. Hun levensgevoel was aanvankelijk meer apocalyptisch getoonzet (Benne Holwerda en Piet Jongeling). Het is deze positieve insteek die veel christenen over heel de wereld vandaag zo in Kuyper waarderen (Heslam, Storkey).

Kuyper, een relevante man

In 1901 hield de koningin een troonrede, geschreven door toenmalig minister-president Abraham Kuyper. Daarin lanceerde hij de zogenoemde ethische politiek in Nederlands-Oostindië. Nederland had de morele verplichting om de inlandse bevolking sociaal-economisch te ontwikkelen. Een kolonie is er niet om maar van te profiteren. Het moet door het moederland op een hoger plan gebracht worden. Toen al werd daarvoor een systeem van microkredieten ontwikkeld; dat moest de werkgelegenheid stimuleren. Het geloof hoort ook in het bedrijfsleven een rol te spelen, op zo’n manier dat het het volk ten goede komt.

Iemand wijst erop dat Kuyper in zijn beroemde Stone-lezingen in Amerika over het neocalvinisme weinig aandacht geeft aan de economie. Dat heeft later Bob Goudzwaard meer dan goedgemaakt. Hij werkte vanuit de traditie van Kuyper en betrok geloof en economie op elkaar. Tegenover het marktkapitalisme stelde hij de economie van het genoeg. Kuyper zou hier zeker iets van gevonden hebben.

Kuyper was een fanatieke alpinist (Snel), die voor de hoogste bergtoppen niet terugschrok. Na hoge bergtoppen komen diepe dalen. Het lijkt me typerend voor hem, voor zijn leven en voor zijn werk.

Delen.

Over de auteur

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Laat een reactie achter