‘Weet dat het Gods wereld is. Ik doe wat ik kan en heb vertrouwen’

Arie Kok | 12 december 2025
  • Algemeen
  • Interview

Hoe ziet de kerk van de toekomst eruit? Daarover spreken we met drie jonge predikanten. Grote visioenen en hippe kerkmodellen komen niet op tafel. De kerk van de toekomst concentreert zich volgens hen vooral op de kern.

Sinds twee jaar is Nathasja Hooiveld (34) predikant, NGK Amersfoort-Zuid is haar eerste gemeente. ‘Onze kerk heeft zo’n tweehonderddertig leden op papier, en tachtig à negentig in de zondagse dienst, we hebben een redelijk grote actieve kern. Een eigen gebouw hebben we niet, we komen bij elkaar in het Corderiuscollege. Het is een gemeenschap die sterk op elkaar betrokken is en naar elkaar omziet. We wonen redelijk ver uit elkaar, toch willen we ook naar buiten meer betekenen, maar het is zoeken hoe dat kan.’

Arjo Riemer (36) dient niet alleen de NGK Zomerkerk in Zwartsluis, waar hij al vijf jaar predikant is, hij is ook uitgeleend aan de PKN, de voormalige gereformeerde kerk ‘synodaal’. ‘De procentuele verdeling van zestig/veertig is symbolisch, ik besteed mijn tijd afhankelijk van wat er gaande is. De gemeente van de Zomerkerk is erg betrokken op elkaar. We hebben een geschiedenis met mensen die vertrokken zijn vanwege verschillende kwesties, het midden is overgebleven. Dat geeft veel ruimte en levert veel vreugde op. Er wordt serieus over dingen nagedacht, maar het wordt niet hard gespeeld. Dat gaf ook ruimte om mij uit te lenen aan de PKN, dat zou twintig jaar geleden ondenkbaar zijn. Ik ben erg blij met de positie die me toegevallen is. De PKN is wat meer een volkskerk, heel actief op diaconaal vlak.’

Koos Tamminga (34) is recent van NGK Meppel naar de Amsterdamse Oosterparkkerk overgestapt. ‘Ik heb daar een zinnetje voor ingestudeerd: ik ben van een grote gemeente in een kleine stad naar een kleine gemeente in de grote stad gegaan. In Meppel waren we heel aanwezig in de samenleving. Amsterdam is ook prachtig, maar totaal anders. Je bent minder zichtbaar. We hebben honderdzestig leden, van wie er vijftig à zestig op zondag in de kerk zitten. Ze wonen door de hele stad heen. Tussen kerken wordt veel overlegd, maar uiteindelijk zit toch iedereen op zijn eigen eiland. We staan meer onder druk, het zijn kleine gemeenschappen, dan keer je gemakkelijk naar binnen. Ik zie het als een van mijn missies om wat meer de samenwerking op te zoeken.’

Als predikant ben je vaak alleen bezig. En je moet veel spannende dingen doen, zoals preken en begrafenissen. Dat kan eenzaam maken. Herkennen jullie dat?

Nathasja: ‘Dat is een beetje dubbel. Je werkt inderdaad vaak alleen, maar je ontmoet wel veel mensen. En als je de dienst voorbereidt, dan werk je met allerlei mensen samen. Voor mij is het werk, voor de anderen niet. Dat maakt de afstemming soms wel lastig. Aan het begin van elke week overleg ik online met een collega. We bespreken wat we die week gaan doen en bidden voor elkaar. Het is fijn om te spiegelen of je niet te veel wilt bijvoorbeeld. En ik ga graag wandelen: even buiten zijn en niet met je werk bezig zijn. Dan krijgt persoonlijk geloof ook meer de ruimte.’

Arjo: ‘Ik open elke dag met een ochtendgebed. Daarbij kan iedereen aanschuiven, gemiddeld komen er drie mensen. Het gaat niet om de aantallen, maar dat je je invoegt in het werk van God. Op maandagochtend heb ik altijd een werkoverleg met de andere werkers in de kerk. Echt samenwerken doen we nog niet. Ik heb weleens het gevoel dat ik altijd het initiatief moet nemen, dat de dingen anders niet gebeuren. Dat kan inderdaad eenzaam voelen. Tegelijk zie ik ook hoe hard er gewerkt wordt, mensen doen dat allemaal in hun eigen tijd. Nu ik het best druk heb, merk ik hoeveel er gebeden wordt en hoe nauw mensen betrokken zijn op je werk. Daardoor voel ik me gedragen.’

Koos: ‘Als het spannend wordt, vind ik dat juist mooi. Je fietst ergens naartoe en denkt: wat moet ik hier in vredesnaam doen? Dan ben ik extra benieuwd wat er gebeurt, ook omdat je gelooft dat God op die plek al lang aan het werk is. In Meppel deed ik ook elke dag een ochtendgebed, dat leverde een gemeenschap van bidders op. In Amsterdam doen we het twee keer in de week. In het Oosterpark kun je in je eentje niet zomaar de deur openzetten, je moet het dus wat meer organiseren. Ik merk dat ik het dagelijkse mis en dat ik de dingen die gebeuren ook meer zou willen vastleggen. In Meppel gebeurde het dat ik het contact met iemand wat verloor. Toen ben ik toch maar eens naar zijn huis gefietst. Dat past helemaal niet bij mij, dus ik vond het spannend. Ik belde aan, de deur bleef dicht. Mijn eerste gedachte was: ik heb het geprobeerd, dat kan ik afvinken. Maar iets in mij zei dat ik het nog een keer moest proberen. Op dat moment kwam hij de straat in gefietst en hadden we nog een mooie ontmoeting. Ik sta niet elke dag zo in het leven, maar dit was heel wezenlijk voor mij, ik moest daar echt even zijn.’

We komen uit een tijd van voltijdspredikanten, jullie zijn allemaal min of meer deeltijd ingezet. Dat laat zien dat de tijden veranderd zijn in de kerk. Zien jullie ook teruggang? Wat zie je gebeuren in de kerk als het gaat om de toekomst?

U moet u inloggen om dit artikel te bekijken. Login om toegang te krijgen.
Over de auteur
Arie Kok

Arie Kok is journalist en tekstschrijver.

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief