Tot hier

Wolter Huttinga | 28 januari 2026
  • Boekbespreking
  • Recensies

Hoe Kars Veling de ontwikkeling van de vrijgemaakte kerken voorafschaduwde en tegelijk een spiegel voorhoudt, n.a.v. Kars Veling, Tot hier (Buijten en Schipperheijn, 2025)

In een zaal vol familie, vrienden en voormalige collega’s werden op 25 oktober 2025 de memoires van Kars Veling gepresenteerd. De in augustus overleden christelijke denker, politicus en bestuurder was veelzijdig. Hij werd door de aanwezigen geroemd om zijn bescheidenheid, respectvolle benadering, en zijn vaardigheid om vanuit een gereformeerd standpunt zeer open-minded en constructief op te trekken met mensen met een andere levensvisie. En hoewel ik Veling nooit heb ontmoet, was het bijzonder bij deze bijeenkomst aanwezig te zijn en samen met vijf anderen een korte reactie op het boek te mogen geven. In deze recensie werk ik uit wat daarin betrekking heeft op kerk en theologie.

Belang voor de theologie

Kars Veling was een veelzijdig mens. De laatste 25 jaar van zijn leven was hij vooral zichtbaar als schooldirecteur, politicus en directeur van ProDemos. In de eerdere decennia van zijn carrière was hij echter ook docent en hoogleraar filosofie aan de Theologische Universiteit in Kampen (nu Utrecht). Wat heeft Kars Veling betekend voor de theologie? Formeel is het antwoord: weinig. Veling moest de studenten aanvankelijk vooral wat bijspijkeren op het gebied van logica en argumentatie en doceerde ook geschiedenis van de filosofie. Hij kwam strikt genomen niet op theologisch terrein en in het boek merkt hij ook enkele keren op dat hij zich daar in feite onbevoegd voor achtte.

Toch is de realiteit wel iets spannender en complexer. Veling hield zich namelijk bezig met vragen als: hoe komen wij tot kennis van de werkelijkheid, hoe krijgen dingen betekenis en hoe hebben we daarin toegang tot waarheid? Welke rol spelen denken en taal hierin? Grote filosofische vragen, maar uiter-aard ook vragen van enorm belang voor de theologie, immers: hoe kennen wij God? En op wat voor manier is de Bijbel waar en betekenisvol voor ons vandaag?

Hermeneutiek in Kampen

Een van de duidelijke ontwikkelingslijnen en typische thema’s van het boek is dat Veling steeds meer onder de indruk raakt van het goed recht van verschillende modellen, paradigma’s of perspectieven op de werkelijkheid. In zijn proefschrift uit 1982 werkte hij dit uit op het gebied van de sociologie. Veling merkt op dat hij ook best wel trek had gehad om zijn methodisch-hermeneutische vragen op het gebied van de theologie toe te passen, maar op dat soort momenten volgt er in het boek steeds een terugtrekkende beweging. Hij voelde zich als jonge academicus niet senang om zich tussen de eerbiedwaardige theologieprofessoren over de Bijbel en over godskennis en geloof uit te laten.

 Velings houding, even vroom als open-minded, verdient beslist navolging.

Fair enough, maar er zit soms ook wat onbevredigends in. Met datgene wat ik weet en meen te begrijpen van de Kamper theolo-gische traditie in de jaren zeventig en tachtig kan ik me namelijk ook goed voorstellen dat het niet een omgeving was waar je erg welkom was met hermeneutische vragen over de Bijbel en de werkelijkheid van God. Ik zie Kars Veling al in die tijd volop in de weer met Popper, Wittgenstein, Gadamer en Ricoeur. Allemaal denkers die op verschillende wijze een soort complexiteit inbrengen in de vraag hoe je tot kennis, betekenis en waarheid komt. Goede, terechte, belangrijke inzichten, maar wel inzichten die op gespannen voet staan met het idee dat de waarheid over God gewoon te destilleren is uit de Bijbel, en dat daaruit eenduidige principes voortkomen waarop onze theologie, ons kerkelijk leven en onze visie op de wereld gebouwd zijn.

En wees het gerust met me oneens (of nuanceer me), maar dit is wel de hermeneutische naïviteit die ik de Kamper theologische traditie van die tijd toedicht. Is het dan zo dat Veling zijn werkelijke mening voor zich hield? Dat hij radicalere hermeneutisch-theologische ideeën had dan hij liet blijken? Daarover kun je van mening verschillen. Ik merk bijvoorbeeld dat verschillende medetheologen het woord ‘teleurgesteld’ en ook wel ‘verbaasd’ gebruiken als ze het hebben over Velings zeer gereserveerde houding tegenover Gadamers hermeneutiek, die hij liet blijken in zijn inaugurele rede van 1987.

Inderdaad krijg ik bij het lezen van zijn samenvatting daarvan in Tot hier (98-99) de indruk dat hij nog niet klaar was met denken hierover en dat het destijds wel zo gemakkelijk was om zich te bepalen bij veilige, normatieve soundbites. Dat zal hij echter niet bewust hebben gedaan. Ik kan me goed voorstellen dat in de vrijgemaakt-theologische context van die tijd een wat relativerende, multiperspectivistische toon over God en de Bijbel directe Kaltstellung betekende. Je liet het wel om zulke dingen te zeggen – en misschien dus ook wel: te denken.

Betekenis van Veling

En toch heeft Veling – misschien meer ‘onder de oppervlakte’ – wel invloed uitgeoefend op de Kamper theologische traditie. Hij bracht studenten in contact met filosofisch-hermeneutische bronnen, waardoor zij een complexere kijk op de theologische werkelijkheid ontwikkelden. Als jonge student raakte ik zelf al gauw vertrouwd met typische punten die ik vaak zie terugkeren in Velings werk: kritiek op de autonome rede en het funderingsdenken – het idee dat waarheid iets is wat je strikt rationeel opbouwt op basis van onbetwistbare principes. Je zou in die zin kunnen zeggen dat Veling zaden gezaaid heeft voor wat sommigen beschouwen als een zorgelijke weg richting onzekerheid en relativisme, maar wat ik zelf beschouw als een nodige, eerlijke, oprechte theologische waarheidminnende weg.

Kars Velings eigen houding hierin, even vroom als open-minded, ver-dient beslist navolging. Aan het eind van het boek komt hij tot een mooie slotsom, waarin veel van zijn motieven samenkomen. Spreken over God, zegt hij, heeft altijd iets eenzijdigs. Je zult hoe dan ook bepaalde perspectieven veronachtzamen. Geen enkel probleem, dat hoort erbij, zegt Veling. Zolang je maar niet de pretentie hebt dat jouw opvattingen uitputtend zijn en ‘het geheim van God exclusief vertolken’.

Precies hetzelfde keert terug in zijn liefde voor de democratie en de bescheiden maar heldere rol van rationaliteit hierin: de rede geeft ons geen positie buiten onze eigen werkelijkheid om de absolute waarheid van een bepaald standpunt aan te tonen. Nee, de rede is slechts een hulpmiddel voor mensen om hun opvattingen te verantwoorden én om open te staan voor kritiek. Kortom: ik heb de waarheid niet in pacht. Die waarheid is groter dan ik. Maar ik probeer er wel van te getuigen en uit te leven.

Over de auteur
Wolter Huttinga

Dr. Wolter Huttinga, universitair docent systematische theologie en onderzoeker onderwijs en identiteit aan de Theologische Universiteit Utrecht. 

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Het geheim van de kerk

Het geheim van de kerk

Cors Visser
  • Boekbespreking

Het was de ondertitel die me naar dit boek deed grijpen: herontdekken wat de kerk is. Na het omslaan van de laatste bladzijde was er een lichte teleurstelling. Dit boek gaat niet in de eerste plaats over de kerk. Maar naast teleurstelling was er ook een aangename verrassing: Wright werpt nieuw licht op Handelingen en ja, ook een beetje op de kerk. Wat de Britse nieuwtestamenticus doet, is de lezer in iets meer dan 200 bladzijden meenemen door heel Handelingen. Elk hoofdstuk behandelt drie of vier hoofdstukken, met uitzondering van Handelingen 1 en Handelingen 17 – die krijgen beide een eigen hoofdstuk. Door deze aanpak zit er vaart in het boek en komen de kwaliteiten van Wright naar voren: grote lijnen trekken en vergelijkingen maken met andere Bijbelboeken en verhalen. Voor mensen die Tom Wright doorgaans wijdlopig en ongestructureerd vinden – zoals ikzelf – is dit boek een stuk prettiger leesbaar. Een aantal hoofdthema's uit eerder werk komt voorbij: de nadruk op de opstanding van Jezus, het koninkrijk van God en de ontmoeting van hemel en aarde. Via Handelingen valt daar weer nieuw licht op.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief