Israël: laten NGK en GKv hun opvatting koesteren

0

Emeritus predikant Henk de Jong (NGK) is blij dat de vrijgemaakte synode ervoor gekozen heeft geen deputaatschap kerk en Israël in te stellen, schrijft hij in een reactie op het artikel ‘Heeft Israël prioriteit?‘ van Erik de Boer in OnderWeg nr. 3.

‘GKv en NGK vormen “de twee huizen van de Vrijmaking”. Dat is een uitdrukking van Henk de Jong, die zich verzet tegen het idee dat er een bijzondere weg voor Israël tot de Vader is”, schreef dr. Erik de Boer in zijn artikel.

Het is waar wat hij schrijft. Bewust heb ik destijds gesproken over ‘de beide huizen van de Vrijmaking’. Ook omdat ik mij bij mijn standpunt over Israël gerugsteund heb gevoeld door de vrijgemaakte kerken.

Ik was dan ook blij dat de laatste synode van de GKv het voorstel heeft afgestemd om een Israël-deputaatschap in te stellen. De CGK heeft zo’n deputaatschap en daar val ik niet over. Ik wil met belangstelling zien hoe het met dat deputaatschap loopt. Maar laten de beide huizen van de Vrijmaking hierin hun eigen opvatting behouden en kritisch koesteren.

De vrijgemaakt-gereformeerden willen de niet-christelijke Joden in principe benaderen zoals je afvallige christenen benadert, op de wijze dus van de evangelisatie. Vandaar dat zij vinden dat het werk onder de Joden bij het deputaatschap van de zending, Mission, thuishoort.

Helemaal juist vind ik dat laatste niet, tenzij het bij hun zending gaat om één deputaatschap voor zending en evangelisatie. Het eigene van evangelisatie ten opzichte van zending is dat evangelisatie meer uitgaat van Gods eerdere bemoeienis met de geadresseerden, zoals in Petrus’ prediking tot de Joden op de Pinksterdag: ‘Want jullie komt de belofte toe’ (Handelingen 2:39) – wil daar toch je geloofsantwoord op geven!

Ik zie dat de christenheid verschillend denkt over Israël en dat
bij een evengrote eerbied en liefde voor de Schrift

De christelijk-gereformeerden willen de Joden niet over die ene kam van verbondsafvalligen scheren, maar benadrukken Gods blijvende belofte aan zijn oude volk. Israël heeft bij hen een eigen plaats, met nog een grote toekomst in het verschiet. En dus valt het contact met Israël onder een apart deputaatschap.

Zoals gezegd: gun beide partijen hun eigen benadering. Vanwaar die verdraagzaamheid? Het gaat toch niet om een kleinigheid? Geenszins, naar mijn mening. Er zijn momenten dat ik dit verschil ervaar als de botsing tussen twee wijzen van Schriftlezen. Maar ik zie dat de christenheid, vooral hier in Nederland, verschillend denkt over Israël en dat bij een evengrote eerbied en liefde voor de Schrift. Daar wil ik voorzichtig mee omgaan.

Ik word daarin gesterkt door Paulus zelf, of beter, door een woord van hem dat volgens de tekstoverlevering naar twee kanten kan worden uitgelegd. Ik bedoel Romeinen 11:30-31: ‘Want evenals gij (niet-Joden) eertijds aan God ongehoorzaam waart, maar nu ontferming hebt gevonden door hun (der Joden) ongehoorzaamheid, zo zijn ook deze (de Joden dus) nu ongehoorzaam geworden, opdat door de u betoonde ontferming ook zij thans ontferming zouden vinden’ (NBG-vertaling 1951).

Het woordje ‘thans’ in Romeinen 11:31 is handschriftelijk omstreden, wat erop zou kunnen wijzen dat Romeinen 11 al vroeg in de kerkgeschiedenis verschillend gelezen is. Zónder dat woordje ‘thans’ kán het gaan over een toekomstige ontferming over Israël, precies zoals de Israël-gezinden dat bepleiten. Mét dat tijdswoordje gaat het over een ontferming die in de tegenwoordige tijd gelijkelijk over Israël en de volken verdeeld is.

Heel opmerkelijk, dat omstreden woordje! Het kan ons, welke opvatting wij ook hebben, mild stemmen en ons voor een fanatiek drijven (ter ener of ter anderer zijde) behoeden.

Zelf vind ik de lezing ‘thans’ sterk genoeg om er uitlegkundig mee te werken. Dat laatste zal ik hier echter niet doen. Ik heb dat gedaan in een publicatie in 2011 van de Willem de Zwijger Stichting, onder de titel: DE LANDBELOFTE, een Bijbelstudie over een gevoelig onderwerp. Volgens mij is dat boekje nog wel verkrijgbaar bij het secretariaat van die stichting. En anders moet men maar wat oude Opbouw-nummers napluizen, waarin ik een en andermaal over dit onderwerp geschreven heb.

Delen.

Over de auteur

Ds, Henk de Jong is emeritus predikant van de NGK Zeist.

Laat een reactie achter