Arnoud Drop: ‘Laat maar zien wie je bent’

Leendert de Jong | 10 juni 2016
  • Interview
  • Thema-artikelen

Arnoud Drop werkte in de bankwereld voordat hij in 2014 directeur werd van Alpha Nederland. Hoe kijkt hij aan tegen christen zijn op het werk? ‘Ik wil niet zeggen dat je in je werk moet evangeliseren, maar verspreid de geur van Christus. Soms door te spreken, soms door te zwijgen.’

Arnoud Drop: 'Je hoort de urgentie van dit thema, bijvoorbeeld van christenen die een leidinggevende functie hebben.' (beeld Alpha Nederland)

Arnoud Drop: ‘Je hoort de urgentie van dit thema, bijvoorbeeld van christenen die een leidinggevende functie hebben.’ (beeld Alpha Nederland)

Het kan raar gaan met internet. Je tikt in ‘christen zijn op het werk’. Je vindt diverse websites, met bovenaan de site over een speciale themazondag later dit jaar. Daaronder staan websites met boeken. Vervolgens stuit je op een filmpje van een bekende, Jan Bakker, eerder directeur van Alpha Nederland. Op een indringende manier beeldt hij een aantal visies op christen zijn op het werk uit.

Zijn toelichting volgt een paar dagen later. Het filmpje is, vertelt Bakker, alweer enkele jaren oud. Bovendien is hij door zijn jobwisseling van Alpha Nederland naar Alpha Europa wat van het thema weggegroeid. Maar hij kent iemand die er, ook door eerder werk in de financiële sector, een visie op heeft: Arnoud Drop, sinds 2014 directeur van Alpha Nederland. Drop zetelt in Driebergen. OnderWeg spreekt met hem.

Christen zijn op het werk. Als jij, nu werkzaam bij een christelijke organisatie en daarvoor in de financiële wereld, dit hoort, wat zeg je dan?
‘Een paar dingen. De geur van Christus verspreiden. Jezus leven. En eigenlijk is het breder: alles wat je op zondag in de kerk of in je kring meemaakt, is bedoeld als toerusting voor het dagelijkse leven, voor je werk, welk werk dat ook is. Christen zijn op je werk, dat is de wedstrijd, en op zondag train je ervoor. Je kunt je zelfs afvragen of werk een apart thema is. Is het niet hetzelfde als of vergelijkbaar met christen zijn als je winkelt, of waar je ook maar bent? Op alle plekken gaat het niet primair om wat jij er kunt halen, maar om: wie ben jij, wat kun jij geven, ben je vriendelijk naar anderen en – ten diepste – wat zijn de kansen om iets met anderen te delen?’

Leeft dit thema?
‘Jazeker. Een voorbeeld: in mijn gemeente, de NGK Maassluis, denken we na over hoe we ons missionair gemeente zijn kunnen invullen. In dat verband werd gezegd: kunnen we gemeenteleden niet toerusten om missionair te zijn in het gewone leven, door te praten over christen zijn op het werk? Zoiets is een eerste stap. Ook breder hoor je de urgentie van het thema, bijvoorbeeld van christenen die een leidinggevende functie hebben. Stel dat je leiding moet geven aan een reorganisatie: hoe werkt dat dan? Of stel dat je veel met klanten praat: let jij dan op aanhaakmomenten om iets te delen van wie jij bent?‘

Is wat jij zegt niet erg idealistisch? Je kunt ook zeggen: ‘Ik ben christen, maar als ik werk, ben ik er primair om te werken. Ik doe dat zo goed mogelijk en ja, dat is het wel.’
‘Ik weet niet of dat echt een andere lijn is. Ik wil niet zeggen dat je in je werk moet evangeliseren. Wat ik wil zeggen is: verspreid de geur van Christus. Soms door te spreken, soms door te zwijgen of alleen vriendelijk te zijn en soms inderdaad door gewoon goed je werk te doen.’

Dat laatste is dan voldoende, vind je?
‘Ja, ik heb dat bij de bank ook gedaan. Ik was daar best ambitieus. Maar ook dan zijn er momenten dat je kunt laten zien of horen: ambitieus zijn is niet een doel op zich. Het is gewoon goed om je talenten te ontwikkelen en niet te begraven. Het is goed om je bedrijf of klanten te dienen, tot bloei van de samenleving.’

Aan welke Bijbelgedeelten denk jij als het om dit thema gaat?
‘Aan de gelijkenis van de talenten. Aan de tekst: wees altijd bereid verantwoording af te leggen van de hoop die in je is. Aan de opdracht van Jezus: ga de wereld in en maak alle volken tot mijn discipelen. En aan zijn belofte: Ik ben met je, altijd. Zulke teksten kun je concreet maken, bijvoorbeeld door een dag te beginnen met gebed. Je zou kunnen bidden: “Heer, wat bent U vandaag met mij van plan? Waar bent U mee bezig en mag ik daaraan meewerken?”’

Je hebt in de bankwereld gewerkt. Hoe ging dat daar, toegespitst op christen zijn op het werk?
‘Ik ben een aantal jaren kantoordirecteur geweest. Dan praat je veel met klanten. In zulke gesprekken komt vaak hun hele financiële hebben en houwen voor je te liggen. Meestal ziet dat er gelukkig goed uit, maar regelmatig is dat niet zo. Dan ligt door overlijden of door een scheiding alles overhoop en staan mensen aan het begin van een nieuwe start. Soms dacht ik dan: wat gun ik jou dat je Jezus leert kennen! Mijn ervaring is dat er best vaak aanknopingspunten zijn om te vragen: “Hoe voel jij je nu? Zie je het zitten om zo’n nieuw begin te maken? En wat troost jou op zulke momenten?” Kijk dan maar waar zulke vragen toe leiden.’

Maar als ik jouw regiodirecteur was, zou ik zeggen: hier betaal ik jou niet voor.
‘Nee, dat zegt een regiodirecteur niet. Die heeft belang bij tevreden klanten! En als deze mensen naar huis gaan met een goed gevoel – omdat ze niet alleen een medewerker hebben gesproken, maar een ontmoeting met een mens hebben gehad – dan is dat ook voor de werkgever heel goed. Waarom zou je met je klanten wel over voetbal kunnen praten, maar niet over diepere zaken als het geloof en waar jij je hoop op vestigt? Wat mij betreft gaat het hierbij om getuigen, niet om overtuigen!’

Toch komt het voor dat collega’s pas bij een vertrek, na een aantal jaren samenwerken, horen dat iemand christen is.
‘Ja. Zoiets vind ik wel gek. In de ontmoeting met mensen in al die jaren komt toch wel een keer aan bod wie jij bent en waarom je bent wie je bent? Natuurlijk is de manier waarop je zo’n moment benut voor iedereen verschillend. Maar als collega’s pas na jaren horen dat je christen bent, denk ik dat er momenten zijn geweest waarop je een kans hebt laten liggen. Tegelijk wil ik ook waarschuwen voor het andere uiterste, dat je al bij een eerste contact over Christus begint!’

Waarom zou je onderscheid maken tussen werken in Gods koninkrijk bij een christelijke organisatie of een kerk en een 'normale' baan? Gods koninkrijk raakt net zo goed die normale baan. (beeld KieferPix/Shutterstock)

Waarom zou je onderscheid maken tussen werken in Gods koninkrijk bij een christelijke organisatie of een kerk en een ‘normale’ baan? Gods koninkrijk raakt net zo goed die normale baan. (beeld KieferPix/Shutterstock)

Hoe zou het komen dat die schroom er toch vaak is?
‘Ik denk dat het voortkomt uit de gedachte: als ik iets over het geloof zeg, schrikt dat af. Of misschien zijn we bang voor negatieve reacties. Het is veel makkelijker om op maandag bij het koffieapparaat iets te zeggen over voetbal dan over je kerk of je Alphaweekend. Toch denk ik: laten we niet zo bang zijn. In de jaren bij de bank merkte ik bij collega’s juist vaak wat jaloersheid: dat jij iets hebt wat houvast geeft, dat jij een passie hebt. Voor zoiets hebben ze respect. Velen missen dat.’

Hoe merkte je dat?
‘Bijvoorbeeld toen ik wegging en naar Alpha vertrok. Zo’n overgang betekent een lager salaris en het wegvallen van bijvoorbeeld hypotheekvoordelen. Als je dan toch gaat, denken mensen: hoe kan dat, waarom doet hij dit? Dat leverde gave gesprekken op!’

Wat is voor jou een kernwoord in hoe je christen bent op het werk?
‘Ik denk dat dat het woord “relatie” is. Dat betekent dat mensen om je heen geen object (voor evangelisatie) zijn, maar mensen van vlees en bloed, waar jij iets mee hebt. Bovendien raakt die gedachte van relatie ook jezelf. Je bent een mens gericht op relaties. Je bent een mens met een identiteit. En die identiteit is niet je werk of je carrière. Het gaat erom wie jij ten diepste bent. Waar lach je om? Waar huil jij om? Als je dat beseft, kun je vanaf het begin duidelijk zijn.

Vanaf het begin wisten mijn leidinggevenden wie ik was. Ik heb gezegd: “Jullie willen in mij investeren. Ik hoop die investering zo goed mogelijk te gebruiken in het belang van de organisatie en van de klanten, maar er komt een dag en dan ga ik weer weg!”

Waar ik overigens tegen ben, is het maken van een onderscheid tussen werken in Gods koninkrijk bij een christelijke organisatie of een kerk en een “normale” baan. Gods koninkrijk raakt net zo goed die normale baan. Hier bij Alpha werk ik niet méér in Gods koninkrijk dan toen ik bij de bank werkte.’

Je komt rond dit thema ook deze gedachte tegen: een christen mag zich in Christus een priester weten, dus kan alleen het bidden voor collega’s al heel belangrijk zijn.
‘Dat is zo. En nu je het bidden noemt: een vraag die je vaak hoort, is of je op het werk moet bidden bij het eten. Ik heb dit bij de bank bewust niet gedaan, omdat het toch wat ongrijpbaar is voor mensen om je heen. En omdat ik zelf voelde: als ik dit nu doe, ben ik meer bezig met de mensen om me heen dan dat het gaat om mijn relatie met God. Het gekke is dat mensen mij er wel naar vroegen: “Wil je niet een momentje?”

Terug naar je vraag: ja, bidden is heel belangrijk. Maar ik denk wel: het plan van God met deze wereld is dat Hij door zijn kerk zichtbaar wordt. Ik ben onderdeel van zijn kerk. Dus zou ik christen zijn op het werk zeker niet willen beperken tot gebed.’

Heeft wat hiervoor gezegd is niet in zich dat ‘goed christen zijn op het werk’ toch een ‘moetje’ wordt, een soort gebod?
‘Als je christen zijn op het werk ziet als agendapunt, dan voelt het inderdaad als een (te) grote opdracht. Dan wordt het een moeten. Maar als je het interpreteert als: laat maar zien wie je bent, wie je mag zijn en waar je voor leeft, dan is het geen last, maar hoort het gewoon bij het leven. Bij jouw leven.’

Alpha op de werkplek
Samen met collega’s doorpraten over het geloof? Er zijn werkplekken waar dat gebeurt in de vorm van een Alphacursus. Een andere goede mogelijkheid is dat je samen met collega’s zoekt naar een Alpha bij je in de buurt. Een Alphacursus is volgens de organisatie namelijk het meest effectief binnen een gemeenschap waar mensen na de cursus opgevangen kunnen worden. Voor meer informatie, ook over nieuwe Alphafilms die kunnen worden ingezet: www.alphanederland.org.

Over de auteur
Leendert de Jong

Leendert de Jong werkt in de media en is hoofdredacteur van
OnderWeg.

De ambtelijke handtekening onder de belijdenis

De ambtelijke handtekening onder de belijdenis

Peter Sneep
  • Reportage
  • Thema-artikelen
‘Een belijdenis is nooit een eindpunt’

‘Een belijdenis is nooit een eindpunt’

Klaas van den Geest
  • Opinie
  • Thema-artikelen

Reageer op dit bericht

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief