Wie is hier de vreemdeling?

0

De titel van deze rubriek in OnderWeg zet mij geregeld op het verkeerde been. Wandelen is fijn. Het delen van verhalen gaat veel makkelijker als je samen loopt dan wanneer je tegenover elkaar zit in een werk- of studeerkamer. Maar wandelen maakt soms ook onrustig, en het is niet altijd fijn om te horen wat iemand allemaal heeft moeten meemaken, of nog meemaakt. Bijvoorbeeld als vluchteling.

Wat we kunnen doen? Bidden voor haar familie en voor de leiders van haar land, zegt ze. (beeld TonyV3112/iStock)

Wat we kunnen doen? Bidden voor haar familie en voor de leiders van haar land, zegt ze. (beeld TonyV3112/iStock)

In het afgelopen jaar kregen in Delft, waar ik woon, ongeveer tweehonderd mensen een officiële status. Tweehonderd nieuwe burgers, veelal uit Syrië. We zien hun gezichten en we horen hun verhalen, inmiddels ook in de kerk.

Stempel

Van de week liep ik van mijn werkkamer in de kerk naar de nieuwe werkplek van mijn vriend Saïd, op één van de faculteiten van de Technische Universiteit. Hier werkt hij sinds september met anderen aan het beter begrijpen van de manier waarop water en zand in Nederlandse dijken op elkaar reageren. Saïd is iets jonger dan ik en komt uit Gaza Stad, een dichtbevolkt gebied in de Gazastrook, van waaruit hij als één van de weinigen de kans kreeg om in Europa te studeren. Als de elektriciteitsvoorzieningen en de internetverbindingen werken, belt hij met zijn familie om te laten weten dat alles goed gaat.

Saïd hoopt op een Nederlands paspoort, uiteindelijk, en later te kunnen voorzien in het levensonderhoud van zijn familie. Hij zou ook graag zijn verloofde naar Nederland laten komen. Dat is echter lastig, want om je officieel te kunnen verloven is een stempel nodig van de Palestijnse autoriteiten op de Westbank. En zijn familie woont in Gaza. Ertussen ligt een stuk Israël en de grenzen zijn weer eens dicht. Net als die aan de andere kant overigens, met Egypte. Ik kan niet veel voor Saïd betekenen, maar hij vindt het fijn dat ik hem aanhoor, geloof ik.

Verkiezingen

Eerder op die dag was ik even op bezoek bij een gemeentelid uit Zuid-Soedan. Zij was juist teruggekomen van een reis om haar familie te bezoeken. Die bleken niet meer te wonen in het dorp waar zij vandaan kwam, maar een paar kilometer verderop, in een vluchtelingenkamp in Oeganda. Hoe dat kwam? Er zijn weer verkiezingen op komst. In veel landen zijn verkiezingen niet zozeer bedoeld als middel voor burgers om invloed uit te oefenen op de regering, maar vormen ze de gelegenheid voor zittende machthebbers om te controleren op wie zij kunnen rekenen. En op wie niet.

Het gemeentelid was even in het dorp van haar familie geweest om wat spullen op te halen. Ze liet me foto’s zien van een mooi stenen huis en goed verzorgde akkers. Alles was achtergelaten. Hopelijk keert de rust snel weer terug en kunnen de mensen terug naar hun eigen dorp. En hopelijk staat alles er dan nog steeds zo mooi bij. Wat we kunnen doen? Bidden voor haar familie en voor de leiders van haar land, zegt ze.

Verwarrend

Er zijn zo veel meer verhalen te horen die hierop lijken. Niet eens op het nieuws, maar gewoon in de kerk of bij mij in de buurt. Van mensen die ik ken. Van mensen die mij kennen. Van mensen zonder papieren. Van broers en zussen die familie en kinderen moesten achterlaten die inmiddels volwassen zijn geworden. Nooit meer iets van gehoord. Van mensen die ons land (nog) niet snappen.

Het verwarrende zit ‘m in het praten over ‘vreemdelingen’. Ik vraag me namelijk steeds vaker af: als we samen in de kerk het brood delen, elkaar begroeten en naar de verhalen luisteren van Jakob, Jozef, Job en Jezus, dan zijn we toch eigenlijk allemaal vreemdelingen? Wat zegt ons dat nog?

Delen.

Over de auteur

Hans-Jan Roosenbrand is predikant van de GKv Delft.

Laat een reactie achter