‘Je stijl is een expressie van wie jij bent’

Jasper van den Bovenkamp | 7 juli 2018
  • Interview
  • Thema-artikelen

Mode wordt in de christelijke wereld soms te snel geparkeerd als een extravagant luxeprobleem, zegt styliste Glenda de Vries. ‘Jammer. Mode vertelt ons wat er gaande is in de samenleving én helpt accentueren dat we mooie schepping zijn.’

Ik sprak Marnix Niemeijer tijdens een lunch en zei: 'Mooi pak!' 'Ja, gekocht vanwege de presentatie van mijn dichtbundel Opname van opzij.' Marnix schreef deze bundel als eerbetoon aan zijn dochter Rieke, die tot tweemaal toe in een psychose raakte. 'Maar je schoenen?' 'Toen ik een armlastige student was, kocht mijn broer Michiel altijd twee paar: één voor hem en één voor mij. Hij overleed een paar jaar geleden. Ik kreeg dit paar. Wanneer ik bij zijn vrouw en kinderen ben, herinneren deze schoenen ons aan hem.' Ik was stil. Marnix’ kleren vertelden onverwachts een verhaal uit zijn hart. (tekst Pieter Kleingeld, beeld Jaco Klamer)

Ik sprak Marnix Niemeijer tijdens een lunch en zei: ‘Mooi pak!’ ‘Ja, gekocht vanwege de presentatie van mijn dichtbundel Opname van opzij.’ Marnix schreef deze bundel als eerbetoon aan zijn dochter Rieke, die tot tweemaal toe in een psychose raakte. ‘Maar je schoenen?’ ‘Toen ik een armlastige student was, kocht mijn broer Michiel altijd twee paar: één voor hem en één voor mij. Hij overleed een paar jaar geleden. Ik kreeg dit paar. Wanneer ik bij zijn vrouw en kinderen ben, herinneren deze schoenen ons aan hem.’ Ik was stil. Marnix’ kleren vertelden onverwachts een verhaal uit zijn hart. (tekst Pieter Kleingeld, beeld Jaco Klamer)

Als styliste en modekenner ontmoet Glenda de Vries al bijna dertig jaar christelijke vrouwen. Ze spreekt op conferenties en in workshops met hen over kleding, mode en identiteit. Wat haar opvalt: er is veel onzekerheid. Onzekerheid over het figuur en over de eigen persoonlijkheid. En dat resoneert in de manier waarop de vrouwen zich kleden. ‘Ze ontwikkelen geen persoonlijke stijl.’

Is dat zo erg dan? Ja, best wel, vindt De Vries. ‘Kijk, je kunt natuurlijk heel gemakkelijk zeggen: God heeft je mooi geschapen, punt. Maar zo simpel werkt het bij de meeste vrouwen niet. Ze zijn niet happy met hun te dikke buik of te smalle heupen. Ik ontmoette tijdens één van mijn spreekbeurten bijvoorbeeld een meisje van een jaar of achttien. Ze had een grote boezem en had daar in haar omgeving nogal wat commentaar op gekregen, als je begrijpt wat ik bedoel, waardoor ze licht gebogen was gaan lopen, zodat het minder opviel. Dan breekt mijn hart. Zo’n dooddoener als “je bent mooi geschapen” werkt in zulke gevallen juist averechts. Ik moedig vrouwen aan eens goed in de spiegel te kijken. Hoe zie ik eruit? Wat is mijn vorm? Waar ben ik blij mee en wat vind ik minder fijn? Vervolgens is het goed om te accepteren dat je bent wie je bent. Met kleding kun je pas dan immers benadrukken wat je mooi vindt en flatteren wat je liever een beetje verbergt.’

Alleen als je jezelf kent én je vormen hebt geaccepteerd, kun je tot een stijlontwikkeling komen. En dat is belangrijk volgens De Vries, ‘omdat je daarmee de mooie man of vrouw die jij bent naar buiten kunt brengen. Je stijl is een expressie van wie jij bent. Als je die goed ontwikkelt, kun je je daardoor simpelweg gelukkiger voelen. Blijf je in onzekerheid hangen – en dat zie ik dus nogal eens gebeuren – dan kun je ook een heel verkeerde stijl ontwikkelen, waarmee je een verkeerd signaal kunt afgeven.’

Uitbundiger

Als een persoonlijke stijl op bescheiden niveau iets vertelt over jou als persoon, vervolgt De Vries, wil dat ook zeggen dat mode in grotere zin iets vertelt over de samenleving als geheel. ‘Je ziet nu bijvoorbeeld een bepaalde mode van de jaren tachtig terugkomen. Een aantal out-of-the-boxontwerpers maakte toen kleding van plastic of metaal, als een soort futuristische vertolking van de verwachte robotisering. Nu we met artificial intelligence daadwerkelijk zover zijn, keert een nieuwe interpretatie en styling van die mode terug.’

Een ander verschijnsel is ‘de gigantische overvloed aan optimisme’ in de hedendaagse mode, signaleert De Vries. ‘De kleine Londense Liberty-bloemetjes van weleer keren terug, nu sterk uitvergroot, vrolijker en uitbundiger. Wat je daaruit kunt afleiden? We zijn de crisis weer vergeten, de maatschappij staat er financieel weer rooskleuriger voor.’

Mode is niet zomaar een leuke bezigheid van vreemd geklede mensen die gefortuneerde consumenten van extravagante luxe voorzien, wil ze maar zeggen. Natuurlijk, die kant is er óók, maar die heeft De Vries nooit gezocht. Ze ziet ook heus wel de modellen met meer vlees dan kleding, maar dat is niet haar kopje thee. Een model met een prachtige jurk daarentegen en blinkende sieraden, daar kan ze erg van genieten.

Schilden

Sara Goedhart (8) had vanochtend geen tijd om make-up aan te brengen, maar deed wel haar feestelijke oorbellen in. Het bijpassende kettinkje kon ze zo gauw niet vinden. Haar zwarte jurk droeg ze voor het eerst op de trouwdag van oom Wouter en tante Heleen, een jaar geleden. De bijpassende glitterschoenen zijn ondertussen te klein; ze zaten een jaar geleden eigenlijk al niet lekker. 'Het liefst draag ik stoere kleren, om te kunnen voetballen, of een korte broek, zodat ik er niet aan hoef te denken dat ik mijn benen netjes bij elkaar moet houden.' (tekst en beeld Jaco Klamer)

Sara Goedhart (8) had vanochtend geen tijd om make-up aan te brengen, maar deed wel haar feestelijke oorbellen in. Het bijpassende kettinkje kon ze zo gauw niet vinden. Haar zwarte jurk droeg ze voor het eerst op de trouwdag van oom Wouter en tante Heleen, een jaar geleden. De bijpassende glitterschoenen zijn ondertussen te klein; ze zaten een jaar geleden eigenlijk al niet lekker. ‘Het liefst draag ik stoere kleren, om te kunnen voetballen, of een korte broek, zodat ik er niet aan hoef te denken dat ik mijn benen netjes bij elkaar moet houden.’ (tekst en beeld Jaco Klamer)

In haar esthetische hang wordt De Vries in christelijke kring niet altijd goed begrepen, zegt ze. ‘Je krijgt dan Bijbelteksten voor je voeten geworpen die vertellen dat schoonheid niet zit in sieraden of uiterlijk vertoon, maar in de innerlijke mens en het doen van goede werken. Ik denk dan: dat is eigenlijk een belediging naar de Heer toe. Heeft Hij zelf ook niet prachtige dingen gemaakt? Heb je weleens een edelsteen van dichtbij bekeken, hoe die in de aarde zijn vormen heeft gekregen? Als je belijdt dat God de schepper is, dan mag je die stenen toch uit de grond halen, ze laten blinken, ze bij je dragen en genieten van hun schoonheid?

Kijk eens naar de schilden van de priesters in het Oude Testament; van alle weelde die daarop prijkte, kun je vandaag een heel mooie auto kopen. Of kijk naar de beesten in zee, hoeveel humor en schoonheid en hoeveel humor in schoonheid. In zee zie je soms de clowngarnaal: als je die ziet, lig je in deuk. Geweldig beest! Of het pauwspinnetje: zo groot als een rijstkorrel, maar met een staart die hij op kan zetten. Dat zou ik zelf niet verzinnen!’

Musje

Is de mode als uiting van schoonheid vandaag bij christenen in goede handen? De Vries komt gelukkig genoeg kerken en christenen tegen die de waarde van kunst en mode een plek kunnen geven. ‘Ik lees nergens in de Bijbel dat God saai is, dat Hij niet van kleur en vrolijkheid houdt. Christelijke deugden als waarheid en gerechtigheid zijn voor mij een belangrijke basis van het geloof, maar dat wil niet zeggen dat je als een dood musje door het leven moet gaan.’

Vijf tips van styliste Glenda de Vries om jezelf gelukkiger te voelen door je kleding.

1. Ga rechtop voor een spiegel staan, bekijk je vormen, bedenk waar je blij of minder blij mee bent en accepteer je vorm. Probeer vervolgens met goede lingerie, een passende bh en een mooie top jezelf zo te kleden dat je vorm zo goed mogelijk wordt gecompleteerd.

2. Laat je inspireren door modebladen, tv-programma’s en sociale media, maar loop niet klakkeloos aan achter alles wat je ziet. Het gaat erom dat jij jouw eigen stijl ontwikkelt, niet die van een mediapersoonlijkheid.

3. Probeer oude en nieuwe, ambachtelijke en wat goedkopere kleding met elkaar te mengen. Steek jezelf niet in de complete outfit van één merk. En: het is een misverstand dat je een dikke portemonnee nodig hebt om er goed uit te kunnen zien. Ook in de kringloop kun je heel goed slagen.

4. Kleding is er om gedragen te worden. Je moet je er dus lekker in voelen. Draagcomfort betekent echter niet automatisch dat je in een joggingbroek en een oversized T-shirt moet gaan lopen. De één voelt zich comfortabel in een wijduitlopende rok, de ander gaat liever voor een wat slanker gesneden jurk.

5. Aanvaard dat je een goede schepping bent van God en geniet van mooie kleding die dat gegeven completeert.

Over de auteur
Jasper van den Bovenkamp

Jasper van den Bovenkamp is journalist bij Tekstbureau Vakmaten.

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel
Wat doe jij hier?

Wat doe jij hier?

Gayle Doornbos
  • Column

Tijdens mijn eerste twee jaar aan Dordt University – de christelijke universiteit in Iowa waaraan ik doceer – begroette een van mijn collega’s van de vakgroep theologie mij met de vraag: ‘Gayle, wat doe jij hier?’ Aanvankelijk vond ik die vraag vreemd, omdat het antwoord voor de hand lag. Ik was aan Dordt University om dezelfde dingen te doen als hij: lesgeven, schrijven, studenten begeleiden en commissievergaderingen bijwonen. Maar toen ik besefte dat deze vraag zijn eigenzinnige manier was om ‘hallo’ tegen mij te zeggen, begon ik die vraag te koesteren. Zijn begroeting werd voor mij een moment om stil te staan bij wat mijn werk werkelijk betekent: niet zomaar de taken van de dag, maar leven met en voor mijn gemeenschap, in een wereld die, ondanks alle pijn, leeft van Gods genade.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief