Rikko Voorberg over boosheid

Karel Smouter | 7 december 2018
  • Achtergrond
  • Interview
  • Thema-artikelen

Theoloog, dominee en auteur Rikko Voorberg (1980) heeft wat met boosheid, zoals in 2016 bleek uit zijn boek De dominee leert vloeken. Juist uit hun boosheid kunnen christenen een grote drive halen, vindt hij. ‘Woede moeten we leren koesteren.’

Als ik Rikko Voorberg spreek, staat zijn tas al ingepakt om naar Lesbos te gaan voor het burgerinitiatief We Gaan Ze Halen. Want Rikko maakt zich er boos over dat de ellendige omstandigheden op Lesbos maar blijven voortduren, ondanks toezeggingen van de overheid.

(beeld Maarten Boersema)

(beeld Maarten Boersema)

Boosheid heeft een negatieve reputatie. Is dat terecht?
‘Ja, die negatieve reputatie heeft boosheid verdiend. Boosheid heeft altijd de reputatie gehad een negatieve kracht te zijn. Cicero beschrijft al hoe lelijk en afzichtelijk mensen kunnen worden van boosheid. Boosheid heeft veel kwaad gedaan. Maar dat betekent niet dat boosheid zelf slecht of negatief is.

Vergelijk boosheid met de kerk. Ook de kerk heeft terecht een negatieve reputatie opgebouwd, bijvoorbeeld door seksueel misbruik. Maar het tegenovergestelde is even waar: de kerk verdient die negatieve reputatie op een bepaalde manier niet, omdat ze bijvoorbeeld inspireert, dient en beschermt. Zo is het ook met boosheid. Ze kan een kracht zijn die dingen ten goede verandert. Mijn standpunt is dat woede in zichzelf geen af te keuren kracht is. Het verdient een plek tussen bang, blij en bedroefd. Nu is boosheid van de vier basisemoties het ondergeschoven kindje. En dat is onterecht.’

Is boosheid wel een zelfstandige emotie? Is het geen afgeleide van angst en pijn?
‘Daar kun je verschillend over denken, maar woede heeft een eigen eigenschap: het heeft een oordeel in zich. Woede draagt in zich dat je vindt dat iets niet mag of kan. Daarmee is het de enige basisemotie die een objectieve kant in zich heeft. Ze verhoudt zich tot je normen- en waardenstelsel. Het is dus niet bij voorbaat irrationeel. Je kunt je boosheid bewust naast je eigen normen en waarden leggen, om te beoordelen of die terecht is. Juist woede kan de weg van onderbuikgevoel naar positieve drijfveer gaan. Dat beseft niet iedereen.

Rond boosheid is het alsof er twee kampen zijn. De één zegt: laat mij nou, ik ben gewoon boos. De ander zegt: ik ben boos, maar dat vind ik kinderachtig van mezelf. Laat me even stoom afblazen, want ik moet me afreageren. Daarna kan ik weer gewoon meedoen.’

Boosheid is dus ongewoon?
‘Ja, we hebben de maatschappelijke norm dat je eigenlijk al verloren hebt als je boos wordt. Kinderen die verdrietig zijn, worden omarmd, kinderen die boos zijn, moeten in de hoek gaan staan en tot tien tellen. Het onuitgesproken oordeel daarbij is: boos-zijn mag niet. Zorg er maar voor dat je over tien tellen niet meer boos bent. Dat is een verkeerde grondhouding. Gebruik die tien tellen liever om de grond onder je woede te onderzoeken. Als de boosheid gerechtvaardigd is, is wegstoppen of inslikken niet de goede manier om ermee om te gaan. Zulke woede moeten we leren koesteren, tot we een weg gevonden hebben voor het goede waar we eigenlijk op hoopten of naar verlangden toen we kwaad werden.

‘Zorg er maar voor dat je over tien tellen
niet meer boos bent’

We Gaan Ze Halen is een treffend voorbeeld. We hebben weken zitten zoeken naar een manier om niet in twee valkuilen te vallen. We wilden niet tegen de overheid zeggen: “Je bent slecht en hypocriet, want je doet niet wat je belooft”, en tegelijk zelf passief blijven. Maar we wilden ook niet op eigen gelegenheid één of twee mensen redden en tegelijk wegkijken van de werkelijkheid dat de overheid achteroverleunt. We wilden aansluiten bij iets positiefs, en daar hebben we naar moeten zoeken: het besluit van de overheid om er 8.000 te halen.’

Is het je opdracht om met boosheid iets positiefs te doen? Kan en mag je niet gewoon in klagen blijven hangen?
‘Ja, je moet er iets positiefs mee doen. Stéphane Hessel zei: “Als woede nog geweld gebruikt, is woede nog niet boos genoeg. Want de woede moet het geweld zelf gelden.” Woede komt meestal op omdat een persoon iets gedaan heeft. Onze eerste reactie is om vanuit onze boosheid die persoon zelf iets aan te doen, te straffen. Maar daarmee zouden we van de dader een slachtoffer van onze woede maken. En erger: daarmee worden we zelf deel van het systeem waarop we kwaad zijn. Zo houd je het systeem in stand.

Vergelijk boosheid met verliefdheid: een tijdelijke staat van verstandsverbijstering, die een blikvernauwing kan geven en daarmee irrationeel is, maar die juist daardoor sterk genoeg is om een nieuwe fase of toewijding tot stand te brengen. Zonder die verliefdheid is het onzinnig om jezelf zo kwetsbaar op te stellen, je zo in een ander te verliezen, zo veel te investeren. Maar als je in je verliefdheid stappen hebt gezet en een relatie bent begonnen, heb je iets nieuws bij jezelf ontdekt: hé, dit ben ik ook!

Zonder verliefdheid zou je aan de kant kunnen blijven staan en nooit hoeven kiezen. Maar uiteindelijk voel je je dan leeg, omdat je nooit gekozen hebt. Met woede is het net zo. Het kan een drijfveer zijn om je uit je comfortzone te halen en drieste stappen te zetten, die je normaal nooit zou zetten. Het kan iets nieuws op gang brengen, dat het waard blijkt te zijn.’

Is er een verschil tussen boos zijn omdat je slachtoffer bent en boos zijn voor een ander? De boosheid om asielzoekers op Lesbos lijkt makkelijker vorm te geven dan de boosheid over je baas, je familie of je kerk.
‘Beide soorten boosheid hebben hun eigen valkuilen. Als je zelf slachtoffer bent, heb je zo veel rechtvaardiging voor je woede dat de drempel laag is om een ander tot slachtoffer te maken. Als je voor een ander boos bent, is de vraag of je niet voor een ander gaat spreken of over de emoties van een ander walst.

In onze cultuur denken we vaak veel lichter over manipulatie dan over woede. Daarover schrijf ik met Martijn Horsman in het boek Jakob. De Bijbelse Jakob is een man die de weg van manipulaties gaat. Dat ligt onze cultuur wel. Manipuleren vinden we al gauw aanvaardbaar. In reclames vinden we het bijvoorbeeld doodgewoon.

‘Het wordt een keuze om niets te doen’

Tegelijk is er veel behoefte aan de drive van woede en hebben we meer mogelijkheden dan ooit om onze boosheid productief te maken. Vroeger zagen we de grote thema’s als honger, onrecht en natuurgeweld in de pers, maar wisten we ons machteloos. De laatste tijd beseffen we steeds meer dat er wel wat veranderd kan worden. Het wordt een keuze om niets te doen. Als je je nu boos maakt om de erbarmelijke omstandigheden in kledingateliers of fabrieken, kun je naar de winkel gaan om fairtradekleding of een fairphone te kopen. En als zoiets er niet is, kun je er het initiatief toe nemen.

Sommige mensen gaan er echt heel ver in om slechte dingen niet voort te laten duren. Ik ben erg geïnspireerd door het verhaal van een vrouw in een gebied waar ebola heerste; een alleenstaande moeder van twee kinderen. Iemand vroeg haar: “Waarom help jij? Je wordt door het dorp met de nek aangekeken, je wordt in je eigen omgeving niet meer aangeraakt omdat je misschien wel besmet bent en je bént ook echt in gevaar.” Haar antwoord: “Ik ben de enige ouder van mijn twee kinderen. Wie anders dan ik kan hun het goede voorbeeld geven?” Met onze logica zouden wij haar gedrag afkeuren. Want wat moet er van die twee kinderen komen als ook hun moeder nog sterft? Maar zij zet haar leven in. Haar houding helpt mij om de risico’s die ik neem te relativeren.’

Kan boosheid in de kerk? Hoe kun je er bijvoorbeeld in de liturgie vorm aan geven? Er zijn veel liederen (vooral psalmen) die vol zijn van boosheid. Maar kun je die zomaar laten zingen? Leg je de woede dan een ander niet in de mond?
‘Jazeker, maar dat doen we toch met zo veel emoties? Denk aan teksten als: “met heel mijn hart geef ik mij aan U”, of: “Ik heb van U gehouden, maar nooit zo veel als nu”. Liturgie is juist een manier om je te verplaatsen in een emotie, om je uit te nodigen om je de emotie van een ander eigen te maken en mee te voelen. Of desnoods om de vervreemding van het contrast te ervaren, omdat je voelt dat je het niet kunt meemaken. Je boven je leed uitzingen is een geaccepteerde vorm van liturgie. Maar kun je je dan ook boven de apathie uitzingen in de richting van de woede?

Augustinus zei: hoop heeft twee prachtige dochters, woede en moed. Woede over hoe de dingen zijn. Moed om te durven geloven dat ze niet zullen blijven zoals ze zijn.’

Over de auteur
Karel Smouter

Karel Smouter is krijgsmachtpredikant vanuit de NGK en redacteur van OnderWeg.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief