Hoe zie ik mezelf als mens in Christus?

Hetty Pullen-Muis | 22 december 2018
  • Opinie

Is het mogelijk om de kerkelijke discussies over homoseksualiteit om te buigen naar meer saamhorigheid in het christelijk geloof? De studiedag ‘Homoseksualiteit en de kerk’ had als doel om meer met elkaar in plaats van over elkaar te spreken. Dit werd tijdens de studiedag concreet door de inbreng van homo’s zelf. Wat een uitdaging, moed en kwetsbaarheid. Is de studiedag inderdaad een stimulans geweest om hierover vaker een veilig gesprek te voeren?

Het Praktijkcentrum was gevraagd het onderlinge gesprek te faciliteren tijdens de studiedag. Dat is een uitdaging, omdat het onderwerp ‘homoseksualiteit en kerk’ vaak verlegenheid, stiltes en pijn teweegbrengt in onze gesprekken. In de wandelgangen konden bezoekers aan de hand van gesprekskaarten met elkaar doorpraten.

In gelijkwaardigheid en wederkerigheid met je homoseksuele medemens spreken is niet eenvoudig. Ik ervoer dit sterk toen ik iemand ontmoette die openlijk over zijn homoseksueel-zijn schrijft en spreekt. Van mij weet hij niets, terwijl ik best veel van hem weet. ‘Zal ik eerst maar eens wat meer over mijn leven vertellen?’ was mijn vraag. Want hoe gelijkwaardig is het als ik weet wat de ander vindt van zijn homo-zijn, maar ik zelf nog niets heb verteld over hoe ik mijn hetero-zijn beleef?

Motivatie

Voor het Praktijkcentrum heb ik tijdens de studiedag de motivatie van de bezoekers onderzocht: waarom zijn ze gekomen? Verwachtten de bezoekers bijvoorbeeld dat er in de diversiteit van kerkelijke achtergronden (van PKN tot evangelisch) knopen zouden worden doorgehakt?

Duidelijk werd dat de deelnemers een intrinsieke of een extrinsieke motivatie hadden. Een intrinsieke motivatie is verbonden met persoonlijke drijfveren. Denk aan ouders die uit liefde voor hun kind aanwezig zijn (‘Ik zoek hoe ik vanuit liefde voor mijn dochter kan omgaan met haar lesbische relatie’) of christenen die homo zijn en een weg zoeken met God en het christelijke geloof (‘Ik wil meer openheid in mijn gemeente over homoseksualiteit, maar hoe doe ik dat?’).

Met elkaar in gesprek gaan is allereerst
het benoemen en erkennen van je eigen positie

Een extrinsieke motivatie is verbonden met drijfveren van buiten jezelf. Dan gaat het bijvoorbeeld om mensen die zeggen: ‘Ik wil meer gesprek in mijn gemeente over homoseksualiteit, want we kunnen er niet meer omheen in de huidige samenleving.’ Of om jeugdleiders die van jongeren de vraag krijgen wat de Bijbel erover zegt, of kerkenraadsleden en predikanten die voor concrete keuzes staan rond lidmaatschap, avondmaal, zegenen. Of studenten die het thema interessant vinden.

Bij alle motieven waren de mensen erg betrokken bij het thema homoseksualiteit en de kerk.

Eerste persoon

Met elkaar spreken is proberen elkaar gelijkwaardig en open te benaderen. Homoseksualiteit wordt in de kerk vaak als een probleem benaderd: hoe moeten we met die ander omgaan? Maar met elkaar in gesprek gaan is allereerst het benoemen en erkennen van je eigen positie, van hoe jij zelf in het leven staat en welke keuzes jij maakt in Christus.

Ad de Bruijne noemde dit ‘de ethiek van de eerste persoon’. Voor ieder van ons geldt immers dat het belangrijk is welke keuzes we maken. Een ‘ethiek van de derde persoon’ (praten over de keuzes die anderen maken) laat mensen aan zichzelf over. Samen zoeken maakt ons voorzichtig en verdraagzaam. Dan gaat het gesprek over de roeping van God voor hetero’s én homo’s en geef je vorm aan de naastenliefde waar God toe oproept. Dan spreek je open met elkaar over hoe jij jezelf ziet als mens in Christus. Zo’n gesprek is vruchtbaar en gaat verder dan een ‘exegetisch steekspel’.

Verscheurd

Op de schrijfwand las ik over het verlangen naar verdieping, maar ook het verlangen om Gods kerk met één mond te horen spreken. En vooral bij homo’s en hun familie en vrienden: het verlangen naar (het tonen van) begrip.

Het risico van een studiedag (over welk thema dan ook) is dat de deelnemers antwoorden zoeken op de vragen die ze zelf hebben. Die vragen zijn veelal ethisch van aard (bijvoorbeeld homorelaties afwijzen of niet?), cultuurgebonden (het homohuwelijk is een gegeven in onze cultuur) of gaan over het accepteren van LHBTQ’ers in de kerk.

We zijn er vaak nog knap verlegen mee

Mensen deelden hun antwoorden vanuit verschillende levenssituaties. De worsteling en de pijn van homo’s in de kerk werden tijdens de dag zichtbaar en raakten me. Door de aanwezigheid van homo’s in het programma ontstond er ook in de zaal de ruimte om verscheurde gevoelens openlijk en kwetsbaar te delen.

Veiligheid

De vervolgvraag na zo’n studiedag is: hoe ga ik er in mijn kerk verder mee en vooral in mijn eigen leven?

Gedurende de dag werd duidelijk dat we daarbij minder antwoorden van anderen nodig hebben (derde persoon), maar dat we eerst voor onszelf antwoorden moeten verkennen en daarover in de kerk met elkaar in gesprek gaan. En dan niet in openbare vergaderingen, maar in onderlinge gesprekken. De vraag daarbij is allereerst of we met God heilig willen leven, als homo én als hetero. Maar de vraag naar een veilige kerk is evenzeer gerechtvaardigd. Want op deze studiedag werd opnieuw duidelijk dat veiligheid niet vanzelfsprekend is in de kerk. Daarin falen we als gelovige gemeenschap van Jezus Christus. Willen we werken aan die veiligheid? Daar zijn we vaak nog knap verlegen mee.

Geliefd

Het gesprek tussen homo en hetero zou vooral een gesprek over ons mens-zijn moeten zijn. Daarbij is elkaar proberen te begrijpen in onderlinge verbondenheid met Christus belangrijker dan de geaardheid. Tijdens het middagprogramma kwam dit sterk naar voren bij Jan Hoek en Wim Dekker en dat biedt volgens mij een mooie basis voor de onderlinge gesprekken in de gemeente.

Als we elkaar als geliefde kinderen van God willen zien, dan zullen we elkaar moeten zoeken en ontmoeten, elkaar open vragen durven stellen om elkaar beter te begrijpen. Zeker als we samen als kerk Jezus Christus liefhebben. Dan helpt alleen informeren over de diversiteit rond homoseksualiteit onvoldoende. Elkaar begrijpen als mensen in Jezus Christus is de uitdaging voor de kerk na deze studiedag.

De studiedag ‘Homoseksualiteit en de kerk’ (16 november 2018) was een gezamenlijk initiatief van verschillende theologen, publicisten en pastors uit verschillende kerken, met verschillende visies op homoseksualiteit. In samenwerking met het Praktijkcentrum komt er begin 2019 een boek uit naar aanleiding van dit congres.

Over de auteur
Hetty Pullen-Muis

Hetty Pullen-Muis was tot 1 juli jl. adviseur bij het Praktijkcentrum (inmiddels Kerkpunt).

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief