Waarom God Esau haatte

Bob Wielenga | 6 oktober 2022
  • Achtergrond
  • Blog

Kan de God die liefde is, ook haten? Ja, dat kan Hij, lezen we in de Bijbel. Het is juist een bewijs van zijn liefde voor ons dat Hij ons met zijn haat confronteert. Zegt Maleachi (1:2-4) dat niet? ‘Jacob heb Ik liefgehad maar Esau gehaat.’

Van Arabië liepen er oudtijds karavaanroutes via de stad Elat aan de Golf van Aqaba naar de kust van de Middellandse Zee. Zij kruisten het gebied van Edom en Zuid-Juda. Van de Filistijnse havensteden Gaza en Askelon werden de goederen verder noordwaarts vervoerd naar de handelscentra van Tyrus en Sidon.

Edom

De route leverde Edom en Israël veel winst op. De handelskaravaans moesten belasting betalen over de vervoerde goederen. Koning Salomo maakte al gebruik van deze route om goud uit Arabië te importeren (1 Koningen 9:26-28). Begrijpelijk dus dat Israël in die dagen op de hele route, ook in Edom, beslag wilde leggen. De oorlogen tussen beide landen draaiden om geld. Aanvankelijk won Israël de strijd; later onttrok Edom zich aan de macht van Israël. Zij was weer baas in eigen huis, ook over de handelsroutes in eigen land.

De strijd over de handelsroutes verschoof naar Zuid-Juda, waar steeds meer Edomieten gingen wonen. Dat begon in de tijd van grote politieke verschuivingen in het oude Nabije Oosten door de ondergang van het Assyrische en de opkomst van het Babylonische wereldrijk. Zo kreeg Edom ook in Zuid-Juda een grote economische vinger in de pap ten koste van Juda. Er heerste een gewapende vrede tussen beide opponenten. Zij traden zelfs allebei toe tot een anti-Babylonisch bondgenootschap van verschillende kleine naties in die buurt. Behalve broedervolken waren ze nu ook politieke bondgenoten. Totdat Edom overliep naar de vijand! Toen Babylon Jeruzalem begon aan te vallen en in 586 voor Christus verwoestte, viel Edom in het zuiden Judese vestingsteden en handelscentra aan. Zij alleen plukte toen de vruchten van de internationale handel die gewoon doorging. Totdat Babylon een einde maakte aan Edom als zelfstandig land (552 voor Christus). Zij inde voortaan zelf de belastingen over de internationale handel. De val van Edom wordt in het Oude Testament gezien als oordeel van God.

Gods oordeel

In het Oude Testament is er nauwelijks ooit een goed woord over Edom te horen, en zeker niet rond de tijd van de Babylonische ballingschap. Profeten zoals Obadja namen Edom het verraad van haar broedervolk ernstig kwalijk. Zware kritiek was er ook op de arrogante houding van Edom tegenover Juda (Klaagliederen 4:21-22). De profeet Maleachi ging het verst in zijn veroordeling van Edom (Maleachi 1:2-4). Hij geeft het volgende woord van God door: ‘Jacob heb Ik liefgehad maar Esau heb Ik gehaat.’ We lezen niet vaak in het Oude Testament dat God volken ‘haat’. Deze diep-emotionele term hoort thuis in het taalveld van het verbond tussen God en Israël. Een heel enkele keer lezen we dat God zijn eigen volk haat (Hosea 9:15; Jeremia 12:8). Daarnaar heeft zij het ook gemaakt. In Hosea’s woorden, Israël gedroeg zich als een overspelige echtgenote met wie God eindeloos geduld had, maar aan wie toch ook een einde kwam – de ballingschap. Dit roept de sfeer op van de verbondsvloeken in Deuteronomium 28:15-68. Gods haat is daarmee verbonden.

Verraad

De relatie van God met Edom was van een andere orde dan die met Israël. Maar toch, vanaf de dagen van haar stamvader Esau (Genesis 36:1) zorgde God ook voor Edom, al was zij zich daarvan niet bewust. Zoals zijn tweelingbroer Jacob was ook Esau zoon van Isaäk en kleinzoon van Abraham. Ze maakte zo ook deel uit van het verbond tussen God en Abraham. Ik neem aan dat beide broers het verbondsteken van de besnijdenis ontvangen hebben (Genesis 17:10-14). God koos Jacob als opvolger van zijn vader als drager van de beloften (een groot volk in het beloofde land als zegen voor de volken, Genesis 12:1-3). Maar Hij verwierp Esau niet (en al helemaal niet van eeuwigheid!) en gunde hem zijn eigen plek in het verbond, al was het ondergeschikt aan die van Jacob. Ook Esau werd door God gezegend met een eigen land lang voordat Israël het beloofde land ontving. God beschermde Edoms land ook (Deuteronomium 2:4-5). Er was toen nog geen sprake van Gods haat voor Edom!

Zijn haat voor Edom werd door haar zelf opgeroepen door Juda te verraden. Zij waren niet alleen broedervolken en politieke bondgenoten, maar vooral partners in het verbond dat God met hun beider voorvader Abraham had gesloten. Zo kwamen Gods beloften (Israël als Gods volk in het door hem beloofde land als zegen voor de volken) in gevaar. Edom nam bezit van land dat God aan Israël had gegeven. Vluchtelingen uit Jeruzalem nam zij gevangen en leverde hen uit aan Babylon (Obadja 1:14). Gods volk Israël leek in het beloofde land geen toekomst meer te hebben waardoor ook Gods heilsplan met de wereld in gevaar leek te komen. Draaide het voor Edom allemaal om politiek-economische belangen, de profeten peilden dieper; het ging hen om Gods belangen.

Vandaag

Waarom moest Israël na de ballingschap over Gods haat voor Edom horen? Edom was in Maleachi’s tijd al lang van de politieke kaart verdwenen. Waarom zouden wij ons er vandaag nog mee bezig moeten houden? Daarbij heeft God belang! Oordeelsprediking heeft in de Bijbel een pastorale bedoeling. Het is geen onvermijdelijk noodlot waaraan niet te ontkomen valt. In tegendeel! Wij kunnen aan Gods oordeel ontkomen, daarom gaat het Hem juist!

Juist omdat God Israël liefheeft, waarschuwt Hij haar voor zijn haat. Zo wil Hij haar, maar ook ons wakker schudden: ontwaakt, gij die slaapt, en sta op uit de dood, en de Engel van het verbond (Maleachi 3:1) zal over u lichten.

Over de auteur
Bob Wielenga

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Meest gelezen

Genesis 3 is een profetische vertelling

Genesis 3 is een profetische vertelling

Ulbe van der Meer
  • Opinie

Honderd jaar geleden sprak de synode van de Gereformeerde Kerken uit dat het spreken van de slang in Eden een zintuigelijk waarneembaar feit was. Ds. Jan Geelkerken zag dat anders en werd uit zijn ambt gezet. Aan dit ‘jubileum’ is tot nu toe slechts een podcast (Dick en Daniel geloven het wel #238) gewijd en een paar verhalen uit de oude doos in het Nederlands Dagblad. Moeten we ervan uitgaan dat het vandaag niet meer zo van belang is hoe je deze tekst leest?

Lees artikel
Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Het geheim van de kerk

Het geheim van de kerk

Cors Visser
  • Boekbespreking

Het was de ondertitel die me naar dit boek deed grijpen: herontdekken wat de kerk is. Na het omslaan van de laatste bladzijde was er een lichte teleurstelling. Dit boek gaat niet in de eerste plaats over de kerk. Maar naast teleurstelling was er ook een aangename verrassing: Wright werpt nieuw licht op Handelingen en ja, ook een beetje op de kerk. Wat de Britse nieuwtestamenticus doet, is de lezer in iets meer dan 200 bladzijden meenemen door heel Handelingen. Elk hoofdstuk behandelt drie of vier hoofdstukken, met uitzondering van Handelingen 1 en Handelingen 17 – die krijgen beide een eigen hoofdstuk. Door deze aanpak zit er vaart in het boek en komen de kwaliteiten van Wright naar voren: grote lijnen trekken en vergelijkingen maken met andere Bijbelboeken en verhalen. Voor mensen die Tom Wright doorgaans wijdlopig en ongestructureerd vinden – zoals ikzelf – is dit boek een stuk prettiger leesbaar. Een aantal hoofdthema's uit eerder werk komt voorbij: de nadruk op de opstanding van Jezus, het koninkrijk van God en de ontmoeting van hemel en aarde. Via Handelingen valt daar weer nieuw licht op.

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief