‘We mogen erop vertrouwen dat God een plan heeft met de jeugd’
- Algemeen
- Kerk Onderweg
Hoe houd je jongeren verbonden aan de kerk? Dat is de vraag waarmee de NGK in Berkel en Rodenrijs worstelt, evenals veel andere kerken. Afgelopen drie jaar heeft de kerkelijke gemeente gewerkt aan ‘duurzaam jeugdwerk’, aan die periode is deze zomer een einde gekomen. De negentwintigjarige Loïs Vreugdenhil was een van de gemeenteleden die zich hiervoor inzette. Welke ontwikkelingen heeft het jeugdwerk doorgemaakt en hoe zet je duurzaam jeugdwerk op?
Loïs beschrijft haar gemeente als ‘een fijne club mensen’. ‘Er is verbinding met elkaar en vandaaruit geloven we samen’, licht ze toe. ‘Maar jongeren die verbondenheid ook laten voelen is best lastig. Er zijn veel gezinnen met jonge kinderen en veel ouderen, maar voor de leeftijd daartussen is het een stuk minder’, legt Loïs uit. Ze is zelf moeder van twee jonge kinderen. ‘Voor jongeren vanaf zestien jaar organiseerde de gemeente weinig, terwijl dat juist zo’n cruciale leeftijdsfase is om ze te binden aan de kerk. Daarin moest dus verandering komen.’
Hoe hebben jullie voor die verandering gezorgd?
‘We hebben een dominee aangenomen, Duurt Vonck, voor een periode van drie jaar. Hij had een aantal specifieke opdrachten, waaronder het jeugdwerk. Het belangrijkste was dat we in die periode duurzaam jeugdwerk konden opzetten en dat Duurt eigenlijk ‘misbaar’ werd. Zodat de boel niet zou instorten op het moment dat hij zou vertrekken. De kerk en de jongeren zouden het uiteindelijk zelf moeten dragen.’
Wat was jouw rol in het jeugdwerk?
‘Ik zat in de begeleidingscommissie, met die groep kwamen we zo’n vier keer per jaar samen om het proces te sturen en te evalueren. Op die manier was ik van een afstand betrokken bij het jeugdwerk, maar ik heb het ook van dichterbij mogen ervaren. Ik heb namelijk twee jaar een groep jongeren begeleid, het eerste jaar gaf ik samen met mijn man bijbelstudie bij ons thuis en het tweede jaar in de kerk, samen met de dominee.
Hoe heb je je rol ervaren?
‘Het was om iets te kunnen betekenen voor de jongeren in de kerk, want de wens om jongeren betrokken te houden is voor mij persoonlijk groot. Als het maar voor enkelen iets heeft betekend, is er voor mij al een doel bereikt. Aan de andere kant is dat ook lastig, want het liefst wil ik ze allemaal ‘redden’. Dat lukt natuurlijk niet en dat besef vond ik weleens pijnlijk. Tegelijkertijd heb ik mooie momenten met de jongeren mogen meemaken. Zo heb ik hele mooie en kwetsbare gesprekken gevoerd met ze, ook juist als ik dacht dat een avond niks werd. Het is ook mooi om te merken dat jongeren nu een plek hebben in de kerk waar ze zich fijn voelen en dat ze het zelfs leuk vinden om te komen. Het is niet het allerbelangrijkste dat ze zoveel mogelijk kennis krijgen. Het is belangrijker dat ze blijven komen en dat de verbinding er is, zodat ze zien dat de kerk ook iets moois is. Die betrokkenheid vinden de jongeren zelf ook fijn. Zo was de overgang voor de jongeren die ik twee jaar bijbelstudie gaf af en toe lastig. De kennisoverdracht in de kerk met de dominee was toch wel wat formeler dan de avonden bij ons thuis op de bank met een koekje en glaasje drinken in de hand.’
Het is belangrijk dat de jongeren blijven komen en dat de verbinding er is
Is het gelukt om ‘duurzaam’ jongerenwerk op te zetten in de afgelopen drie jaar?
‘Het blijft een lastig thema, want voor de leeftijdsgroep achttien tot dertig jaar is veel minder aanbod. Jongeren zitten dan in verschillende leeftijdsfases, de één is net begonnen met studeren en de ander werkt al of heeft al een gezin, zoals ik. Dat wil niet zeggen dat er geen verbinding mogelijk is, maar de behoefte is over het algemeen wel anders. Daarover hebben we het veel gehad, omdat we jongeren iets willen bieden. Soms is het pijnlijk dat we moeten concluderen dat we er nog niet uit zijn. Maar gelukkig is er ook een aantal dingen wel op touw gezet. Zo is er een jongerenkring opgezet, op initiatief van een aantal jongeren zelf. Zij komen nu elke twee weken samen. Verder is ons advies om twee jeugdouderlingen aan te stellen aangenomen door de kerkenraad. Op die manier blijft er ook aandacht voor die groep jongeren die nog in de kerk zitten. De kerkenraad wil zich inzetten voor de jongeren, dat is mooi om te zien. Er zijn nog meer dingen die uit onze analyse gekomen, het éne concreter dan het andere, die we de aankomende tijd gaan proberen vorm te geven.’
Wat heb je geleerd uit dit proces?
‘Ik hoop dat we met elkaar als kerk jongeren het gevoel kunnen blijven geven dat we hen zien en dat ze welkom zijn. In dit proces besefte ik opnieuw dat God alles leidt. Wij kunnen wel hard werken met zijn allen, maar wij zijn ook maar mensen. We mogen erop vertrouwen dat God een plan heeft met de jeugd. We hebben weleens tegen elkaar gezegd: “Misschien moeten we even stoppen met nadenken over waarom het niet gaat zoals we willen, maar gewoon bidden en alles bij God neerleggen.” Daarop moeten we uiteindelijk altijd onze ogen gericht houden. Wij zijn niet degenen die het wel eventjes kunnen fiksen, dat doet God.’
Dit artikel is gedeeltelijk afgeschermd. Je kunt tijdelijke toegang krijgen op dit apparaat en in deze browser.
Prijs: €1,00
Toegang is tijdelijk en gekoppeld aan dit apparaat en deze browser. Het wissen van cookies of gebruik van een andere browser betekent dat de toegang vervalt.

