Israël: laten NGK en GKv hun opvatting koesteren

Henk de Jong | 14 februari 2015
  • Achtergrond

Emeritus predikant Henk de Jong (NGK) is blij dat de vrijgemaakte synode ervoor gekozen heeft geen deputaatschap kerk en Israël in te stellen, schrijft hij in een reactie op het artikel ‘Heeft Israël prioriteit?‘ van Erik de Boer in OnderWeg nr. 3.

‘GKv en NGK vormen “de twee huizen van de Vrijmaking”. Dat is een uitdrukking van Henk de Jong, die zich verzet tegen het idee dat er een bijzondere weg voor Israël tot de Vader is”, schreef dr. Erik de Boer in zijn artikel.

Het is waar wat hij schrijft. Bewust heb ik destijds gesproken over ‘de beide huizen van de Vrijmaking’. Ook omdat ik mij bij mijn standpunt over Israël gerugsteund heb gevoeld door de vrijgemaakte kerken.

Ik was dan ook blij dat de laatste synode van de GKv het voorstel heeft afgestemd om een Israël-deputaatschap in te stellen. De CGK heeft zo’n deputaatschap en daar val ik niet over. Ik wil met belangstelling zien hoe het met dat deputaatschap loopt. Maar laten de beide huizen van de Vrijmaking hierin hun eigen opvatting behouden en kritisch koesteren.

De vrijgemaakt-gereformeerden willen de niet-christelijke Joden in principe benaderen zoals je afvallige christenen benadert, op de wijze dus van de evangelisatie. Vandaar dat zij vinden dat het werk onder de Joden bij het deputaatschap van de zending, Mission, thuishoort.

Helemaal juist vind ik dat laatste niet, tenzij het bij hun zending gaat om één deputaatschap voor zending en evangelisatie. Het eigene van evangelisatie ten opzichte van zending is dat evangelisatie meer uitgaat van Gods eerdere bemoeienis met de geadresseerden, zoals in Petrus’ prediking tot de Joden op de Pinksterdag: ‘Want jullie komt de belofte toe’ (Handelingen 2:39) – wil daar toch je geloofsantwoord op geven!

Ik zie dat de christenheid verschillend denkt over Israël en dat
bij een evengrote eerbied en liefde voor de Schrift

De christelijk-gereformeerden willen de Joden niet over die ene kam van verbondsafvalligen scheren, maar benadrukken Gods blijvende belofte aan zijn oude volk. Israël heeft bij hen een eigen plaats, met nog een grote toekomst in het verschiet. En dus valt het contact met Israël onder een apart deputaatschap.

Zoals gezegd: gun beide partijen hun eigen benadering. Vanwaar die verdraagzaamheid? Het gaat toch niet om een kleinigheid? Geenszins, naar mijn mening. Er zijn momenten dat ik dit verschil ervaar als de botsing tussen twee wijzen van Schriftlezen. Maar ik zie dat de christenheid, vooral hier in Nederland, verschillend denkt over Israël en dat bij een evengrote eerbied en liefde voor de Schrift. Daar wil ik voorzichtig mee omgaan.

Ik word daarin gesterkt door Paulus zelf, of beter, door een woord van hem dat volgens de tekstoverlevering naar twee kanten kan worden uitgelegd. Ik bedoel Romeinen 11:30-31: ‘Want evenals gij (niet-Joden) eertijds aan God ongehoorzaam waart, maar nu ontferming hebt gevonden door hun (der Joden) ongehoorzaamheid, zo zijn ook deze (de Joden dus) nu ongehoorzaam geworden, opdat door de u betoonde ontferming ook zij thans ontferming zouden vinden’ (NBG-vertaling 1951).

Het woordje ’thans’ in Romeinen 11:31 is handschriftelijk omstreden, wat erop zou kunnen wijzen dat Romeinen 11 al vroeg in de kerkgeschiedenis verschillend gelezen is. Zónder dat woordje ’thans’ kán het gaan over een toekomstige ontferming over Israël, precies zoals de Israël-gezinden dat bepleiten. Mét dat tijdswoordje gaat het over een ontferming die in de tegenwoordige tijd gelijkelijk over Israël en de volken verdeeld is.

Heel opmerkelijk, dat omstreden woordje! Het kan ons, welke opvatting wij ook hebben, mild stemmen en ons voor een fanatiek drijven (ter ener of ter anderer zijde) behoeden.

Zelf vind ik de lezing ’thans’ sterk genoeg om er uitlegkundig mee te werken. Dat laatste zal ik hier echter niet doen. Ik heb dat gedaan in een publicatie in 2011 van de Willem de Zwijger Stichting, onder de titel: DE LANDBELOFTE, een Bijbelstudie over een gevoelig onderwerp. Volgens mij is dat boekje nog wel verkrijgbaar bij het secretariaat van die stichting. En anders moet men maar wat oude Opbouw-nummers napluizen, waarin ik een en andermaal over dit onderwerp geschreven heb.

Over de auteur
Henk de Jong

Ds, Henk de Jong is emeritus predikant van de NGK Zeist.

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel
Wat doe jij hier?

Wat doe jij hier?

Gayle Doornbos
  • Column

Tijdens mijn eerste twee jaar aan Dordt University – de christelijke universiteit in Iowa waaraan ik doceer – begroette een van mijn collega’s van de vakgroep theologie mij met de vraag: ‘Gayle, wat doe jij hier?’ Aanvankelijk vond ik die vraag vreemd, omdat het antwoord voor de hand lag. Ik was aan Dordt University om dezelfde dingen te doen als hij: lesgeven, schrijven, studenten begeleiden en commissievergaderingen bijwonen. Maar toen ik besefte dat deze vraag zijn eigenzinnige manier was om ‘hallo’ tegen mij te zeggen, begon ik die vraag te koesteren. Zijn begroeting werd voor mij een moment om stil te staan bij wat mijn werk werkelijk betekent: niet zomaar de taken van de dag, maar leven met en voor mijn gemeenschap, in een wereld die, ondanks alle pijn, leeft van Gods genade.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief