Een jeugdwerker over jeugdwerkers

Paul Smit | 4 april 2015
  • Jeugdwerk
  • Thema-artikelen

Een betaalde jeugdwerker is meestal een voorbijganger in de gemeente. Voor een paar jaar wordt van hem of haar een bijdrage aan het jeugdwerk gevraagd. Hoe vul je dat in?

In elke gemeente zal de bijdrage van de jeugdwerker een andere invulling krijgen, want geen twee gemeenten zijn hetzelfde. Ik zie daarin twee benaderingen: die van het persoonlijke contact met de jeugd en die van het signaleren en adviseren.

Voor het signaleren en adviseren zou je een tabel kunnen maken, waarin je bij de leeftijdsgroepen de bestaande activiteiten invult. Als je bij die activiteiten ook het doel omschrijft, dan komen als vanzelf twee resultaten naar voren: dat wat ontbreekt en dat wat overlapt.

Een regelmatig ontbrekend onderdeel is de gerichte aandacht voor tieners, jongeren en jongvolwassenen in de kerkdiensten. Die aandacht zit ‘m niet in een lied of filmpje, maar in het laten aansluiten van het evangelie bij hun belevingswereld. Een ander vaak ontbrekend onderdeel is de aanpak van het pastoraat en diaconaat met en voor de jeugd.

Overlap zit er vaak in onderdelen van het clubwerk en de catechese; twee activiteiten die aandacht geven aan persoonlijke ontwikkeling en het omgaan met elkaar. Door het verschil in doelstelling te benadrukken kun je ervoor zorgen dat het clubwerk zich meer richt op vriendschap en het meenemen van vrienden (missionair) en dat de catechese zich meer richt op het vormen van de eigen jeugd (discipelschap). Bij grote overlap kan het samenvoegen van club en catechese een aanpak zijn.

Schakels

Als het gaat om het persoonlijke contact met jongeren (eerstelijnscontact) werkt de jeugdwerker nauw samen met jeugdouderlingen, clubleiders, catecheten, kindernevendienstleiders en andere betrokkenen bij het jeugdwerk. Kort gezegd is daarbij de jeugdouderling de verbindende schakel tussen kerkenraad en jeugdwerk en zijn de anderen de uitvoerenden. In de praktijk is dat onderscheid misschien niet zo scherp, maar het helpt wel om naar de taakverdeling te kijken.

Feitelijk bouw je in dit werk aan een vertrouwensband

Het sterkste eerstelijnscontact ligt bij de uitvoerenden. Zij zien de jeugd het vaakst en hebben zicht op wat er in de groepen omgaat. Dat contact is in feite pastoraal, maar wel beperkt tot de momenten van de ontmoetingen.

De jeugdouderling heeft vanuit de kerkenraad een bestuurlijke en/of pastorale verantwoordelijkheid in het jeugdwerk. Informatie over wat lekker loopt en wat niet, wie er is en wie niet en wie pastorale aandacht zou moeten krijgen, komt van de uitvoerenden. Voor dat pastorale contact moet een jeugdouderling regelmatig bij activiteiten zijn. Want als de jeugd de jeugdouderling niet kent, dan zal er moeilijk contact tot stand komen.

Valkuil

De toegevoegde waarde van een jeugdwerker is dat hij of zij de jeugd bij verschillende activiteiten ziet (club, catechese, nevendiensten, kamp, EO-jongerendag, enzovoort). Door die ontmoetingen is de drempel voor een pastoraal gesprek meestal niet zo hoog. Feitelijk bouw je in dit werk aan een vertrouwensband, op grond waarvan je eventueel de jeugdouderling kunt introduceren. De valkuil is dat je het contact geheel naar jezelf toetrekt. Door een te persoonlijke vertrouwensband met de jeugd neem je het opgebouwde vertrouwen mee als jij weer verder gaat.

Over de auteur
Paul Smit

Paul Smit (NGK) is jeugdwerker en werkzaam bij het Nederlands Gereformeerd Jeugdwerk (NGJ).

Meest gelezen

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

Het publieke spreken van de NGK tegenover radicaal-rechts

George Harinck
  • Verdieping

De Raad van Kerken heeft in april van dit jaar het rapport ‘De weg van discipelschap. De omgang van de kerken met radicaal-rechts gedachtegoed’ gepubliceerd. Daarmee beweegt de raad zich in het spanningsveld van kerk en politiek. Hoe deden kerken dat in het verleden en hoe moeten we in dat licht dit rapport bezien? Deze vraag is mede interessant omdat de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) sinds 2025 lid zijn van deze raad. 

Lees artikel
Gender, seksualiteit en vertrouwen – vier boeken over lhbt+-vraagstukken

Gender, seksualiteit en vertrouwen – vier boeken over lhbt+-vraagstukken

Loïs Oosterhof-van Bruggen
  • Boekbespreking

Boekbespreking n.a.v. Joël Boertjens, #Hoe dan? Gids voor een veilig gesprek over kerk, geloof en lhbt+ (Ark Media, 2023), Elise van Hoek e.a. (red.), Gendergids. Navigeren in het landschap van gender, identiteit en zorg (Buijten & Schipperheijn, 2026), Jantine Nierop, Sekse doet ertoe. Hoe mijn visie op gender en de queertheorie veranderde (KokBoekencentrum, 2025), Jetske Christoff Venema (red.), Beelddrager van God gezocht M/V/X (Buijten & Schipperheijn, 2025).

Lees artikel
Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Trouw en gedeelde pijn – gemeente-zijn na een fusie

Cors Visser
  • Alphen tot Ommen
  • Kerkelijk leven

Een bescheiden, trouwe gemeente met een gedeelde pijn en gedeeld verlangen om kerk te zijn in het dorp; dat is de NGK in IJsselmuiden. Het dorp kijkt uit over de IJssel naar wat ooit het gereformeerde Mekka was: Kampen. 

Lees artikel
Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Misschien heeft men in deze streken geen ontzag voor God…

Jos Colijn
  • Leespreek

Deze preek van dr. Jos Colijn (tot voor kort werkzaam als universitair docent Interculturele theologie aan de Theologische Universiteit in Utrecht) heeft een spannend onderwerp dat de gemoederen verhit: migratie. Aan de hand van het Bijbelse verhaal over Abraham en Sara die in Gerar een veilig heenkomen zoeken, laat Colijn zien dat er geen gemakkelijke antwoorden zijn als het over migratie gaat. Nee, Genesis 20 gaat niet over onze migratieproblematiek, maar er valt wel veel te leren over onze positie als vreemdeling op aarde en de manier waarop we omgaan met vreemdelingen bij ons in de straat.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief