Misbruik

0

De berichten over seksueel misbruik in de kerk houden maar aan. Het maakt geen verschil of het om de Rooms-Katholieke Kerk, charismatische gemeenschappen of traditioneel-protestantse kerken gaat: de boodschap is hetzelfde. Vrouwen en kinderen waren niet veilig bij kerkelijke leiders. De leer mag de kerken verdelen, het leven verbindt hen op dit punt.

Seksueel misbruik in de kerk is volgens mij van alle eeuwen. We lezen er al over in de Bijbel. En er zijn niet alleen daders, maar ook altijd weer hun beschermers. Gelukkig, in onze tijd wordt het niet langer onder de dekmantel gestopt, weg uit de openbaarheid. Er heerst een cultureel klimaat waarin het minder moeilijk geworden is om seksueel misbruik aan te kaarten en te zeggen: ja, ook ik ben misbruikt in de kerk.

Willow Creek

Ik denk aan wat gebeurd is in de ook onder ons bekende Willow Creek Community Church in Amerika. De stichter en hoofdleider van de kerk, Bill Hybels, werd van seksueel misbruik beschuldigd. Eerst kwam er één vrouw naar voren, die niet geloofd werd, wat natuurlijk ook wel begrijpelijk is. Bill Hybels is niet de eerste de beste in de christelijke wereld: hij heeft tot ver buiten Amerika een grote naam als kerkvernieuwer opgebouwd, aan wie talloze mensen voor hun geloof veel te danken hebben. We hoeven niet iedere beschuldiging te geloven.

Toen bleek echter dat de leiders van Willow Creek Hybels stelselmatig en jarenlang beschermd hadden tegen de getuigenissen van medegelovigen, die instonden voor de betrouwbaarheid van de aanklachten van de misbruikte vrouwen. Uiteindelijk gaf men toe dat er dingen fout waren gegaan. Hybels gaf nog voor zijn pensioenering zijn leiderschapspositie in de kerk op. Het was toch waar!

De val van de één heeft grotere gevolgen dan die van de ander

Wat een tragiek. Maar ook: wat een kracht heeft de zonde nog in het leven van gelovigen. Er is geen reden om op Hybels neer te zien. Zeker voor voorgangers in de kerk geldt: wie staat, zie toe dat hij niet valt. En wie valt, leeft van genade zoals ieder andere gelovige. Maar de val van de één heeft grotere gevolgen dan die van de ander, binnen en buiten de kerk.

Bijbelmisbruik

Over de zaak-Hybels las ik in een boeiende analyse van de bekende Amerikaanse Bijbelgeleerde Scott McKnight. Hij zet uiteen hoe de beschermers van de daders de Bijbel gebruiken. Soms wordt Matteüs 18 aangevoerd tegen vrouwen die hun misbruikt-zijn publiek willen maken. Ze zouden eerst persoonlijk met hun misbruiker moeten gaan praten om hen te overtuigen van hun zonde; zo zou het in de persoonlijke sfeer opgelost kunnen worden, zonder alle publiciteit die het evangelie beschadigt.

‘Kom nou!’ zegt McKnight. Kun je psychisch van een slachtoffer van seksueel misbruik verwachten dat zij in haar eentje de dader opzoekt, zodat de zaak uit de openbaarheid gehouden kan worden? Is dat de bedoeling van Matteüs 18? Of is dat Bijbelmisbruik?

Een ander voorbeeld van Bijbelmisbruik is de verwijzing naar 1 Timoteüs 5:19: ‘Geef alleen gehoor aan een aanklacht tegen een oudste als die bevestigd wordt door ten minste twee getuigen.’ Dat aanklachten tegen voorgangers uiterst zorgvuldig moeten worden behandeld, is duidelijk. Valse beschuldigingen moeten we niet bij voorbaat uitsluiten. Maar als dit woord van Paulus wetticistisch wordt toegepast, kan een voorganger nooit van seksueel misbruik beschuldigd worden. Er zijn nu eenmaal geen getuigen bij aanwezig!

Is de sfeer in de kerk vrouwonvriendelijker dan in Israël destijds?

Dat dit niet de bedoeling kan zijn, wijst McKnight aan door Deuteronomium 22:25-27 aan te halen. Daar gaat het over de beschuldiging van seksueel misbruik waarvoor geen getuigen nodig zijn. Een jonge vrouw is aangerand door een man in het open veld, waar niemand haar om hulp heeft kunnen horen roepen. Er waren geen getuigen! Toch werd de vrouw geloofd en niet de man. Natuurlijk zal de zaak grondig uitgezocht zijn. De betrouwbaarheid van de man en de vrouw zullen zijn onderzocht; allerlei andere factoren zullen een rol hebben gespeeld. Maar uiteindelijk werd de vrouw geloofd, ook al waren er geen getuigen.

De beschermwaardigheid van de vrouw staat in de patriarchale cultuur van Israël centraal, zoals altijd in Deuteronomium. Daarin zou Gods volk onder de volken moeten uitblinken. Dat is vandaag in de kerk toch niet anders? Of is de sfeer in de kerk vrouwonvriendelijker dan in Israël destijds?

Het lijkt er soms op dat het er in de kerk te vaak wereldgelijkvormig aan toegaat. De bedoeling is toch dat de wereld meer en meer kerkgelijkvormig wordt. Of beter: Christusgelijkvormig!

PS. Nadat ik bovenstaande schreef, las ik de laatste verklaring van de leiders van Willow Creek over de zaak-Hybels. Zij beleden met schaamte dat ze ten onrechte Hybels in bescherming hadden genomen tegen de terechte beschuldigingen van meerdere vrouwen die door hem misbruikt waren. Schuld tegenover deze vrouwen werd eerlijk erkend in de hoop dat er nog iets goedgemaakt kon worden. Beter laat dan nooit! Laat Willow Creek een baken in zee mogen zijn.

Delen.

Over de auteur

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Laat een reactie achter