Telders zoektocht naar ruimte

0

Misschien mag ik je feliciteren als er bij het horen van de naam Telder niet direct een lampje gaat branden. Naast de Open Brief was de ‘kwestie Telder’ een van de hete hangijzers in de kerkscheuring waaruit de Nederlands Gereformeerde Kerken zijn ontstaan. Lange tijd was de ‘kwestie Telder’ een gevoelig onderwerp. Is er inmiddels ruimte voor een open gesprek?

Ds. Bartus Telder plaatste vraagtekens bij de opvatting dat gelovigen direct na hun sterven naar de hemel gaan. Volgens zijn tegenstanders kwam Telder daarmee in conflict met de Bijbel. Medestanders droegen hem op handen. Daarnaast waren er mensen die vonden dat hij wel goede vragen stelde, maar zij waren het niet eens met zijn antwoorden.

De jaren zestig vormden een periode van opstand en vernieuwing. Het was de tijd van de flower power, seksuele revolutie en emancipatie. Naast de toenemende welvaart was er een crisis van het gezag. De vrijgemaakte kerken waren zelf trouwens in 1944 ontstaan vanuit een gezagscrisis: men was vrijgemaakt van het onwettige gezag van de eigenmachtige synode van de Gereformeerde Kerken.

Telder vond dat de belijdenis soms te veel aansloot
bij een heidense manier van denken

Er waren vrijgemaakten die strikt vasthielden aan de oude kaders. Maar er werd ook ruimte gezocht om op een nieuwe manier woorden uit de Bijbel te laten spreken. Telder zocht een open debat over Bijbelteksten en uitspraken van de belijdenis. Rond zijn emeritaat publiceerde Telder vier boeken, waarvan in het bijzonder Sterven… en dan? in 1960 veel stof deed opwaaien. Hij vond dat de belijdenis soms in de bewoordingen te veel aansloot bij een heidense manier van denken, die ziel en lichaam tegenover elkaar plaatste. Dat had hij meegekregen van zijn vriend en geestverwant A. Janse van Biggekerke. Telder had geleerd om terug te gaan naar de bron: de Bijbel zelf.

Paradijs

Telder stelde dat wanneer een christen sterft, hij niet in een lichaam en een ziel ‘uiteenvalt’, maar dat hij als gehéle mens sterft en als gehéle mens bij de opstanding van Christus zal opstaan, met een tussenperiode die enigszins te vergelijken is met de slaap. Deze uitspraak stond op gespannen voet met Zondag 22 van de Heidelbergse Catechismus. Daar wordt gezegd dat onze ziel ‘van stonde aan’ met Christus wordt verenigd en het lichaam láter zal opstaan. Velen beschuldigden Telder van afwijking van de belijdenis en trouwbreuk, omdat hij zich door zijn handtekening aan de belijdenis had verbonden.

Jezus zegt immers: ‘Ik verzeker je: nog vandaag zul je met Mij in het paradijs zijn’ (Lucas 23:43)? Dan ben je toch direct bij Hem? Hoe kwam Telder erbij om daarvan af te willen doen? Telder bestreed de gedachte dat met het paradijs de hemelse heerlijkheid bedoeld wordt. Bij ‘het paradijs’ moet je denken aan de plek waarin God de mens heeft geplaatst, Gods rijksgebied op aarde. De nieuwe aarde zou de plaats zijn waar ook deze moordenaar zal zijn, wanneer Jezus terugkomt. Met ‘vandaag’ zou Jezus volgens Telder bedoelen dat op die dag de toegang tot Gods koninkrijk voor de gekruisigde moordenaar openging. Men zou trouwens, aldus Telder, ook kunnen lezen: ‘Ik verzeker je nog vandaag: je zult met Mij in het paradijs zijn.’

Nieuwe ogen

De tweede tekst die in dit verband vaak naar voren wordt gebracht, is Filippenzen 1:23: ‘ik verlang ernaar te sterven en bij Christus te zijn’. Het lijkt er sterk op dat Paulus ervan uitging dat hij bij zijn sterven onmiddellijk bij de Heer zou zijn; een ontkrachting dus van de gedachte van een tijdelijke rustperiode. Telder bracht hier tegenin dat het ‘bij Christus zijn’ in deze gedachtegang pas zou intreden ná Paulus’ heengaan. Dat kon toch niet de bedoeling zijn. ‘Want het “met Christus zijn” was er reeds voor de apostel, ook toen hij nog in het vlees was.’

We hebben meer geleerd te leven met de mysteries

Zo probeerde Telder het kerkvolk aan het denken te zetten. Telders eerbied voor de woorden van de Schrift kon men op iedere pagina met de handen tasten, ook als zijn argumenten niet overtuigden. Lezers werden uitgedaagd om de Bijbel met nieuwe ogen te lezen, los van gangbare interpretaties. Zelfs de Kamper hoogleraar Herman Ridderbos, die Telders boek uiterst kritisch besprak, erkende: ‘Wel niemand zal hem volgen, maar wat hij zegt over de bewoordingen, klopt.’

Brieven

Niet lang na het verschijnen van het genoemde boek ontstonden er problemen. Er werden felle brieven geschreven. De zaak kwam op de classis, de particuliere synode en de synode. Men wilde de kerken in het gereformeerde spoor houden. Volgens zijn Eindhovense collega Gert van den Brink ging het niet zozeer om voor of tegen de leer van Telder. Hij was het zelf met Telder oneens, maar vond dat geen reden voor een breuk: ‘Het grote verschil tussen Nederlands Gereformeerd en Vrijgemaakt Gereformeerd zit niet in de kwestie van de tussentoestand, maar in de visie op de kerk.’ Volgens hem was het de verdienste van Telder en anderen dat zij het taboe doorbraken dat dikwijls ligt op de beperktheid van de confessie.

Mysteries

Vandaag worden Bijbelteksten in de kring van GKv en NGK onbekommerd besproken, waarbij de belijdenis niet als een keurslijf fungeert. Er is meer ruimte voor een open gesprek. Daarnaast zijn we van het kennisoptimisme weg gegroeid naar de erkenning dat we niet precies weten hoe het leven na de dood eruitziet. We hebben meer geleerd te leven met de mysteries.

Inmiddels zijn we als NGK en GKv elkaar zo dicht genaderd dat een samengaan in de lijn der verwachting ligt. In de aanloop daarnaartoe zijn diverse pijnpunten besproken. In 2016 is een congres gehouden over de Open Brief. En al eerder, in 2008, is tegenover de GKv-synode schuld beleden voor het feit dat de NGK pas laat de opvattingen van ds. Telder afgewezen heeft. Ik ben benieuwd welke ruimte er straks in de Herenigde Gereformeerde Kerken is voor een gesprek over de vragen die Telder stelde. Kunnen meerdere visies hierop, en op wat toen gebeurd is, naast elkaar bestaan in een verenigde kerk? Hoe kijken we aan tegen de belijdenis en haar bewoordingen? Hoe meer het vertrouwen in elkaar groeit, hoe groter de kans dat zulke vragen besproken kunnen worden zonder dat ze verwijdering geven.

Delen.

Over de auteur

Geert van Dijk is predikant van de NGK Sliedrecht.

Laat een reactie achter