Avondmaal buiten de kerkdienst?

0

Onlangs hoorde ik het verhaal van Ronny van Renswoude, jongerenwerker in een PKN-plattelandsgemeente. Hij sprak op een studiedag over avondmaal buiten de kerkdienst. Ronny vertelde hoe hij met een jongerengroep de paasnacht doorbracht en aan het eind met hen het avondmaal vierde. Het was voor deze jongeren een indrukwekkende mijlpaal in hun geloofsontwikkeling en een geweldige stimulans om tot een bewuste(re) keus te komen.

Kan dat, avondmaal vieren buiten de kerkdienst? Hoe zit het dan met de ambtelijke bediening en met de gemeenschap van de hele gemeente? Want als je vindt dat de voorganger een exclusieve bevoegdheid heeft tot zegenen, bevestigen en sacramenten bedienen, dan houdt het daar op. Of blokkeert zo’n normatieve benadering bij voorbaat het gesprek? Zijn wij in staat om kritisch te reflecteren op onze gegroeide praktijken en tradities? Raakt het oprechte verlangen bij die jongeren ook iets in jouzelf? Hoe waardeer je dat dan, hoe ga jij daarmee om?

Probleem

Inderdaad, hoe zit het dan met het ambt? We hebben duidelijke teksten in onze bevestigingsformulieren, een helder plaatje met diakenen, ouderlingen en predikanten. Maar die duidelijkheid ligt in de Bijbel zelf zeker niet zo voor het oprapen.

Wie ambt zegt, zegt aanstelling. Er is een roeping en bevestiging, er is een bevoegdheid van Godswege. Toch vinden we in de Bijbel daarover nauwelijks directe en eenduidige gegevens. Het ambt dat in de Bijbel het duidelijkst in verband wordt gebracht met een aanstelling, is dat van oudste. De apostelen instrueren hun assistenten (Titus, Timoteüs) om oudsten aan te stellen. Dat ambt is dus direct gebaseerd op een apostolisch doorgeven (traditie, successie).

Alles wijst erop dat de Reformatie ons
met een groot probleem heeft opgezadeld

Onze huidige dominees vinden we in de Bijbel echter hooguit indirect terug (in de gave of bediening van het profeteren, de evangelisten, enzovoort). Alles wijst erop dat de Reformatie ons met een groot probleem heeft opgezadeld met de ambten zoals ze in onze formulieren zijn herleid, zo betoogde Maarten Wisse, een van de sprekers op de studiedag.

Waar komt het ambt vandaan: vanuit de gemeente of vanuit de hemel? Anders gezegd: is het (slechts) een functie of bediening (‘iemand moet het doen’)? Of moet het meer vanuit het werk van de heilige Geest worden gefundeerd? Dat laatste standpunt bepleit bijvoorbeeld Bram van de Beek in zijn boek Lichaam en Geest van Christus. Hij herleidt het huidige ambt vanuit ‘apostolische successie’: van de apostelen via de lokale bisschop/opziener naar de huidige predikant/voorganger.

Representant

Daarmee is aan het ambt ook een mandaat of bevoegdheid gegeven: een soort alleenrecht om te zegenen, te bevestigen (huwelijken, ambten) en sacramenten te bedienen. En juist die sacramenten (en dus de sacramentsbediening) zijn voor Van de Beek de grondslag van de kerk. Anders gezegd: niet het Woord, maar het sacrament maakt de kerk tot kerk. In de eucharistie wordt Christus vertegenwoordigd. Zo komen zijn redding en genade naar de gelovige toe, in die uitdeling door de representant van Christus.

Maarten Wisse wijst erop dat we vastlopen doordat de Reformatie op dit punt niet eenduidig was. Luther wees onomwonden op het priesterschap van alle gelovigen en ontkende zelfs dat er bedienaren tussen de gelovige en God in staan. Typerend voor die tijd, waarin de emancipatie van het individu begint. Calvijn daarentegen fundeert in Institutie IV het ambt veel meer vanuit de goddelijke autorisatie. Waardoor er bij de Reformatie toch een ‘rooms zuurdesem’ mee naar binnen glipte (zoals een van de aanwezigen op de studiedag het gevat verwoordde).

Gemeenschapsmaaltijd

Bijbels gezien geven onze ambten dus niet echt een helder antwoord op die eerste vraag: kan dat, avondmaal vieren buiten de kerkdienst, zonder de ambten? Daarom trof mij op deze dag de bijdrage van Hans Schaeffer, die het avondmaal vooral uitlegde als een gemeenschapsmaaltijd. Hij stelt dat het avondmaal de kerk tot kerk maakt, niet andersom. Waar de maaltijd van de Heer gevierd wordt, daar sticht Hij gemeenschap. Een klein clubje van gelijkgezinden doet afbreuk aan het lichaam van Christus (met een verwijzing naar 1 Korintiërs 11, waar juist dat misging). Avondmaal zoekt naar zijn aard de gemeenschap, creëert gemeenschap, verlegt grenzen die mensen maken.

Steeds meer mensen voelen afstand
bij de gemeentebrede viering

Daar kan ik meer mee dan met de angstige reflex die ook in mij zit en die zegt: waar gaat dit naartoe? Schaeffers benadering hanteert een open houding: als dit uit de Geest is, ga er dan mee in gesprek, zoek het op, laat het geen geïsoleerd verschijnsel worden. Steeds meer (niet alleen jongere) mensen voelen afstand bij de gemeentebrede viering, ze ervaren die als onpersoonlijk en ze raakt niet aan hun eigen (zoeken naar een) band met de Heer Jezus. Herken dus deze oprechte behoefte aan echt contact en doe daar iets positiefs mee, ook in de kerkelijke vieringen.

Gastheer

Hoe dat er concreet uitziet, kan ik niet in detail uitwerken. Rond het avondmaal blijft een zorgvuldig opgezette en doordachte liturgie onder leiding van een geroepen ambtsdrager volgens mij het uitgangspunt. Daaraan zie je dat Christus de gastheer is, die brood en wijn aanreikt. Tegelijk kunnen we zoeken naar een persoonlijker manier van vieren, met meer variatie en interactie, bijvoorbeeld door elkaar bij het uitdelen van brood en wijn een persoonlijke zegen mee te geven.

En bestaat er een wens om in kleinere kring avondmaal te vieren, dan is de manier waarop we daarmee omgaan cruciaal. Vraag naar de achtergrond van dat verlangen, kijk wat je daar positief mee kunt doen. Probeer zo in gesprek te komen over wat het avondmaal is, zodat we elkaar er meer bewust van maken dat echte gemeenschap niet uitsluit, maar juist zoekt naar anderen.

Ronny van Renswoude vertelde dat hij zelf het gesprek met zijn kerkenraad zocht, hij wilde niet ‘onder de radar’ blijven. Zo laat je zien dat het avondmaal de gemeenschap van het lichaam van Christus zoekt. Geen avondmaal zonder gemeenschap, geen gemeenschap zonder ambt, geen ambt zonder Christus. En dus: geen avondmaal zonder (het lichaam van) Christus.

Delen.

Over de auteur

Klaas van den Geest is predikant van Het Kruispunt (GKv) in Alphen aan den Rijn.

Laat een reactie achter