‘De psalmen verbreden je horizon’

0

‘Het hoogste doel in ons leven is God groot maken en daar mateloos van genieten.’ Wolter Rose leerde dat toen hij de cursus ‘Bidden met de psalmen’ ontwikkelde voor studenten. Rose, hoofddocent Semitische talen en culturen aan de TU Kampen: ‘Alles in de psalmen werkt toe naar lofprijzing. En tegelijk geven ze heel veel ruimte: soms duurt het een leven lang voordat iemand eraan toe is God groot te maken.’

De inzichten kwamen Rose niet zomaar aanwaaien. Hij stelde zich vragen als: waarom bestaat het boek van de psalmen uit vijf verschillende boeken? Wat leert ons de opbouw van elk van die boeken afzonderlijk? Waarom begint het psalmboek juist met de combinatie van psalm 1 en 2? Waarom vind je vijf lofpsalmen aan het einde?

‘Ik ben psalmen gaan lezen in plaats van zingen. Niet één psalm tegelijk, maar vijf. En dan in een maand alle psalmen door. Dan stuit je op thema’s, samenhang en opbouw. Al lezend ga je daarover nadenken. De centrale conclusie is: alles in de psalmen beweegt naar lofprijzing. De laatste psalm van ieder van de vijf boeken eindigt met op zijn minst enkele verzen lofprijzing, soms heel abrupt. En het hele boek van de psalmen eindigt met vijf complete lofprijzingspsalmen: een indrukwekkende kathedraal van lofprijzing.’

De glorie van God is voor jou een kernwoord. Kun je een voorbeeld noemen van een lofprijzingspsalm die verwoordt dat Gods glorie ons doel is?
‘Heel kernachtig vind je het in Psalm 96: “Groot is de HEER, Hem komt alle lof toe.” Of zelfs nog korter in Psalm 150: “Loof Hem om zijn oneindige grootheid.” Er staat letterlijk: “Loof Hem om de grootheid van zijn grootheid.” Maar er zijn veel meer voorbeelden. In Psalm 104 lees je over een prachtige wisselwerking tussen de bidder en God zelf. “Moge mijn lofzang de HEER behagen, zoals ik mijn vreugde vind in Hem.” Lofzang is genieten. We worden in ons leven op allerlei vlak aangemoedigd om met mate te genieten – van drank bijvoorbeeld. Maar de psalmen leren ons dat je van God eindeloos en mateloos kunt genieten.’

Dit artikel verscheen eerder in OnderWeg, een hoopvol en inspirerend magazine voor christenen die God en de kerk liefhebben en midden in het leven staan. Lees magazine OnderWeg 3 maanden gratis, digitaal (via onze app) of op papier. Meld je hier aan.

En als lofprijzing niet lukt?
‘Dat is reëel, ieders leven kent perioden dat lofprijzing niet zomaar uit je opkomt. Het kan zelfs heel lang duren, misschien wel een mensenleven lang. Toch laten de psalmen je ook in die situatie niet in de steek. In Psalm 86 luister je naar een bidder die zichzelf verzwakt en arm noemt. In die situatie zoekt hij zijn toevlucht bij God. Daarin verwoordt hij ook Gods glorie. Het besef van Gods grootheid geeft hem de zekerheid dat God zijn gebed zal verhoren en helpt hem te volharden in zijn gebed. Psalm 42 geeft ook veel erkenning aan moeitevolle tijden die je kunt doormaken. Maar in die psalm vind je ook een zelfaansporing: “Vestig je hoop op God, eens zal ik Hem weer loven.”’

Wolter Rose: ‘Psalmen leren je met een groothoeklens naar de werkelijkheid te kijken.’ (beeld Embert Messelink)

Wolter Rose: ‘Psalmen leren je met een groothoeklens naar de werkelijkheid te kijken.’ (beeld Embert Messelink)

Is het voor jou persoonlijk een bijzondere ontdekking geweest dat lofprijzing, God groot maken, je diepste bestemming is?
‘Ik ben opgegroeid met de Heidelbergse Catechismus. De eerste vraag suggereert dat troost vinden het meest wezenlijke is in een mensenleven. Maar pak de Korte Catechismus van Westminster er eens bij, ook een gereformeerd belijdenisgeschrift. De eerste vraag in die catechismus luidt wat het hoogste doel is in het leven van een mens. Antwoord: God groot maken en voor altijd van Hem genieten. Toen ik dat voor het eerst echt tot me liet doordringen, was het alsof er een venster in de hemel openging en straalde er een bak licht naar binnen. Ik vertel dat met een zekere schroom. Een spirituele ervaring kan gauw erg groot klinken. Ook ik ben een beginneling in lofprijzing.

Van de Amerikaanse theoloog Eugene Peterson leerde ik dat je precies dit in de psalmen terugziet: de bestemming van de psalmen is lofprijzing. Lofprijzing is het alomvattende gebed. Andere gebeden zijn absoluut niet minder waardevol, maar ze mogen uitmonden in lofprijzing.’

‘De psalmen sporen kale plekken
in je gebedsleven op’

Zit daar toch niet een norm in? Of het lukt of niet: je moet je gebed altijd laten eindigen in lofprijzing?
‘Misschien helpt het om te beseffen dat er ook iets als strategische lofprijzing bestaat. Dat je jezelf uitnodigt, herinnert, laat prikkelen tot lofprijzing. Dat gebeurt volop in de psalmen. Ik denk dat het ook een kwestie van oefenen is. Psalmen leren je met een groothoeklens naar de werkelijkheid te kijken. Allerlei dingen – goed of slecht – kunnen heel groot worden in je leven. Lofprijzing is de oefening om God centraal in beeld te krijgen. Dat verandert je. Ik denk dat er een gevaar zit in het weglaten van lofprijzing. Je kunt vast komen te zitten in een vertekend beeld van de werkelijkheid. In het eerste deel van Psalm 73 zie je daar iets van.’

Kun je de psalmen gebruiken om je eigen gebeden te ijken?
‘Psalmen verbreden je horizon. Met de psalmen kun je kale plekken in je gebedsleven opsporen. Misschien klaag je nooit. De psalmen leren dat dat best mag. Misschien klaag je wel, maar aan het verkeerde adres. De psalmen leren om je klachten bij God neer te leggen. Psalm 126 moedigt ons aan om ons niet te laten verlammen door onze tranen en er iets mee te doen: zaaien. We worden opgeroepen de moeilijke dingen die ons bezighouden te verwerken voor Gods aangezicht.’

‘Uit veel psalmen spreekt ongeduld’

De eerste twee psalmen zijn volgens jou een goede start in de ‘gebedsleerschool’. Waarom?
‘Het psalmboek mag je beschouwen als een leerboek om tot God te spreken: niet over God, in de derde persoon, maar tot God, in de tweede persoon. Er zijn aanwijzingen om Psalm 1 en 2 als inleiding bij dit boek te beschouwen. Beide hebben geen eigen opschrift. De eerste regel van Psalm 1 begint met: “Gelukkig is de mens”. De laatste regel van Psalm 2 sluit ongeveer hetzelfde af: “Gelukkig wie schuilen bij Hem.” De boodschap van Psalm 1 is: je groeit in je geloof wanneer wat jij zegt tot God een antwoord is op wat Hij zegt tegen jou. Dit is bijna te mooi om waar te zijn. In Psalm 2 gaat het over het verzet tegen God en de door Hem aangestelde koning door machthebbers en mensenmassa’s. Wat kun je dan nog betekenen als klein mensje? De boodschap van Psalm 2 is: laat je niet intimideren, bidden heeft wel degelijk zin, want de God tot wie je bidt regeert hemel en aarde.

Samen vormen ze een bijzondere inleiding. Het prachtige ideaal van een mens die bij God wil leven en een psalm waarin de tegenkrachten en machten uit het leven worden beschreven. Daarna komt Psalm 3, het eerste echte gebed, in de rauwe werkelijkheid: David, de door God aangestelde koning, zit diep in de problemen: “Op de vlucht voor zijn zoon Absalom”, zoals het opschrift vertelt.’

Het gebed ‘Hoe lang nog, Heer?’ noem je de ruggengraat van de psalmen. Waarom?
‘In meer dan een derde van de psalmen hoor je mensen klagen. Er spreekt ongeduld uit. Waarom grijpt God niet in? Waarom duurt het zo lang? God heeft zich in liefde aan ons verbonden. Dat is de reden dat de bidder volhoudt. Ik weet niet of we dat vandaag de dag wel veel bidden, dat: hoe lang nog? Het is voor mezelf iets waarin ik nog veel heb te leren.’

Er zit ongelooflijk veel lef en vrijmoedigheid in de psalmen. Zijn wij te brave bidders?
‘Je kunt je afvragen of we ons niet beter voordoen dan we zijn in ons bidden. Het leerboek van de psalmen leert ons dat je best vrijmoedig mag zijn. Ja, daar kunnen we veel van leren.’

Dit artikel verscheen eerder in OnderWeg, een hoopvol en inspirerend magazine voor christenen die God en de kerk liefhebben en midden in het leven staan. Lees magazine OnderWeg 3 maanden gratis, digitaal (via onze app) of op papier. Meld je hier aan.

Delen.

Over de auteur

Embert Messelink is zelfstandig tekstschrijver.

Laat een reactie achter