Ik sta niet toe dat een vrouw onderwijs geeft

0

De laatste decennia hebben de bekende woorden van de apostel Paulus over het zwijgen van vrouwen in de gemeente uit 1 Timoteüs 2:9-15 veel aandacht gekregen. Tal van wetenschappelijke artikelen en boeken zijn verschenen over deze verzen. Maar nu werpt een eeuwenoude roman een heel nieuw licht op dit Bijbelgedeelte.

Restanten van de Artemistempel in Efeze. (beeld Plotitsyna NiNa/Shutterstock)

Restanten van de Artemistempel in Efeze. (beeld Plotitsyna NiNa/Shutterstock)

Volgens de klassieke exegese verbiedt Paulus in dit gedeelte dat vrouwen een leer- of regeerambt bekleden in de kerk. Deze exegese roept veel vragen op. Allereerst is het niet duidelijk wat de achtergrond van dit gedeelte is. Wat speelde er precies in Efeze? Waarom geeft Paulus geboden over het uiterlijk van de vrouw en over het geven van onderwijs? Waarom heeft de kerk de geboden uit vers 9 over het uiterlijk van de vrouw niet gehandhaafd, maar de geboden uit vers 12 over het leren van de vrouw wel? Is er in deze verzen sprake van ambtelijk leren en ambtelijk gezag?

Verder zijn er veel taalkundige onzekerheden. Zo kan het woord authentein in vers 12 vertaald worden met ‘gezag hebben over’, ‘zichzelf gezag toekennen’ en ‘de broek aanhebben’. Ook is niet duidelijk waarom Paulus naar de schepping en zondeval verwijst. Er lijkt een spanning te zijn met Romeinen 5 waar Paulus schrijft dat de zonde door Adam in de wereld is gekomen.

Puzzelstukjes

Gary Hoag onderzoekt in zijn boek Wealth in Ancient Ephesus and the First Letter to Timothy (2015) de positie van rijke vrouwen in Efeze. Hij doet nauwkeurig onderzoek naar alle bronnen die daar licht op kunnen werpen. Hij geeft met name een uitgebreide analyse van de roman Ephesiaca van Xeneophon van Efeze. Zo komt hij tot een verrassende exegese van 1 Timoteüs 2:9-15 waarbij alle puzzelstukjes in deze perikoop in elkaar lijken te vallen.

Hoe komt het dat de roman Ephesiaca niet eerder is bestudeerd in relatie tot de brief van Paulus aan Timoteüs? Het antwoord op deze vraag ligt in de datering van deze roman. Geleerden waren tot voor kort van mening dat dit werk in de tweede of derde eeuw na Christus speelde. Dat is veel later dan de tijd dat Paulus zijn brieven aan Timoteüs schreef. Recent onderzoek laat echter zien dat deze datering minder waarschijnlijk is en vermoedelijk in het midden van de eerste eeuw geschreven moet zijn, dus ongeveer in dezelfde tijd dat Paulus in Efeze verbleef.

Rijke families

Ephesiaca geeft in een goed inzicht in de positie van de stad Efeze en het leven van rijke families in deze stad. Efeze was de heilige stad van de godin Artemis. Van de rijken werd verwacht dat ze de cultus van Artemis niet alleen steunden, maar daarin ook een belangrijke rol speelden. Zij leidden processies, brachten offers, spraken gebeden uit, verkondigden de leer en raadpleegden orakels. Artemis en de elite waren van elkaar afhankelijk: Artemis bezat de rijken en de rijken bezaten op hun beurt Artemis. Verder had keizer Augustus Efeze benoemd als de Romeinse hoofdstad van de provincie Azië. De Efeziërs respecteerden het gezag van de Romeinen en vereerden de keizer. De rijke families plukten de vruchten van deze romanisering: het gaf hun toegang tot lokaal en regionaal leiderschap. En tenslotte, Efeze was rijk en had een grote zeehaven. De rijke families waren van groot belang voor de welvaart van de stad en ondersteunden actief allerlei culturele activiteiten.

Hoag vergelijkt het taalgebruik van Paulus in 1 Timoteüs 2:9-10 met dat van de Ephesiaca. Hij toont aan dat elk Grieks woord uit vers 9 en 10 ook gebruikt wordt in de Ephesiaca. Ook laat hij zien dat in de Ephesiaca de genoemde haarstijl, sieraden en kleding verwijzen naar Artemis: rijke vrouwen in Efeze imiteerden in heel hun verschijning de godin Artemis.

Troost

De Ephesiaca werpt nieuw licht op 1 Timoteüs 2:11-15. Vrouwen speelden een belangrijke rol in de cultus van Artemis. Zij wedijverden onderling om de belangrijkste (priester)rollen te vervullen. Ze verkondigden luidkeels de leer van Artemis. Enkele belangrijke thema’s in die leer waren dat vrouwen zich met geweld de macht toegeëigend hadden, dat ze de oorsprong van de man waren en dus eerder geschapen, dat de man in den beginne werd verleid en niet de vrouw, en dat degenen die Artemis, de godin van de vruchtbaarheid, de rug toekeerden, zouden moeten vrezen voor hun leven.

De rijke vrouwen in Efeze stonden onder grote druk. Hun sociale en politieke positie was afhankelijk van de dienst aan Artemis. Toch keert Paulus zich scherp tegen het dienen van deze godin. Hij wil dat alle mensen zalig worden, tot kennis van de waarheid komen en Jezus Christus leren kennen (vers 4-6). Daarom verbiedt hij gelovige, rijke vrouwen om in hun haardracht, sieraden en kleding Artemis te blijven dienen door haar te imiteren. Ook verzet hij zich ertegen dat deze vrouwen de leer van Artemis luidkeels blijven verkondigen. Hij wijst ze terecht – retorisch heel scherp – met een beroep op de schepping en de zondeval. Ook troost hij de gelovige vrouwen dat ze niet bang hoeven zijn voor de wraak van Artemis: in de weg van het dragen van kinderen zullen ze gered worden. Samenvattend, de verboden en geboden in 1 Timoteüs 2:9-15 kunnen we volledig begrijpen vanuit de positie van rijke vrouwen in Efeze.

Exegetisch bewustzijn

De studie van Hoag luidt niet het einde in van de discussie over 1 Timoteüs 2. Al is het alleen al omdat deze studie – en zo gaat dat in de wetenschap – door andere wetenschappers kritisch bevraagd zal worden. De studie zet ons exegetisch bewustzijn op scherp: bij oude religieuze teksten, zoals de brieven van Paulus aan Timoteüs, weten we vaak weinig van de precieze context en dus moeten we voorzichtig moeten zijn met de toepassing van concrete Bijbelse voorschriften in deze teksten in onze eigen situatie.

Delen.

Over de auteur

Maarten Verkerk is onder meer bijzonder hoogleraar filosofie aan de TU Eindhoven en de Universiteit Maastricht.

Laat een reactie achter