Het is maar wat je normaal noemt!

0

In Zuid-Afrika heerst de coronapandemie natuurlijk ook. Gelukkig zijn er veel en veel minder besmettingen en doden dan bijvoorbeeld in Nederland. Voorlopig althans, want de loop van de pandemie blijft onvoorspelbaar. Maar ook wij kennen een lockdown, een ‘afgrendeling’ in het Afrikaans.

(beeld Mathery / Unsplash)

(beeld Mathery / Unsplash)

Ik heb de tijd om de Nederlandse praattafels op tv te volgen. Aan één daarvan ging het over het ‘nieuwe normaal’, ofwel de anderhalvemetersamenleving. Iemand merkte op dat het nieuwe normaal van die samenleving helemaal niet normaal is. Het is hooguit het tijdelijke abnormaal.

Normaal is dat mensen als sociale wezens elkaar aanraken, van een liefkozende aai over de wang tot een stevige handdruk. We zitten samen in de kroeg of het theater, we lopen samen door de winkelstraat en we staan in de volle trein. Ik voeg eraan toe: we zitten samen in de kerk. Dat is normaal. Wat we nu proberen te doen – samenleven op anderhalve meter van elkaar – is abnormaal, zoals digitaal avondmaal vieren dat is. Dit moet zo tijdelijk mogelijk zijn.

Lichamelijk

Ik denk aan de kerk, waar we proberen digitaal diensten te houden, avondmaal te vieren en de doop te bedienen. De theologische doordenking van digitale sacramentsbediening zal later wel komen; het is voer voor dissertaties, vermoed ik (Gereformeerde sacramentstheologie in het coronatijdperk, 2030). Daar hebben we nu even geen tijd voor, wat best abnormaal is en maar het beste zo tijdelijk mogelijk moet duren.

Normaliter blijft in de kerk als lichaam van Christus het sociale kenmerkend. De kerk is lichamelijk. Heel concreet: in oude tijden hadden we de heilige kus, tegenwoordig de heilige ‘hug’ (elkaar twee – of is het drie? – keer op de lucht naast de wang kussen). We zullen nu misschien moeten leren beleefd maar liefdevol naar elkaar te buigen, zoals christenen in Korea dat doen.

We kunnen meer leren van Korea in deze coronacrisis. In de kerk als gemeenschap der heiligen houden we geen anderhalve meter afstand van elkaar en is de digitalisering van het kerkelijke leven abnormaal en eigenlijk absurd.

Wat is normaal?

We leven in tijdelijk abnormale tijden, die we vooral niet normaal moeten gaan vinden. Maar wat is normaal? Was het oude normaal van vóór de pandemie wel zo normaal? Was het niet al lang bezig dood te lopen in crisis na crisis?

Een paar voorbeelden om ons geheugen op te frissen. Denk aan de politieke crises letterlijk overal in de wereld, die door Covid-19 alleen maar ernstiger lijken te worden. Denk aan de economische crisis, veroorzaakt door de klimaatsverandering (het stikstofdossier in ons land), waar Afrika zwaar onder te lijden heeft en wat de bron is van de migrantencrisis in Europa. Vergeten we niet de eindeloze oorlogen in het Midden-Oosten, waar menselijk leven binnen de puinhopen van verwoeste steden uitzichtloos is. De komende generaties van jihadisten komen hiervandaan. Hoe normaal was het oude normaal?

En dan hebben we het niet eens gehad over de eindeloze crises binnen de intermenselijke relaties in huwelijk en gezin, op school en in de buurt, tussen witte en niet-witte Nederlanders. De anderhalvemetersamenleving was sociaal-psychologisch al lang onder ons. Het is maar wat je normaal noemt!

Oud en nieuw normaal

Tijdens het oude normaal schreef iemand een boek met de titel De meeste mensen deugen. Ik heb het niet gelezen, maar de titel intrigeert me. Ik zou met recht kunnen zeggen: in deze crisistijd zien we hoe waar dat is. Hoeveel mensen deugen niet in de ziekenhuizen, verzorgingstehuizen, opvanghuizen, voedselbanken, noodhulpcentrales en noem maar op?

Tegelijk: zo veel mensen deugen van geen kanten! In Zuid-Afrika zie ik, naast alles wat deugd, zo ontzettend veel ondeugd. Het regeringsgeld dat bedoeld is voor de armsten en de bedrijven die steun het meeste nodig hebben, moet streng bewaakt worden tegen corrupte ambtenaren en instanties die een kans zien zich te verrijken. Politie en leger, op straat om de anderhalvemetersamenleving zichtbaar te ondersteunen, denken ongestraft met geweld het nieuwe normaal te kunnen opleggen, waarbij al doden gevallen zijn. Het oude en nieuwe normaal lopen gewoon door elkaar heen. Dat is het abnormale, dat echter níet tijdelijk is. Of toch wel?

Volgens de Bijbel lopen het oude en het nieuwe normaal gewoon door elkaar heen. Alleen moeten we op een ander vlak over deze termen nadenken. Dus nee, we kunnen de theologie niet missen, ook niet in tijden van crisis. We lezen de Bijbel na op wat oud, nieuw en abnormaal mag heten (Openbaring 21:1-5).

Hij die op de troon zat zei: ‘Alles maak ik nieuw.’ We leven tot dan in het tijdelijk abnormale. Dat houden we vol omdat we uitzien naar het nieuwe normaal dat de Bijbel ons in talloze visioenen tekent: geen dood en geen tranen meer, geen rouw en geen coronavirus, en álle mensen zullen deugen. Want wat er eerst was, is voorbij. Gods woonplaats zal op deze aarde zijn. Samen met allen die deugen leven en werken we vanuit dit perspectief, het paasperspectief.

Delen.

Over de auteur

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Laat een reactie achter