Christelijke politiek

0

Ik zal me in een verkiezingsjaar vanuit Zuid-Afrika niet bemoeien met de Nederlandse partijpolitiek. Maar toch: moet de CU minder links worden?

Christelijk conservatisme heeft momenteel wereldwijd de wind mee. Amerika is er het spraakmakendste voorbeeld van. Zegt Trump: ‘Amerika eerst!’, dan vult zijn evangelische achterban dat in als: ‘Christelijk Amerika eerst!’ Dat maakt Trump niet uit; hij wil herkozen worden. Voor zijn christelijke supporters is dat het hele punt van zijn presidentschap.

In christelijk Amerika is de overheid pro life: tegen abortus en abortusklinieken. Maar pro life geldt niet voor zwarte mannen! Met de Bijbel in de hand vóór een kerkgebouw verklaart de president, na de moord op George Floyd en de erop volgende rellen, dat in christelijk Amerika de samenleving eventueel met overheidsgeweld zal worden beschermd tegen zwarte misdadigers en hun meelopers. God bless America! De theocratische droom is hier een eindtijdelijke nachtmerrie geworden.

Theocratie

Eén van de kenmerken van theocratische politiek is dat de overheid niet religieus-neutraal kan zijn. Als instelling van God (Romeinen 13) is zij onderworpen aan zijn geboden. Via staatswetten kunnen zij dwingend worden opgelegd. Christenen in Amerika voelen zich dan ook verplicht om op scholen het publieke gebed in te voeren, abortus te verbieden en christelijke, conservatieve rechters te laten benoemen. Het land moet beschermd worden tegen de kwade invloeden die christelijk Amerika bedreigen.

In ons land moet de overheid de zondagsrust handhaven: de winkels blijven dicht. De migratieprobematiek bedreigt onze nationale identiteit, verworteld in een Joods-christelijk verleden. Houd migranten en hun vreemde smetten dus buiten de landsdeur. Christelijk Nederland eerst?

De geschiedenis van de theocratie is nergens een succesverhaal (in het Oude Testament al niet). In essentie lijdt politieke theocratie aan eschatologische bloedarmoede. We leven in de tussentijd voor de terugkomst van Jezus, waarin ook christenen vaker niet dan wel deugen. Theocratie is boven onze macht uitgrijpen naar een toekomst die ons door God geschonken wordt (Openbaring 21). Daarvan richten we tekenen op in bescheidenheid en dienstbaarheid.

Bijbelgebruik

Selectief Bijbelgebruik is één van de valkuilen voor theocratische politiek. De pro-lifers in Amerika beroepen zich op het zesde gebod – u zult niet doodslaan – maar vergeten het grote gebod: heb God lief en uw medemens als uzelf (Matteüs 22:37-40). Ongeboren baby’s worden van Godswege beschermd, maar volwassen zwarte mannen worden door vertegenwoordigers van de overheid, de instelling van God, vermoord. Trump bouwt aan een muur om immigranten buiten Amerika te houden, daarin gesteund door zijn christelijke achterban. Leviticus 19:33 (vergelijk hier Ezechiël 47:21-23) wordt vergeten en een (vals) beroep op Ezra-Nehemia moet een onbarmhartig migratiebeleid rechtvaardigen.

Gedwongen of gedrongen?

Een ander punt is hier van belang. De aard van Bijbelse geboden verbiedt hen dwingend op te leggen, zeker aan een seculiere samenleving. Het zijn geen verkeerswetten waaraan we gehoorzamen op straffe van een boete. Zo van: in de Bijbel bestrafte God wetsovertreding, vandaag doet Hij dat door de overheid. Bijbelse geboden zijn echter naar hun aard niet juridisch afdwingbaar, in het Oude Testament al niet.

Neem als voorbeeld Deuteronomium 12-26. Voor we aan de concrete geboden voor de samenleving toekomen, wordt in hoofdstuk 12 eerst gesproken over hoe God aanbeden wil worden op de plaats door Hem gekozen, later de tempel. Gods aanwezigheid daar werd beleefd rond het altaar, onder het gehoor van het onderricht in de wet van Mozes, in de dienst der gebeden. Gezegend vatte men daarna het dagelijkse leven volgens Gods geboden weer op. Kortom, het nakomen van Gods geboden veronderstelt deelname aan de eredienst – vandaag in de kerk.

Christenen weten zich geroepen de geboden na te komen en worden daartoe in staat gesteld door de heilige Geest. God dwingt ons niet om Hem te gehoorzamen. We voelen ons ertoe gedrongen (2 Korintiërs 5:14) door zijn liefde die aan onze gehoorzaamheid voorafgaat. Vergeet ook Deuteronoium 1-11 niet als inleiding op de uitleg van Gods geboden door Mozes: het evangelie gaat aan de wet vooraf: de evangelische wet (Henk de Jong).

Gelovigen, laat staan ongelovigen, kunnen niet door de overheid gedwongen worden om de zondagsrust te eerbiedigen. Door hun manier van zondagsviering kunnen gelovigen anderen misschien overtuigen van hoe goed dat gebod feitelijk is voor een gezond (samen)leven. Dan zou een socialistische partij zomaar ermee eens kunnen zijn: op zondag de winkels dicht. De kleine winkelier en het personeel verdienen het. Zo geldt dat van alle geboden.

Christelijke politiek

Christelijke politiek streeft niet naar macht om het land te (her)kerstenen. In deze tussentijd stelt zij zich bescheiden op, zeker in een geseculariseerde samenleving. Gedrongen door Gods geboden komt zij met voorstellen tot verbetering van het leven voor iedereen. De overtuigingskracht van Gods geboden berust op hun aantrekkelijkheid, ook voor niet-christenen. Het leven wordt er echt beter van.

Natuurlijk lopen we ook tegen grenzen aan, eigen aan de tussentijd waarin we leven. Christelijke politiek kan in een isolement gedwongen worden; alleen dán ligt daar haar kracht. Dat isolement is echter niet haar natuurlijke habitat; dat is de brede samenleving waarin ze haar stem laat horen, redelijk en barmhartig. Ja, behalve redelijkheid is vooral barmhartigheid (Matteüs 12:7) hét kenmerk van christelijke politiek.

Trump-christenen hebben hier geen weet van. Nee, de CU moet niet naar rechts bewegen, ook niet een beetje!

Delen.

Over de auteur

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Laat een reactie achter