‘Door de apocriefe boeken ga je de Bijbel met andere ogen lezen’

Leendert de Jong | 28 november 2020
  • Interview
  • Thema-artikelen

Onbekend maakt onbemind. Dat geldt ook voor de zogenoemde apocriefe boeken die niet hoog op de leeslijstjes van bijbelgetrouwe christenen staan. Terwijl ook die boeken volgens bijbelwetenschapper Arco den Heijer reflecteren op wie God is. ‘Er zit in die boeken veel wijsheid, wij kunnen er onze winst mee doen.’

(beeld Jeremy Ligtenberg)

(beeld Jeremy Ligtenberg)

Arco den Heijer (30) studeerde klassieke talen en theologie. Binnenkort hoopt hij te promoveren aan de TU in Kampen; zijn proefschrift gaat over de beschrijving van Paulus’ publieke optreden in Handelingen: wat valt daarin op en wat zegt dit over het doel van schrijver Lucas met dit boek?

Arco den Heijer is getrouwd en woont in Nijmegen; met zijn gezin is hij betrokken bij de CGKv in diezelfde plaats.

‘De Bijbel zoals wij die kennen, is de canon en bevat de zogenoemde canonieke boeken die gezaghebbend zijn en waarvan we geloven dat ze geïnspireerd zijn door God. Het zijn er in totaal 66. Er is een ontwikkeling geweest in het tot stand komen ervan. In de tijd van het Nieuwe Testament was ‘onze’ canon er vanzelfsprekend niet: de canon was toen wat wij het Oude Testament noemen. Als het gaat om het vervolg, de uitbouw, is er sprake geweest van een proces dat aan het eind van de vierde eeuw na Christus redelijk was afgerond; toen is de lijst met boeken die we nu in onze Bijbels hebben op concilies vastgesteld.’

Was er in de wereld van dat moment één Bijbel?
‘Nee, dat is niet het geval. In de Ethiopische kerk zijn enkele boeken als gezaghebbend aanvaard die het in de Katholieke Kerk niet zijn. Een voorbeeld is het boek 1 Henoch, een joods werk dat niet in het Grieks bewaard is gebleven, maar deze is wel door de Ethiopische kerk in de Bijbel opgenomen bij de boeken van het Oude Testament. Deze kerk betreft een grote oosters-orthodoxe kerk die tot 1959 deel uitmaakte van de Koptisch-orthodoxe kerk.’

‘In Jezus’ tijd werd niet over de ‘Bijbel’ gesproken’

Wat zijn apocriefe boeken nu precies?
‘In de tijd tussen wat wij het Oude en Nieuwe Testament noemen, zijn heel wat boeken ontstaan. Toen was er nog geen harde grens tussen ‘canonieke’ en ‘niet-canonieke’ boeken. We vinden wel een andere indeling: in de proloog van het boek Sirach wordt gesproken over ’de Wet’, ‘de Profeten’, en ‘de andere boeken’. ‘De Wet’ verwijst naar de vijf boeken van Mozes; de ‘Profeten’ naar de boeken van de profeten die wij ook kennen; ook 1 en 2 Samuël en 1 en 2 Koningen worden hiertoe gerekend. De categorie ‘de andere boeken’ bevat boeken als Psalmen en Ester. Deze laatste categorie is open, het lag toen nog niet vast welke boeken daarbij hoorden. Sommige zijn later in het Jodendom buiten de canon gehouden, maar wel opgenomen in de Griekse vertaling van het Oude Testament zoals die in de vroegchristelijke kerk gebruikt werd. Deze boeken worden aangeduid als ‘apocrief’, een veel later bedachte term hiervoor is ‘deuterocanoniek’, letterlijk: behorend bij de ‘tweede canon’. Een bekend voorbeeld is Jezus Sirach. Dit boek is in het Hebreeuws geschreven en door een kleinzoon van de naamgever in het Grieks vertaald. Hij beschouwde het boek waarschijnlijk als een van die ‘andere boeken’. Het is belangrijk om te benadrukken dat deze boeken een minder centrale plaats hadden dan de Wet en de Profeten die wekelijks in de synagoge gelezen werden.’

Zie je die drieslag ook terug in de vertaling van de Hebreeuwse Bijbel in het Grieks die jij hiervoor noemde, de bekende Septuagint?
‘Ja. Daarvan is de Wet het eerst in het Grieks vertaald in de derde eeuw voor Christus. De boeken van de profeten volgden daarna. Wanneer de overige boeken vertaald zijn, is veel minder duidelijk. We weten alleen dat eeuwen later in de oudste handschriften van de volledige Septuaginta, naast de Wet en de Profeten, ook andere boeken van het Oude Testament, inclusief apocriefe boeken, zijn opgenomen. Die handschriften zijn in christelijke kringen gekopieerd en stammen uit de vierde of vijfde eeuw na Christus.’

Welke ‘Bijbel’ kende Jezus?
‘Sowieso moeten we ons ervan bewust zijn dat toen niet over ‘Bijbel’ gesproken werd. Wat Jezus kende, onder meer door zijn opvoeding, was de ‘Schrift’, voor Hem de Wet, de Profeten en de Psalmen. Hij zal ook andere boeken gekend hebben, bijvoorbeeld het ook uit onze Bijbel bekende boek Ester; ook daaruit werd in de synagoge gelezen. Om welke overige ‘andere boeken’ het gaat, is moeilijk te zeggen. Er zijn in uitspraken van Jezus, en in andere boeken van ons Nieuwe Testament, weinig expliciete citaten terug te vinden uit de apocriefe boeken. Het enige expliciete citaat staat in het bijbelboek Judas, waarin een profetie van Henoch genoemd wordt over de Heer die komt; dit citaat komt uit 1 Henoch. Wel zijn er overeenkomsten te vinden tussen wat Jezus zegt en wat je in het boek van Sirach aantreft.’

En wat betekent dit?
‘Dat betekent dat Sirach en Jezus deel uitmaakten van dezelfde joodse denkwereld en beiden onderwijs gaven in een lange traditie van wijsheidsleraars. Dat wordt ook duidelijk als je het Oude en het Nieuwe Testament met elkaar vergelijkt. Dan valt op dat er in het Oude Testament heel weinig gesproken wordt over bijvoorbeeld de duivel of de opstanding van de doden. Terwijl je beide wel nadrukkelijk in het Nieuwe Testament vindt. Er moet dus sprake zijn geweest van het verder doordenken hierover in de apocriefe boeken uit die tussentijd.’

(beeld Jeremy Ligtenberg)

(beeld Jeremy Ligtenberg)

Een laatste, nogal onbekende term: de pseudepigrafen. Waar staat die voor?
‘Ook dit zijn joodse geschriften uit de eerste eeuwen voor en na Christus. De naam betekent: ‘met een vals opschrift.’ Voor de meeste geldt dat zij ten onrechte aan een auteur toegewezen zijn. Bijvoorbeeld het al genoemde 1 Henoch met visioenen die Henoch gezien zou hebben, de man die voor de zondvloed leefde. Het boek is echter pas in de tweede eeuw voor Christus geschreven. Hetzelfde geldt voor 4 Ezra dat een gesprek bevat van Ezra met God, waarin Ezra vraagt waarom de tempel van Salomo verwoest moest worden. Het is echter geschreven door iemand in de eerste eeuw na Christus, die geschokt was door de verwoesting van de tweede tempel in 70 na Christus.

Ik denk overigens niet dat de later levende auteurs de lezer bewust hebben willen misleiden. Waarschijnlijker is dat zij een literair middel, een soort pseudoniem, gebruikt hebben om hun boodschap over te brengen.’

Wat is voor ons de waarde van de apocriefe of deuterocanonieke boeken?
‘In veel van deze ‘andere’ boeken vind je inspirerende verhalen, leer je het Jodendom beter kennen en word je opgebouwd door wijze uitspraken. In Jezus Sirach bijvoorbeeld lees je over hoe God de medicijnen die een arts toedient, gebruikt om mensen te genezen. Zoiets staat nergens in de canonieke bijbelboeken!

‘Jezus is niet ‘van ons’.
Hij hoort bij de Joodse wereld’

Hier komt nog iets bij. Voor ons komt Jezus’ boodschap soms echt als nieuw over. Neem de voorstelling van de Mensenzoon die terugkomt om de wereld te oordelen. Zoiets kom je al wel tegen in Daniël. Maar het is nadrukkelijk ook aanwezig in 1 Henoch waarin geschreven wordt over iemand die al ten tijde van de schepping bij God was. Ik lees een aantal zinnen uit 1 Henoch 48:

‘In dat uur werd die mensenzoon genoemd in aanwezigheid van de Heer der Geesten
en zijn naam voor het Hoofd der Dagen.
Nog voor de zon en de gesternten geschapen werden,
voor de sterren van de hemel werden gemaakt,
werd zijn naam genoemd voor de Heer der Geesten.
Hij zal een staf zijn voor de rechtvaardigen,
om op te leunen en niet te vallen.
Hij zal het licht zijn voor de volken,
hoop voor hen die treuren in hun harten.
(…)
De wijsheid van de Heer der Geesten heeft hem bekend gemaakt
aan de heiligen en rechtvaardigen,
want hij heeft het erfdeel van de rechtvaardigen bewaard.
Zij hebben immers deze tijd van onrechtvaardigheid gehaat en veracht.
Ja, alle daden en wegen van deze tijd hebben zij gehaat in de naam van de Heer der Geesten.
In zijn naam zijn ze gered. Hij is het die hun levens recht doet.’

Hieruit kun je veel leren: de boodschap van Jezus is niet primair ‘nieuw-christelijk’, maar onderdeel van de Joodse context in de tijd van Jezus en daarvoor. Jezus is niet ‘van ons’, Hij hoort bij die Joodse wereld. Het lezen van de apocriefe boeken maakt dus dat je ook de canonieke boeken met andere ogen gaat lezen.’

Even een zijpaadje, terug naar de Septuagint, de Griekse vertaling van de Hebreeuwse Bijbel waarvan de oudste handschriften in de eerste eeuw na Christus beschikbaar waren. Ik las dat de Septuagint belangrijk geweest is bij zendingswerk in die tijd: veel mensen spraken Grieks. Hoe ging dat zendingswerk toen?
‘Ik denk niet dat bij dit werk primair gebruik is gemaakt van een soort boek. Veel belangrijker is geweest het spreken van de apostelen en hun medewerkers over de noodzaak om zich af te wenden van afgoden, om de enige God te dienen, de God die de Wet gegeven heeft, de God van Israël, de God die zijn Zoon stuurde en over wie al in de Profeten gesproken werd.’

Wij zeggen regelmatig: de Bijbel is het gezaghebbende Woord van God. Als ik terughaal wat jij hiervoor gezegd hebt, kun je dit dan wel zeggen? Is er één Bijbel, is er niet veel meer sprake van diepere lagen, van een deels ‘verborgen’ Bijbel?
‘Ik realiseer me dat er rondom de Bijbel inderdaad sprake is van een ingewikkelde gang door de geschiedenis. Maar in diezelfde geschiedenis is men tot de overtuiging gekomen: dit is de canon, dit is het gezaghebbende Woord van God. Al eeuwenlang hebben mensen deze belijdenis aanvaard, er houvast in gevonden. Dat hoef je nu dus niet ter discussie te stellen. Vervolgens kun je, kijkend naar de andere boeken die er zijn, dit zeggen: God heeft zich geopenbaard in de geschiedenis van Israël en uiteindelijk ten volle in Jezus – daar getuigt de Bijbel van. Wat je in de andere boeken aantreft, is ook een reflectie op wie God is, op hoe Hij gehandeld heeft. Er zit in die boeken veel wijsheid. Ook daarmee kunnen wij onze winst doen.’

Over de auteur
Leendert de Jong

Leendert de Jong werkt in de media en is oud-hoofdredacteur van
OnderWeg.

Verschillende gaven, één Geest

Verschillende gaven, één Geest

Bram Beute
  • Beschouwing
  • Thema-artikelen
‘Laten we minder in ons hoofd zitten’

‘Laten we minder in ons hoofd zitten’

Arie Kok
  • Interview
  • Thema-artikelen

Reageer op dit bericht

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief