Joodse anekdote
- Column
De Talmoed vertelt over een groot meningsverschil dat ontstond tussen rabbi Eliëzer (ongeveer 80-120 na Christus) en andere wetgeleerden uit zijn tijd. Rabbi Eliëzer wilde zich niet neerleggen bij een meerderheidsopinie en wilde koste wat kost laten zien dat hij gelijk had. Ondanks alle wonderen waaruit hij kon bewijzen dat het gelijk aan zijn kant was, kreeg toch de meerderheid gelijk.
‘Op die dag maakt rabbi Eliëzer alle tegenwerpingen die hij kon bedenken; men nam ze echter niet van hem aan. Daarop zei hij: “Wanneer de Halacha met mijn opinie overeenkomt, zal deze Johannesbroodboom het bewijzen.” De boom verplaatste zich honderd el van waar hij stond. Sommigen zeggen zelfs vierhonderd el. Maar zij wierpen tegen: “Een Johannesbroodboom kan geen bewijzen leveren.” Daarop zei hij: “Wanneer de Halacha mijn visie volgt, zal dit beekje het bewijzen.” Het beekje stroomde de andere kant op. Ze wierpen weer tegen: “Een beekje levert geen bewijs.” Daarop zei hij: “Wanneer de Halacha is zoals ik meen dat zij is, zullen de muren van dit leerhuis het bewijzen.” De muren bogen naar binnen en dreigden in te storten. Daarop riep rabbi Jehosjoe’a de muren toe: “Wanneer geleerden met elkaar over de Halacha discussiëren, hebben jullie daarmee niets te maken!” De muren stortten daarop niet in uit eerbied voor rabbi Jehosjoe’a, maar richtten zich ook niet helemaal op uit eerbied voor rabbi Eliëzer; tot op de huidige dag staan ze scheef. Daarop zei hij: “Wanneer de Halacha mijn inzicht volgt, zal het bewijs uit de hemel komen.” Toen klonk een stem uit de hemel die zei: “Wat hebben jullie tegen rabbi Eliëzer? De halacha is steeds zoals hij beslist.” Daarop stond rabbi Jehosjoe’a op en zei: (Deuteronomium 30:12): “Lo basjamajiem hie”: zij is niet in de hemel. Rabbi Jirmija antwoordde: “De Tora is op de berg Sinaï gegeven (en bevindt zich dus niet meer in de hemel). Wij slaan geen acht op hemelse stemmen, want al op de berg Sinaï hebt Gij in de Tora geschreven (Exodus 23:2): De beslissing gaat volgens de meerderheid.” Toen rabbi Natan naderhand de profeet Elijahoe ontmoette en informeerde wat de Heilige, geloofd zij Hij, op dat moment gedacht mocht hebben, antwoordde hij: “Hij lachte en zei: “Mijn kinderen hebben mij overwonnen, Mijn kinderen hebben mij overwonnen.”’
Bron:www.kerkenisrael.nl/vrede-over-israel/voi54-3c.php.
Dit artikel is gedeeltelijk afgeschermd. Je kunt tijdelijke toegang krijgen op dit apparaat en in deze browser.
Prijs: €1,00
Toegang is tijdelijk en gekoppeld aan dit apparaat en deze browser. Het wissen van cookies of gebruik van een andere browser betekent dat de toegang vervalt.
