Als pelgrims samen OnderWeg
- Interview
- Thema-artikelen
In 2015 fuseerden de kerkbladen Opbouw (NGK) en De Reformatie (GKv) tot OnderWeg. Ad de Boer (79) stond aan de wieg: ‘Er waren nauwelijks inhoudelijke verschillen tussen de bladen. Én in de kerken speelden dezelfde discussies en onderwerpen.’ Met de fusie liep OnderWeg vooruit op de eenwording tussen de kerken en leverde hieraan ook een bescheiden bijdrage, stelt de Boer.
Hoe is OnderWeg ooit begonnen?
‘Ik zat nog maar net in de redactie van Opbouw (NGK) in 2006 toen we ons realiseerden dat het op 31 oktober van dat jaar veertig jaar geleden zou zijn dat dé Open Brief was geschreven: een brief van vijfenveertig predikanten en kerkleden aan de Tehuisgemeente in Groningen, geschreven middenin de kerkstrijd binnen de vrijgemaakte kerken. De brief was bedoeld als olie op de golven, maar werkte als olie op het vuur. De meerderheid binnen de kerk gebruikte de brief om harde maatregelen tegen de minderheid te nemen. Ik besprak dit met mijn broer Erik die in de redactie zat van De Reformatie (GKv) en we zeiden tegen elkaar: zou het niet een optie zijn dat wij gezamenlijk terugkijken op die Open Brief, de geschiedenis en daarbij ook naar het heden kijken? De brief en de kerkscheuring waren onderdeel van onze gezamenlijke geschiedenis: we waren één en zijn toen uit elkaar gescheurd. Je wordt er niet slechter van, als je samen terugblikt op een traumatische gebeurtenis die een grote rol speelde in het scheuren van de kerk en decennialang mensen van elkaar heeft vervreemd. We kregen de beide redacties mee en hebben toen samen een dikke special gemaakt. De respons was verrassend positief. Hierna verdiepten we onszelf als redacties meer in elkaars bladen en constateerden al vrij snel: eigenlijk schrijven we over dezelfde thema’s op een best vergelijkbare manier. Dit resulteerde in een jaarlijkse gezamenlijke special vanaf 2010. Gaandeweg ontstond het idee om structureler samen te gaan werken. Er waren nauwelijks inhoudelijke verschillen tussen de bladen. Bovendien speelden in de kerken dezelfde thema’s en discussies. Wel hadden we een verschillende opzet, aanvliegroute en eigen kenmerkende sterke punten. Zo had De Reformatie meer gedegen theologische artikelen. Opbouw was sterker in een wat meer journalistieke aanpak en was ook toegankelijker, met veel verhalen over de gemeentelijke praktijk. Samen zouden we elkaar dus goed aanvullen. Dat beide bladen een afkalvend lezersbestand hadden, speelde ook een rol; de krachten bundelen, zou ons ook wat dat betreft steviger doen staan. 1 januari 2015 was het zover: magazine OnderWeg was geboren.’
Eigenlijk schrijven we over dezelfde thema’s op een best vergelijkbare manier
Wat was jullie doelstelling voor OnderWeg?
‘Om samen op te lopen met volgelingen van Jezus die onderweg zijn in en naar Gods koninkrijk en hen daarbij te inspireren en te ondersteunen. Henks Hoksbergen stond als hoofdredacteur samen met mij aan de start van OnderWeg. In het eerste nummer schreven we een stuk dat onze visie uiteen zette. De kerk zagen we als pelgrim en als pleisterplaats. Pelgrim, omdat de kerk altijd onderweg is, in de context van haar tijd. Net zoals Jezus en Paulus leefden en spraken in de context van de tijd. Zo wilden wij ook gericht zijn op de vragen, noden en omstandigheden van al die mensen die onderweg zijn, onze reisgenoten. Maar de kerk is ook een pleisterplaats: een plek om reizigers op adem te laten komen, zodat ze met hernieuwde energie aan de volgende etappe kunnen beginnen. Hoewel het Woord van God altijd hetzelfde blijft, kan het verstaan ervan in een veranderd landschap en nieuwe tijd verschillen en kunnen bijbelwoorden nieuw oplichten en een andere concretiser
ing krijgen. Al reizend kom je immers tot nieuwe ontdekkingen die ook inhoudelijk nieuwe accenten vragen in prediking en onderwijs. Met OnderWeg wilden we midden in deze mix van beweging en vastigheid gaan staan.’
Jij was de eerste drie jaar van OnderWeg hoofdredacteur. Wat zag je als jouw taak?
‘Allereerst gewoon doorgaan waarmee we bezig waren. Met de inhoud van de beide bladen was niks mis. We hebben ervoor gekozen om de thematische aanpak van Opbouw te handhaven om zo de lezers echt wat stevigs te bieden. Daarnaast was Opbouw erg sterk in het in de schijnwerpers zetten van lokale gemeentes en dan met name lokale praktijken: hoe doen ze dat daar en wat kunnen wij daarvan leren? Kerkenraden zijn geneigd om rond allerlei thema’s zelf het wiel uit te vinden, terwijl de realiteit is dat veel gemeenten met dezelfde dingen bezig zijn. Waarom dan niet elkaar daarin tot steun zijn, inspireren en toerusten? Die kwaliteit van Opbouw – ‘Op locatie’ heette die rubriek – wilden we doorzetten in OnderWeg, door die lokale verhalen en ervaringen een platform te blijven bieden. Dat was best een klus. We kregen wekelijks tientallen lokale kerkblaadjes binnen die we moesten doorspitten; daar haalden we onze informatie vandaan. Die eerste jaren hebben we daar veel uitgehaald. Maar dat eindigde met de komst van AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming). Steeds meer kerkenraden wilden daarom hun kerkblad niet meer buiten de eigen gemeente verspreiden. Daardoor is deze rubriek steeds marginaler geworden. Buitengewoon spijtig, want volgens mij was dat een belangrijke functie van het blad. Het had een samenbindend effect en dat kan een kerkgenootschap dat opnieuw begint in een tijd die gekenmerkt wordt door desintegratie goed gebruiken.’
Welke impact heeft OnderWeg gemaakt?
‘De bladenfusie ging mee op de golven van de toenadering tussen beide kerken. Tegelijkertijd liepen we een paar jaar vooruit op die feitelijke eenwording en hebben we een bescheiden bijdrage geleverd dat het zover kwam. De inhoud van OnderWeg liet lezers zien dat in de GKv en de NGK dezelfde thema’s en vragen speelden. Daarnaast kwamen zowel de Nederlands-Gereformeerden als de vrijgemaakten in aanraking met schrijvers uit het andere kamp. Het bracht de andere kerk dichterbij en minder vreemd, op een heel natuurlijke manier. Toen we net begonnen, zagen we dit ook als een spannend risico: het kon er ook voor zorgen dat we abonnees kwijtraakten. Mensen die deze toenadering juist afkeurden. Dat is amper gebeurd, er zijn nooit boze lezersbrieven hierover binnengekomen. Maar op de impact ervan krijg je eigenlijk amper zicht als je bladen of kranten maakt. We hebben door de jaren heen veel mooie verhalen geplaatst die zowel journalistiek als inhoudelijk echt sterk waren. Verhalen met de potentie om lezers weer verder op weg te helpen in hun geloof en leven.’
Wat gebeurde er na die eerste drie jaar?
‘Vanaf 2017 raakte ikzelf steeds meer betrokken bij het kerkelijke herenigingsproces. Ik werd voorzitter van de regiegroep die dat proces ging aanjagen en begeleiden – waarmee ik natuurlijk erg druk was. Daarbij had ik vanaf de start van OnderWeg al gezegd dat ik het ongeveer drie jaar wilde doen. Dus ergens in 2018 heeft Esther de Hek het stokje van mij overgenomen en heeft ze samen met Leendert de Jong, die als adviseur al bij de start van OnderWeg betrokken was geweest, een aantal jaren de kar getrokken. Sindsdien ben ikzelf alleen nog maar als abonnee betrokken geweest. Ik denk dat de afgelopen jaren best pittig moeten zijn geweest voor de OnderWegredactie. Ontlezing is een trend die steeds maar doorzet. En ook de digitale informatie-overload maakt dat weinig mensen nog ‘gemakkelijk’ een blad tot zich nemen. Jammer genoeg heeft OnderWeg nooit een stevige online presentie gekregen – iets wat wel een van onze doelstellingen was in het begin. Ten slotte is er nog het feit dat steeds minder mensen zich identificeren met een kerkgenootschap, laat staan dat ze het blad van dat kerkgenootschap gaan lezen. Een landelijk kerkverband is voor de meeste mensen Verweggistan. Een kerkblad in die traditionele zin heeft het in deze tijd moeilijk.’
Zie jij überhaupt nog wel een toekomst voor een landelijk kerkblad?
‘Ja, maar wel met stevig wat aanpassingen. Het digitale domein moet goed worden aangepakt. Ik denk dat het goed zou zijn als het meer een gespreksplatform wordt – digitaal, maar ook inhoudelijk. Opbouw was hierin altijd sterk. Het zette onderwerpen neer en liet voor- en tegenstanders aan het woord. Dat mocht allemaal best op het scherpst van de snede. Ik denk dat het eraan heeft bijgedragen dat de discussies in de NGK over thema’s als kinderdoop, de vrouw in het ambt en homoseksualiteit niet vreselijk moeizaam zijn verlopen. In de GKv ging dat gepaard met veel meer geknars en geschuur. In hun bladen was er veel minder diversiteit aan meningen. Ik zie daar wel een verband. Maar een kerkblad als gespreksplatform, ja, dat zou in deze tijd ook echt interessant zijn. Ik vind het een wezenlijk onderdeel van kerkzijn, iets wat steeds meer op de achtergrond raakt. Elkaar uitdagen en prikkelen, van elkaar leren. Dat heeft ook te maken met die desintegratie, die ik eerder al even noemde. De vanzelfsprekende eenheid in geloof, kerk en leven is er niet meer. Iedereen moet het nu zelf uitzoeken waardoor je je naakt en verloren kunt voelen in deze wereld. Het zou mooi zijn als een landelijk kerkblad hierin verbindend kan werken, zodat je niet zo alleen staat. Christen-zijn kun je niet alleen. Maar wel op een scherpe en uitdagende manier, want die tendens van ‘jij gelooft dit, ik geloof dit, succes ermee’ vind ik allesbehalve positief. Dat is de dood in de pot. Dan groei je uit elkaar, omdat je je in die onverschilligheid onmogelijk met een ander kunt verbinden. Een landelijk platform waar gelovigen samen zoeken naar wat in het licht van het Evangelie waarheid is, wat wijs is en wat God van ons vraagt, waar het inhoudelijke gesprek wordt gevoerd bij een open Bijbel, als bron en als norm – ik weet zeker dat dat de kerk en de gelovige verder op weg kan helpen.’
Ad de Boer (79) was omroepbestuurder (EO, NOS), kerkbestuurder (NGK en als voorzitter Regiegroep betrokken bij de eenwording met de GKv) en gemeenteraadslid voor de ChristenUnie. Boven alles voelt hij zich journalist. Als zodanig was hij actief bij Koers, Opbouw en OnderWeg. Hij is getrouwd met Ineke, vader van zeven kinderen en opa van eenentwintig kleinkinderen en twee achterkleinkinderen.
Dit artikel is gedeeltelijk afgeschermd. Je kunt tijdelijke toegang krijgen op dit apparaat en in deze browser.
Prijs: €1,00
Toegang is tijdelijk en gekoppeld aan dit apparaat en deze browser. Het wissen van cookies of gebruik van een andere browser betekent dat de toegang vervalt.Elze Riemer is godsdienstwetenschapper en journalist.

